• De organisatie van de Dutch Grand Prix in Zandvoort stevent dit jaar af op een verlies.
  • Vanwege de coronamaatregelen kan slechts twee derde van het beoogde aantal toeschouwers de drie racedagen bezoeken.
  • De organisatie moet het doen zonder overheidssteun, iets wat uniek is in de wereld van grote sportevenementen.

“Asociaal.” “Machtsmisbruik.” “Een bizarre gedachte.”

Groot was de ophef toen bekend werd dat prins Bernhard artiesten had gevraagd om gratis op te treden bij de Formule 1 in Zandvoort. Of nou ja, gratis? De onkosten werden vergoed en muzikanten kregen vrijkaarten. Maar een gage zat er niet in.

Later bond de organisatie in. De dj’s die tijdens het weekend publiek op de tribunes vermaken, krijgen toch betaald. Alleen zangeres Davina Michelle zingt zondag voor niets het volkslied. Omdat ze het een eer vindt, aldus haar woordvoerder.

De gang van zaken verdient geen schoonheidsprijs, erkende ook prins Bernhard. Hij bood via presentator Humberto Tan zijn excuses aan. Maar het toont wel een belangrijk punt aan: dat het organiseren van een Formule 1-race bepaald geen vetpot is.

Initiatief van prins Bernhard

Het initiatief om de Formule 1 terug te halen naar Nederland kwam van de prins, zelf verwoed autocoureur én mede-eigenaar van het circuit.

Lees meer: Het flitsende leven van prins Bernhard van Oranje, die ook eigenaar is van het racecircuit van Zandvoort

Bernhard kreeg directeur Robert van Overdijk enthousiast en het duo presenteerde in november 2017 een haalbaarheidsonderzoek met een positieve uitkomst. Ze rekenden op succes vanwege de populariteit van Max Verstappen.

Precies een jaar later kreeg Circuit Zandvoort het aanbod van Formula One Management (FOM) om in 2020 een race te organiseren.

Sportief directeur Jan Lammers en Chase Carey van de Formula One Group in mei 2019 tijdens de ondertekening van de overeenkomst van de Grand Prix. Foto: ANP/Remko de Waal
Sportief directeur Jan Lammers en Chase Carey van de Formula One Group in mei 2019 tijdens de ondertekening van de overeenkomst van de Grand Prix. Foto: ANP/Remko de Waal

Een maand daarvoor was toenmalig wedstrijdleider Charlie Whiting op het circuit in de Noord-Hollandse badplaats voor een inspectie en hij had betrekkelijk weinig aan te merken. Het circuit kon naar zijn mening met vrij eenvoudige ingrepen Formule 1-waardig worden gemaakt.

Geen subsidie van de overheid

Het aanbod betekende dat het circuit op zoek moest naar 30 tot 40 miljoen euro. Dat geld moest grotendeels uit de particuliere sector komen, want het kabinet weigerde een subsidie van 5 miljoen euro per jaar toe te kennen.

“Wees effe stoer en los dat zelf op”, zei premier Mark Rutte in 2018. Hij vond dat het bedrijfsleven de komst van de Formule 1 maar moest betalen.

Dat is een vrij unieke situatie voor een sportevenement van deze omvang, schetste Menno de Pater van economisch onderzoeksbureau Decisio tegen persbureau ANP. Hij deed onderzoek naar de economische impact en de haalbaarheid van de race, in opdracht van Circuit Zandvoort en de gemeente Zandvoort.

“Bij andere internationale sportevenementen zoals een start van de Giro of de Tour de France, is een forse bijdrage van de overheid aan de organisatie altijd noodzakelijk gebleken. Dat geldt ook voor evenementen met kaartverkoop zoals een WK voetbal of Olympische Spelen”, aldus De Pater.

Consortium van bedrijven springt bij

Ook zonder overheidssteun slaagde de organisatie van de Dutch Grand Prix erin de benodigde miljoenen bij elkaar te harken. Nederlandse bedrijven als Pon, VolkerWessels, Jumbo, CM.com, Talpa Network en Heineken droegen financieel bij.

Daarnaast werkt de Formule 1 met internationale, wereldwijde partners, waaronder vliegmaatschappij Emirates, de Saudische oliereus Aramco, DHL, Pirelli en Rolex.

Ook de gemeente Zandvoort droeg nog een steentje bij aan het Nederlandse evenement met een investering van 4 miljoen euro. Dat geld is besteed aan een betere bereikbaarheid van het circuit.

Een deel van de miljoenen was bestemd voor verbeteringen aan de racebaan, tribunes, paddock en persvoorzieningen.

De grootste kostenpost was echter de afdracht aan eigenaar Liberty Media van de Formule 1, die 20 miljoen euro vraagt van een organisatie om als gastheer te mogen optreden van een race. Die ‘fee’ moet ieder jaar worden afgestaan en is voor veel circuits een zware financiële last.

Corona slaat een gat in de begroting

3 mei 2020 had het dan eindelijk moeten gebeuren: de eerste Dutch Grand Prix in de Zandvoortse duinen in ruim drie decennia. Maar de uitbraak van het coronavirus strooide zand in de motor. De race werd uiteindelijk geschrapt van de kalender.

En ook dit jaar heeft de pandemie grote invloed op de Grand Prix. Vanwege de coronamaatregelen kan slechts twee derde van het beoogde aantal toeschouwers de drie racedagen bezoeken. De begroting van ongeveer 50 miljoen euro zal daarom waarschijnlijk niet sluitend zijn.

Publiek achter de hoofdtribunes tijdens de eerste vrije training op het circuit van Zandvoort. Foto: ANP/Koen van Weel
Publiek achter de hoofdtribunes tijdens de eerste vrije training op het circuit van Zandvoort. Foto: ANP/Koen van Weel

De drie bedrijven achter de organisatie van Dutch Grand Prix, Circuit Zandvoort, SportVibes en TIG Sports, zullen de eventuele verliezen van het evenement op zich nemen.

“Wij hebben besloten te investeren in de toekomst van de Formule 1 in Nederland. Het geloof in de ambitie om het grootste Ultimate Race Festival van de wereld te organiseren blijft voor de komende jaren het uiteindelijke doel”, schreven de drie in een toelichting. Een bedrag wilde een woordvoerder van de organisatie niet noemen.

Uitgaven van bezoekers in Zandvoort

Ook onderzoeker De Pater wilde geen uitspraken doen over wat verminderde bezoekersaantallen en coronamaatregelen gaan doen met de bestedingen en de berekeningen van Decisio.

Het onderzoeksbureau concludeerde in 2017 dat bezoekers, teams en media gezamenlijk 57 miljoen euro zouden uitgeven in Nederland per jaar dat een Formule 1-race in Zandvoort wordt verreden.

“Het laat zich lastig voorspellen hoe dat precies uitpakt. Campings, hotels en bungalowparken in Zandvoort en omgeving zijn in ieder geval beter bezet dan wanneer het evenement er niet zou zijn”, zei hij tegen ANP.

In 2022 en 2023 zijn er in ieder geval ook races op het circuit van Zandvoort. Er is een optie om daarna nog eens twee jaar door te gaan. Hoe de organisatoren het verlies van dit jaar de komende jaren willen rechttrekken, is nog niet bekend.

Meer over Formule 1? Check dan ook eens deze artikelen: