Vooral in grote steden zie je ze voortdurend voorbij sjezen: de fietskoeriers van Deliveroo, Foodora, UberEats of Thuisbezorgd.

Sinds de komst van Deliveroo in 2015 en Foodora en UberEats in 2016, is het aanbod aan te bestellen eten enorm uitgebreid.

Thuisbezorgd, dat hier al jarenlang actief is, richtte zich aanvankelijk vooral op traditioneel afhaaleten als pizza of Chinees. Bij de nieuwe spelers was het ook mogelijk om bijvoorbeeld bij je favoriete vegetarische restaurant te bestellen.

Een ondernemer die gretig gebruikmaakt van de apps is Renjana Mathew van der Voorden. De Indiase, getrouwd met een Nederlander, kwam in 2013 in Amsterdam terecht. In 2014 startte ze Sea Salt & Chocolate, een cateringbedrijf voor taarten, cakejes en koeken.

“Oorspronkelijk ben ik interieurontwerpster en had ik mijn eigen zaak in India. Maar daar ben ik mee gestopt toen ik met mijn man voor zijn werk naar Mexico verhuisde”, vertelt de moeder van twee. “Eenmaal in Nederland besloot ik mijn eigen taarten te verkopen. Ik bak al vanaf mijn tiende, omdat mijn moeder haar eigen cateringbedrijf runde in India.”

In het eerste jaar werkte Van der Voorden vanuit huis en leverde ze aan enkele cafés, terwijl individuele bestellingen mondjesmaat binnenkwamen. “Het tweede jaar verliep langzaam, ook omdat ik zwanger was.”

Toen Foodora in 2016 Nederland startte, sloot ze zich aan bij de app. Als snel volgde UberEATS. Later kwamen daar Deliveroo en Thuisbezorgd bij. “Het eerste halfjaar ging de omzet als een gek omhoog, met 50 procent. En nu, in de twee jaar dat ik de apps gebruik, is die meer dan verdubbeld.”

‘Ik doe niet veel aan marketing’

Volgens Van der Voorden is dit vooral te danken aan de apps. “Zonder die apps zouden mensen mij niet zo snel ontdekken, ik doe niet veel aan marketing.” Haar klantenkring bestaat vooral uit particulieren.

“En dat komt vooral omdat ik ook aan bedrijven lever die mijn taarten bestellen als er bijvoorbeeld een verjaardag is. Werknemers vinden ze smaken en bestellen later zelf ook. Zelf had ik nooit aan al die mensen kunnen bezorgen.”

Afgelopen oktober heeft ze haar zaak verplaatst van huis naar een professionele keuken met café in de Amsterdamse Pijp.

“Zo’n 30 procent van de bestellingen komt van mensen die binnenlopen, cafés en directe telefonische of online verkopen, terwijl 70 procent via de bezorg-apps komt.” Volgens haar bestaat 80 procent daarvan uit terugkerende klanten. Deze cijfers maken de 25 tot 30 procent commissie die ze betaalt meer dan waard.

bezorgapps, delivery-apps, fietskoerier

Maar die vlieger gaat niet op voor elke horecaonderneming.

Arjen Heij, eigenaar van Eddy Spaghetti en mede-eigenaar van Superette in Amsterdam, antwoordt ‘ja’ en ‘nee’ op de vraag of delivery-apps zijn omzet vergroten. Eddy Spaghetti is niet een Italiaans restaurants met typische afhaalgerechten als pizza, maar je kunt er wel bestellen via Deliveroo, UberEATS en Foodora. Volgens Heij heeft dat voor- en nadelen.

“Als mensen bestellen, dan eten ze thuis en zitten ze niet in mijn zaak, terwijl ik dat juist leuk vind. En nu in de zomer, als het terras bomvol zit, hebben we de productiecapaciteit niet om ook nog te bezorgen. Het verschilt per seizoen: in een grauwe winter stuwen bezorg-apps de omzet, maar ook dan zijn we er zeker niet afhankelijk van.”

‘Wil je 20 procent van je omzet doorsluizen?’

“Je moet je wel afvragen of je 20 procent van je omzet wil doorsluizen als je het als horecaondernemer toch al goed doet”, zegt Niek Timmermans van horeca-adviesbureau Van Spronsen & Partners. “Natuurlijk staat er wel wat tegenover die commissie: exposure in de app, een bezorgservice. Maar waarom zou je in een delivery-app investeren als het je omzet niet vergroot?”

En als je wel afhankelijk bent van de bezorgdiensten, betekent dat ook dat je te maken kan krijgen met bepaalde voorwaarden en mogelijke prijsverhogingen. Om die reden stond eind 2017 Thuisbezorgd nog op gespannen voet met horeaca-ondernemers.

Die hekelden de dominantie van de grootste speler die de commissie van 12 naar 13 procent verhoogde, terwijl de dienst in de beginjaren nog 6 procent rekende. Oprichter Jitse Groen zei destijds dat de prijsverhoging nodig was om de Nederlandse markt te blijven domineren en buitenlandse spelers voor te blijven.

Volgens Timmermans hanteren de apps niet per se vaste percentages aan commissie. “Van een toonaangevende restaurateur in Amsterdam weet ik dat die een lagere commissie wist te bedingen. Dat kun je doen als je een grote naam bent, maar de snackbar op de hoek krijgt dat misschien niet voor elkaar. Zo worden goed renderende zaken met naamsbekendheid alleen maar sterker, terwijl de toko op de hoek flink moet investeren.”

Renjana van Sea Salt & Chocolates heeft niet onderhandeld over de commissie. “Ik kan me ook niet voorstellen dat die lager kan, gezien de enorme concurrentie tussen de bezorgdiensten.”

Ondernemers die niet bezorgen en de bestelplatforms links laten liggen, moeten wel bedenken dat de markt hiervoor groeit.

Bestellen bij een ‘containerkeuken’

In 2014 werd voor 470 miljoen euro aan bereide maaltijden bezorgd, eind 2017 was dat bedrag bijna verdrievoudigd, schreef ABN Amro in een rapport  op basis van cijfers van het FoodService Instituut Nederland. De bank verwacht dat de markt dit jaar nog met 20 procent groeit.

“Je ziet dat bedrijven daarop inspelen”, zegt Timmermans van Van Spronsen & Partners. “Er wordt geëxperimenteerd met concepten als containerkeukens waarbij chefkoks eten bereiden om mee te geven aan fietskoeriers van een bezorgservice.”

Dit is precies wat Renjana voor ogen heeft voor haar taartenwinkel. “Delivery-apps bezorgen binnen een straal van 2 à 3 kilometer. Ik zou graag een outlet openen, speciaal voor bestellingen vanuit andere delen van de stad.”

LEES OOK: 9 redenen waarom pannenkoeken een gouden business zijn