ANALYSE – Lof, verontwaardiging en verbazing. De dag na de ingelaste persconferentie waarin minister van Financiën Wopke Hoekstra bekendmaakte dat de Nederlandse staat het belang in Air France-KLM vergroot naar 12,68 procent zijn de reacties gemengd.

Met de aankoop is  680 miljoen euro gemoeid. De Nederlandse overheid streeft ernaar om uiteindelijk een vrijwel gelijkwaardig belang als de Franse staat te verwerven, te weten ruim 14 procent. In een brief aan de Tweede Kamer zegt Hoekstra “het grote publieke belang” van Schiphol en KLM veilig te willen stellen.

Het regeringsbesluit volgt op de machtsstrijd binnen het bedrijf tussen KLM-directeur Pieter Elbers en Ben Smith, CEO van moederbedrijf Air France-KLM.

De slechte onderlinge verhoudingen tussen de bestuurders van KLM en Air France vormen een belangrijke oorzaak voor de problemen waar de luchtvaartmaatschappij al jaren mee kampt. De Franse minister van Financiën en Economische Zaken Le Maire reageerde woensdagochtend met nauwelijks verholen irritatie op de plannen van het kabinet, waarover de Franse staat volgens hem niet van tevoren was geïnformeerd.

De vraagt rijst of een groter Nederlands aandelenbelang de oplossing vormt voor de aanhoudende problematiek bij Air France-KLM. Dit zijn vier belangrijke vragen na de onverwachte stap van het kabinet.

1. Welke impact heeft de aanschaf op de Frans-Nederlandse relaties?

De Nederlandse staat bezat al een aandeel van 5,9 procent in dochtermaatschappij KLM en bemoeide zich als aandeelhouder actief met de herbenoeming van directeur Pieter Elbers.

Elbers staat bekend als de bestuurder die ervoor zorgt dat KLM als het kleinere broertje binnen de Frans-Nederlandse luchtvaartcombinatie relatief sterk presteert en wordt door de Fransen als lastig ervaren.

Lees ook op Business Insider

Lees meer: Hoe Pieter Elbers zich onmisbaar maakte bij KLM

De gebeurtenissen van de afgelopen 24 uur zorgen er volgens analisten dan ook voor dat de Frans-Nederlandse relaties verder verzuren, zowel binnen het bedrijf als in de internationale politiek. Volgens NOS-correspondent Frank Renout zien de Fransen de stap als een “motie van wantrouwen voor de nieuwe topman Ben Smith”.

Le Maire benadrukte het belangrijk te vinden dat de Frans-Nederlandse maatschappij wordt geleid “in het algemeen belang, zonder inmenging van nationale regeringen”. Daarbij ging de Franse minister voorbij aan het feit dat Frankrijk zelf een belang van 14,3 procent heeft.

Le Maire en Hoekstra lagen eind vorig jaar al in de clinch, omdat Nederland aanvoerder is van een groep landen die zich tegen de Franse plannen voor een Europese begroting heeft gekeerd. Ook het politieke getouwtrek rondom de afschaffing van het pulsvissen heeft de Frans-Nederlandse banden geen goed gedaan.

2. In welke mate versterkt een groter belang de positie van Nederland binnen het vliegbedrijf?

Volgens Hoekstra is de invloed van KLM sinds de samenwerking met Air France in 2004 “geërodeerd”. De Nederlandse overheid verloor haar zeggenschap in de combinatie in 2010. Het Nederlandse kabinet wantrouwt het Franse overwicht en vreest dat de staat te weinig invloed heeft op KLM  om het Nederlandse belang goed te kunnen behartigen en tot een succes te maken, aldus Hoekstra.

De Franse staat en haar partnermaatschappijen zijn met 14,3 procent de grootste aandeelhouder in Air France-KLM. Volgens planning trekt Nederland de stand in de nabije toekomst nagenoeg gelijk.

Wel zal de Nederlandse overheid nog zeker twee jaar moeten wachten, voordat de invloed bij Air France-KLM even groot is als die van Frankrijk. Aandeelhouders die minimaal twee jaar zijn blijven zitten, hebben sinds 2015 namelijk dubbel stemrecht. Frankrijk heeft dit al, Nederland de komende twee jaar nog niet.

3. Is de investering in aandelen Air France-KLM naar verwachting rendabel?

Op Twitter sneerde Forum voor Democratie dat de Nederlandse staat de aanschaf beter in 2015 had kunnen doen, toen het aandeel 6 euro kostte. Het is waar dat de staat de koop niet op een gunstig moment heeft gedaan. Maar de koers van Air France-KLM over de laatste vijf jaar toont vooral hoe volatiel deze is.

Naast de koers is er dan nog het verhoogde dividend dat de Nederlandse staat als aandeelhouder mogelijk ontvangt. ‘Mogelijk’ is hierbij echter direct het sleutelwoord: de laatste keer dat Air France-KLM dividend uitbetaalde was in 2009. Of de investering rendabel is, is dus een kwestie van koffiedik kijken.

4. Had de 680 miljoen euro ook ergens anders aan uitgegeven kunnen worden?

Ziekenhuizen, onderwijs, klimaatmaatregelen, huishoudboekjes van de gewone man… politici die zich niet kunnen vinden in de investering buitelen over elkaar heen om andere bestedingsdoelen voor de 680 miljoen euro te opperen. Belastinggeld kan de belastingbetaler immers maar één keer ophoesten.

Maar in de Kamerbrief van dinsdag maakt minister Hoekstra al duidelijk dat de aankoop geen “rechtstreekse gevolgen” heeft voor de belastingbetaler. De Nederlandse staat leent voor de transactie op de financiële markten en verkrijgt in de vorm van de staatsdeelneming een groter bezit.

De verwerving van de aandelen “verloopt in beginsel neutraal”, stelt Hoekstra. De belastingbetaler is dus niet direct 680 miljoen euro (zo’n 85 euro per huishouden) kwijt en zonder de aanschaf had de overheid dus ook niet plotseling 680 miljoen euro vrij te besteden.

Wel neemt de overheidsschuld toe, maar de staat kan op dit moment vrij goedkoop lenen, zeker als het om leningen met een korte looptijd gaat.

De rentelasten vallen in beginsel wel onder de jaarlijkse staatsuitgaven, maar zelfs als de staat voor een langlopende lening van 10 jaar kiest, dan kost dat bij de huidige ultralage rente van 0,2 procent slechts zo’n 1,4 miljoen euro per jaar. En dus geen 680 miljoen euro.

Lees meer: