Meer dan veertig jaar wist hij uit handen van de politie te blijven. Tot 2006. Nu is een van de beruchtste Italiaanse maffiabazen, Bernardo Provenzano op 83-jarige leeftijd overleden in een ziekenhuis in Milaan.

1963 is de laatste keer dat maffiakopstuk Bernardo Provenzano in het openbaar verschijnt, vlak voor de Italiaanse rechtbank hem veroordeelt voor moord. Daarna houdt hij zich verscholen.

Hij weet 43 jaar lang uit de handen van justitie te blijven. Een team geheim agenten maakt tientallen jaren continu jacht op de leider van de Italiaanse georganiseerde misdaad. Daarbij laten ze compositiefoto’s maken om een idee te krijgen van zijn gelaat. De laatste foto van Provenzano waarover de politie beschikt is bijna een half eeuw oud.

Meerdere malen wordt Provenzano voor dood gehouden. Zelfs zijn advocaat beweert dat hij al jaren niet mee leeft. Volgens hem hebben maffiakringen er belang bij iedereen te laten geloven dat Provenzano nog in leven is om zo de eigenlijke leiders van de maffia op Sicilië buiten de schijnwerpers te houden. Ook nadat Provenzano’s vrouw en zoons in 1992 in de openbaarheid treden, gaan er geruchten over het overlijden van de maffioso.

Pakjes met wasgoed

Provenzano stuurt de maffia aan via geschreven briefjes die enkele vertrouwelingen overbrengen. En zijn vrouw zendt hem geregeld pakjes met onder meer schoon wasgoed.

Dat valt op, en zo komt de politie hem uiteindelijk op het spoor. Op 11 april 2006 slaan ze toe. Provenzano wordt op een bouwvallig boerderijtje aangehouden bij zijn Siciliaanse woonplaats Corleone, een stad vlak bij Palermo die bekend werd door de Godfather-films.

De crimineel is verrast, maar verzet zich niet fysiek tegen zijn aanhouding. Wel probeert hij vergeefs de agenten ervan te overtuigen dat hij iemand anders is.

Uit een bandje dat de politie vindt op zijn schuiladres blijkt dat Provenzano voor zijn arrestatie luisterde naar muziek uit de filmtrilogie The Godfather. Daarvoor gebruikte hij een walkman om te voorkomen dat het geluid zijn aanwezigheid zou verraden.

Carrière in de misdaad

De baas der bazen wordt op 31 januari 1933 in het Siciliaanse dorp Corleone geboren en is als tiener al actief in de Cosa Nostra, de overkoepelende criminele organisatie van de verschillende Siciliaanse maffiafamilies. De jonge Provenzano schrikt niet terug voor moord en andere misdaden.

Hij is in de jaren vijftig de linkerhand van maffiabaas Luciano Leggio en roeit tientallen tegenstanders van zijn baas uit. Zijn bijnaam is 'De Tractor', omdat hij vijandelijke maffialeden zonder pardon neermaaide.

Provenzano neemt in 1993 het roer over van de toenmalige maffiatopman Salvatore 'Toto' Riina na diens arrestatie. Volgens geruchten zorgde een tip van Provenzano zelf ervoor dat de Italiaanse politie Riina kon arresteren.

De nieuwe leider zet de maffia snel naar zijn hand en dankt daaraan een andere bijnaam, De Accountant. De Siciliaanse misdaadorganisatie wordt economisch efficiënter en minder bloedig onder zijn regie. De concurrentie tussen lagere maffiabazen vermindert dankzij Provenzano.

Parkinson

De laatste tien jaar van zijn leven slijt Provenzano alleen in een streng bewaakte cel, afgeschermd van de buitenwereld. Hij krijgt Parkinson en is er lichamelijk en psychisch slecht aan toe.

Aanklagers vinden dat de bejaarde baas der bazen geen risico meer voor de samenleving vormt en willen dat de minister van Justitie het strenge regime versoepelt. Maar die denkt daar anders over en verlengt in 2014 het strenge gevangenisregime met twee jaar.

Woensdag is Provenzano op 83-jarige leeftijd overleden in het San Paolo-ziekenhuis in Milaan, hebben de gevangenisautoriteiten bekendgemaakt. Hij onderging daar een behandeling tegen kanker. Ook de man die zelf tientallen levens nam, ontkomt niet aan de dood.

Dit artikel is oorspronkelijk verschenen op z24.nl