Aandeelhouders en schuldeisers van grote banken kunnen vanaf 2016 sneller worden aangesproken, als een bank in de problemen komt.

Europese banken die dreigen om te vallen moeten niet vanaf 2018, maar al in 2016 proberen eerst zichzelf te redden van de ondergang.

Onderhandelaars van het Europees Parlement en de Europese Raad hebben woensdagavond een akkoord gesloten over het versneld invoeren van nieuwe regels, die de belastingbetaler moeten ontzien bij een eventuele ontmanteling (bail in) van een bank.

Mocht een bank vanaf 2016 in grote problemen komen, moeten naast aandeelhouders ook obligatiehouders en spaarders met achtergestelde deposito’s meebetalen aan een reddingsplan of een ontmanteling. Plan is om hiervoor ten minste 8 procent van de balans van een bank aan te spreken.

Reguliere spaarders blijven tot 100 duizend euro buiten schot, via de dekking van het depositogarantiestelsel, als een grote bank in de problemen komt.

Nationale bankfondsen dekken elkaar

Daarna zouden ook andere banken, door middel van een door de nationale bankensector gefinancierd fonds, moeten bijspringen. Dit voor maximaal 5 procent van de verplichtingen van een bank. De ministers van Financiën van de landen van de Europese Unie werden het daarover in juni al eens.

Duitsland heeft uiteindelijk wel ingestemd met een vorm van solidariteit: als een nationaal noodfonds het niet redt om het omvallen van een bank op te vangen, zullen nationale noodfondsen van andere landen bijspringen.

Lees ook op Business Insider

De ministers van de eurolanden besloten dinsdag al, na taaie onderhandelingen, dat de bestaande nationale fondsen geleidelijk moeten samensmelten tot een Europese pot die uiteindelijk 50 tot 55 miljard euro zou moeten omvatten.

Het gaat erom de overheid, en dus de belastingbetaler, te ontzien. Ter vergelijking: tijdens de jongste bankencrisis vloeide er van 1 oktober 2008 tot 31 december 2011 ruim 1615 miljard euro overheidsgeld om zieke banken overeind te houden. Volgens Brussel ging het in die periode in Nederland om 95,16 miljard.

Bron: ANP/Z24

Dit artikel is oorspronkelijk verschenen op z24.nl