Griekenland kreeg dinsdag groen licht van zijn Europese schuldeisers voor verlenging van het internationale steunprogramma, in ruil voor het nakomen van lopende afspraken voor bezuinigingen en hervormingen. De hoop dat Griekenland zijn schulden uiteindelijk afbetaalt, is daarmee nog niet vervlogen. Per Nederlander gaat het om minimaal 700 euro.

Geen Grexit, maar een voortzetting van het steunprogramma voor Griekenland, als de regering van de linkse Syrizapartij zich aan afspraken met zijn Europese schuldeisers houdt. Dat was de uitkomst van het zoveelste overleg van de ministers van Financiën van de eurozone. Zie ook het artikel: groen licht eurolanden voor verlenging Grieks steunprogramma.

Op de achtergrond staat draait het nog altijd om de torenhoge Griekse staatsschuld. Hoewel Griekenland relatief weinig rente betaalt over de schuld, dankzij soepele voorwaarden van zijn Europese partners en het Internationaal Monetair Fonds (IMF), is de schuld zelf in verhouding tot de economie veruit de hoogste van alle eurolanden.

Griekse staatsschuld: vooral in handen Europa

Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) schetste dinsdag kort hoe de Griekse schuld is verdeeld. In het derde kwartaal van 2014 liep de Griekse overheidsschuld op tot 176 procent van het nationaal inkomen, wat neerkomt op 29 duizend euro per Griek. Na Griekenland hebben Italië en Ierland de hoogste schulden, ruim 130 procent van het nationaal inkomen.

Sinds de herstructurering van de Griekse schuld in 2010 bestaat deze nog maar voor een klein deel uit verhandelbare obligatieleningen die aan de beurs zijn genoteerd. Het grootste deel van de schuld betreft langlopende, niet-verhandelbare leningen aan de andere Euroepse landen en het IMF. In het derde kwartaal van 2014 had Griekenland 245 miljard euro aan dergelijke leningen uitstaan op een totale schuld van 316 miljard euro.

Noodfonds EFSF

De bijdrage per Europese lidstaat is deels geregeld via het noodfonds EFSF, dat voor 195 miljard euro aan leningen heeft verstrekt aan Griekenland. Binnen het EFSF wordt gewerkt met een verdeelsleutel die gebaseerd is op het nationaal inkomen.

Ruim een kwart van de leningen uit het EFSF is verstrekt door Duitsland, gevolgd door Frankrijk, Italië en Spanje. Nederland is nummer vijf en met een bedrag van 11,9 miljard euro. Dit komt overeen met 6,1 procent van het totaal via het EFSF geleende bedrag.

(klik voor uitvergroting)

Verstrekkers-van-leningen-binnen-het-EFSF-3e-kwartaal-2014-15-02-20

Naast de Europese leningen heeft Griekenland een lening van het IMF gekregen. Ook bezit de Europese Centrale Bank Griekse staatsobligaties. “De Nederlandse overheid loopt op beide een indirect financieel risico doordat Nederland mogelijk extra kapitaal moet verstrekken aan deze instellingen als Griekenland haar schulden niet terugbetaalt”, aldus het CBS.

De totale blootstelling is dus nog wat groter dan de circa 12 miljard euro die Nederland via het EFSF heeft verstrekt aan Griekenland.

Dit artikel is oorspronkelijk verschenen op z24.nl