Klaas Dijkhoff heeft geen idee hoe de wachtgeldregeling precies werkt. Na alle ophef die is ontstaan over de 37.000 euro die hij jaarlijks ontvangt boven op zijn Kamersalaris wilde de VVD-fractievoorzitter afzien van de rest van zijn wachtgeld. Maar dat kan helemaal niet volgens de huidige wet.

Of Dijkhoff houdt zijn wachtgeld, of hij stort alles wat hij heeft ontvangen terug. Er is geen middenweg, iets waar het ministerie van Binnenlandse Zaken de voormalig Slimste Mens-winnaar fijntjes op wees. Dus laat Dijkhoff toch zijn wachtgeld overboeken en stort hij de toeslag vanaf nu elke maand terug.

Dijkhoff is niet de eerste politicus die struikelt over wachtgeld. Het is misschien wel het gevoeligste onderwerp op het Binnenhof. En niemand lijkt precies te weten hoe het zit en wat door de beugel kan.

Waarom is wachtgeld ooit in het leven geroepen en wie heeft er recht op? Acht prangende vragen over dit politiek controversiële onderwerp.

1. Wat is wachtgeld precies?

Wachtgeld is de informele naam voor de uitkering voor oud-bestuurders die is vastgelegd in de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers (Appa). Deze wet uit 1969 regelt de toekenning van een ontslaguitkering en pensioen aan politieke ambtsdragers en pensioen aan hun nabestaanden.

Vertrekkende Kamerleden en bewindslieden hebben recht op een uitkering van maximaal drie jaar en twee maanden. Ze krijgen het eerste jaar na hun afscheid 80 procent van hun salaris doorbetaald en de jaren daarna 70 procent.

Voor de hoogte van dit inkomen geldt in principe geen maximum. Een minister verdient 165.916 euro bruto, inclusief vakantiegeld en eindejaarsuitkering. Dus het wachtgeld bedraagt in het eerst jaar ruim 132.000 euro, daarna iets meer dan 116.000 euro. Een Kamerlid ontvangt ruim 120.000 euro bruto op jaarbasis.

Lees ook op Business Insider

Om oud-politici te stimuleren nieuw werk te zoeken, mag het salaris worden aangevuld met wachtgeld. Maar alleen als een politicus minder verdient dan in zijn vorige functie. Stel een politicus verdiende 100.000 euro per jaar, dan ontvangt hij in zijn eerste jaar zonder baan 80.000 euro wachtgeld. Vindt hij een nieuwe baan met een salaris van 60.000 euro, dan mag hij dat aanvullen met 20.000 euro uit de wachtgeldregeling.

Op het moment dat er een nieuwe baan wordt gevonden met een vergelijkbaar of hoger salaris wordt de wachtgelduitkering stopgezet.

2. Wie heeft er recht op?

De regeling geldt voor ministers, staatssecretarissen, Tweede Kamerleden, wethouders en gedeputeerden.

De uitkering is in het leven geroepen omdat bestuurders in principe een tijdelijke benoeming hebben die abrupt kan eindigen bijvoorbeeld door een motie van wantrouwen of bij nieuwe verkiezingen. Deze wet moet voorkomen dat politici niet van het een op het andere moment met lege handen komen te staan. Of dat ze vlak voor het verstrijken van hun ambtsperiode alvast op baantjesjacht gaan.

3. Vanaf wanneer hebben bestuurders recht op wachtgeld?

In principe is de duur van de wachtgelduitkering gelijk aan de duur van de vervulling van de politieke functie, met een maximum van drie jaar en twee maanden. Wie na minder dan twee jaar zijn ambt heeft verlaten, krijgt twee jaar wachtgeld. Bewindslieden die minder dan drie maanden in functie waren, hebben echter ‘slechts’ zes maanden recht op een vergoeding.

Dit werd aangepast in de wet na het vertrek van staatssecretaris Philomena Bijlhout in 2002. Zij moest al een paar uur na haar beëdiging aftreden, omdat bekend werd dat ze in Suriname lid was geweest van een burgermilitie. Toch had ze recht op twee jaar wachtgeld.

4. Waarom stopt het wachtgeld niet zodra bewindslieden een nieuwe baan hebben gevonden?

GroenLinks-Kamerlid Isabelle Diks, die onder vuur kwam te liggen toen bekend werd dat ze haar inkomen van ruim een ton aan bleef vullen omdat ze voorheen als wethouder in Leeuwarden meer verdiende, motiveerde het als volgt tegenover de Volkskrant: “Ik ben 8,5 jaar wethouder geweest, dan heb je een bepaald bestedingspatroon. Ik heb me er niet op kunnen voorbereiden dat mijn inkomen achteruit zou gaan, omdat ik heel plotseling met voorkeursstemmen in de Kamer kwam.”

Uiteindelijk heeft Diks na overleg met de fractie haar regeling echter toch stopgezet en zal zij het ontvangen wachtgeld terugbetalen.

5. Krijgen bewindslieden ook wachtgeld als ze de politiek verlaten?

Ja, het maakt voor het recht op een wachtgelduitkering niet uit welk carrièrepad een oud-bewindspersoon kiest na zijn of haar vertrek uit de politiek. Wel wordt van hen verwacht dat ze actief op zoek gaan naar een nieuwe baan of functie, net als mensen die een ‘gewone’ uitkering ontvangen.

6. Kunnen politici ook wachtgeld weigeren?

Jazeker. Er zijn ook politici die uit zichzelf beslissen om geen gebruik te maken van hun recht op wachtgeld, zoals voormalig PvdA-bewindspersonen Lodewijk Asscher en Lilian Ploumen.

“Ik ben niet van de school die helemaal tegen een wachtgeldregeling is”, legde Ploumen uit aan de Volkskrant. “Het is bedoeld als overbrugging voor iemand die geen baan kan vinden, maar als Kamerlid met een heel mooi salaris heb je geen wachtgeld nodig. Je hebt er formeel misschien recht op, maar ik vind dat een Kamerlid de plicht heeft te handelen naar de geest van zo’n regeling. Dat doe je niet als je in onze situatie kiest voor wachtgeld.”

7. Hoe zit dat nou precies met Klaas Dijkhoff?

De VVD-fractievoorzitter blijkt zo’n 37.000 euro per jaar aan wachtgeld te ontvangen omdat hij  in de vorige kabinetsperiode staatssecretaris en minister was. Hij vindt zelf dat hij daar recht op heeft en noemde het tegenover de Volkskrant ‘uitgesteld loon’ en ‘onderdeel van de arbeidsvoorwaarden’ van bewindspersonen.

Deze week besloot hij na een storm van kritiek om in te binden. Dijkhoff is niet van plan het tot nu toe ontvangen bedrag – zo’n 80.000 euro – terug te betalen. Hij zal daarom zijn wachtgelduitkering voorlopig blijven ontvangen, maar er wordt nu gezocht naar een manier om het geld na ontvangst weer terug te storten.

8. Kun je als bewindspersoon de wachtgeldregeling zomaar stopzetten?

Dat kan, maar volgens de wet kan de uitkering alleen tussentijds worden stopgezet als het hele bedrag dat tot dan toe is ontvangen wordt terugbetaald. Er wordt wel gewerkt aan een wetswijziging waardoor het mogelijk wordt de uitbetaling tijdelijk en voor een deel te stoppen, maar die wetswijziging is nog niet van kracht.

Lees meer over Nederlandse politici: