Gemeenten lopen tegen flinke kostenposten aan door het overheidsbeleid voor niet-afbreekbare schadelijke stoffen die in de grond terecht komen (PFAS). Projecten liggen stil, lopen vertraging op of zijn uitgesteld. Ook maken gemeenten hoge kosten door de maatregelen die ze moeten treffen, zoals het instellen van depots om grond op te slaan.

Dat stelt de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) op basis van een onderzoek dat het heeft gedaan. Daaraan deden 208 van de 355 gemeenten mee. Uit de enquête blijkt dat 58 procent van deze gemeenten last heeft van de problemen rond de regels voor schadelijke stoffen en 19 procent verwacht die binnenkort te krijgen.

Tientallen projecten liggen stil of lopen vertraging op. In meer dan de helft van de gevallen gaat het om woningbouwprojecten, aldus de VNG. Maar ook onderhoudswerkzaamheden en de aanleg van wegen en bruggen liggen stil of zijn vertraagd.

“De kosten van vertraagde projecten, bodemonderzoeken en het maken van de opslagplekken lopen op van tienduizenden tot meer dan 100.000 euro per gemeente. Wij vinden het niet meer dan billijk dat het Rijk ons hier in tegemoet komt”, stelt Tjeerd van der Zwan, burgemeester van Heerenveen en lid van de VNG-commissie Milieu.

PFAS is een verzamelnaam voor schadelijke stoffen die niet afbreekbaar zijn en veel in de grond voorkomen. Door strengere milieuregels is het verplaatsen van grond aan banden gelegd.

Lees meer over de stikstofcrisis:

Lees ook op Business Insider