Esther Olofsson is de eerste virtuele influencer van Nederland. Ze ziet er levensecht uit, maar is met de computer gegenereerd.

Haar maker Maarten Reijgersberg heeft al zo’n 50.000 euro aan manuren in haar gestopt. Uiteindelijk hoopt hij dat terug te verdienen.

“Virtuele influencers zouden perfect zijn om bedrijven te promoten.”

Wie snel langs een foto van Esther Olofsson op Instagram scrolt, zou denken dat ze een normale influencer is. De 29-jarige Zweedse is een paar jaar geleden de liefde achterna gereisd naar Rotterdam, en plaatst nu regelmatig foto’s van architectuur en lekker eten op het sociale medium.

Maar als je iets beter kijkt, valt het op: haar gezicht is niet echt.

In werkelijkheid zit er een team van verschillende mensen achter de virtuele influencer. De Rotterdamse ondernemer Maarten Reijgersberg, die met zijn communicatiebureau RauwCC andere bedrijven en overheidsinstellingen helpt hun boodschap uit te dragen, is de bedenker. Hij heeft met zijn team in totaal al zo’n 50.000 euro aan uren in Olofsson gestoken.

Virtuele influencers hebben ook emotionele breakdowns

Het viel hem jaren geleden al op dat in het buitenland meerdere virtuele influencers actief zijn. “De bekendste is Lil Miquela”, zegt Reijgersberg tegen Business Insider. “Zij is door een relatief onbekend bedrijf uit Los Angeles gemaakt en heeft ruim 2 miljoen volgers op Instagram.”

Hoewel het, als je goed kijkt, duidelijk is dat ze nep is, is ze op het eerste gezicht nauwelijks van echt te onderscheiden. Ze plaatst foto’s die prima in de timeline van levende influencers passen. Ze laat haar outfits zien, ligt op sommige foto’s semi-nonchalant in het gras en heeft zelfs een foto van een emotionele breakdown online gezet.

Het bedrijf achter Lil Miquela is al sinds 2016 met haar bezig. En dat loont: inmiddels werkt ze samen met verschillende bedrijven, die haar inzetten om hun product of merk te promoten.

Geen werknemers als ambassadeur, maar een virtuele influencer

Dat zette Reijgersberg aan het denken. “Over het algemeen is influencermarketing voor ons niet zo interessant, omdat wij bedrijven helpen met hun business to business-communicatie”, zegt hij. Daar worden influencers nauwelijks voor gebruikt.

Maar hij zat wel met een ander probleem. “De sociale media-accounts van bedrijven hebben steeds minder bereik en interactie. Daarom moet ik bij RauwCC soms aan collega’s vragen om hun persoonlijke accounts in te zetten om het bedrijf te promoten.”

Zelf vindt hij dat geen probleem, maar hij ziet dat dit bij grotere bedrijven wel een issue is. Want het is niet fijn om bepaalde collega’s op sociale media neer te zetten als een ambassadeur van het bedrijf, terwijl ze op ieder moment kunnen besluiten ergens anders te gaan werken.

“Ik ben gaan nadenken over een oplossing, en een virtuele ambassadeur zou perfect zijn. Niet als vervanger van de collega’s die online actief zijn, maar ernaast. Daarom zijn we begonnen met Esther, als een speeltuin en leertraject voor ons.”

Zweedse met passie voor architectuur

Met zijn team heeft hij een uitgebreid achtergrondverhaal voor Olofsson op papier gezet. Reijgersberg vertelt met zoveel detail over haar, dat het lijkt alsof hij het over een vriendin heeft.

“Esther is 29 jaar en geboren in Zweden”, zegt hij. “Haar vader heeft haar verlaten toen ze nog heel jong was. Hij vond het te moeilijk en is naar Australië vertrokken. Haar moeder, die oorspronkelijk uit Israël komt, heeft in Malmö een eigen architectenbureau: Mor, Zweeds voor moeder.”

Maarten Reijgersberg met zijn creatie Esther. Beeld: RauwCC
Maarten Reijgersberg met zijn creatie Esther. Beeld: RauwCC

Zodra Olofsson oud genoeg was, hielp ze haar moeder met haar bedrijf. Ze deed de pr en sociale media en liep zo stagiair Tom tegen het lijf. “Ze werden verliefd en toen Tom aan het einde van zijn stage weer terugging naar Rotterdam, verhuisde Esther met hem mee.”

“Maar architecten zijn niet de makkelijkste mannen”, vervolgt Reijgersberg. “Dus toen ze daar eenmaal samenwoonden, belazerde hij haar met zijn ex. Nu zit zij moederziel alleen in Rotterdam, en daar begint haar verhaal op sociale media.”

Gezichten a/b-testen op sympathie

Met al die informatie hebben Reijgersberg en zijn team het gezicht van Olofsson ontworpen. Ze heeft donker haar, geërfd van haar Israëlische moeder, en ronde vormen in haar gezicht. “Mensen vinden je vaak sympathieker als je ronde vormen hebt, in plaats van hele strakke lijnen.”

Daarnaast hebben ze haar bewust een paar imperfecties gegeven. “Uit onderzoek blijkt dat virtuele personages, net als echte mensen, imperfecties moeten hebben om likeable te zijn. Daarom heeft Esther twee verschillende kleuren ogen, een paar aparte moedervlekjes en een vrij grote neus.”

Om het gezicht van Olofsson zo sympathiek mogelijk te maken, heeft Reijgersberg een aantal verschillende versies laten a/b-testen. “Deze kwam als beste uit de test.”

Ook belangrijk: het gezicht van Olofsson is niet té realistisch, je ziet duidelijk dat ze niet echt is. “We willen mensen niet neppen”, zegt Reijgersberg. “We willen een soort mysterie rond haar creëren. We willen volgers intrigeren, maar niet voor de gek houden, want dat is niet goed voor het vertrouwen.”

50.000 euro aan manuren

Reijgersberg werkt sinds december aan Olofsson en heeft nu al zo’n 50.000 euro aan manuren in haar zitten. Iedere maand gaat een fotograaf met een model op pad om foto’s van het lichaam van Olofsson in Rotterdam te maken, en iedere week kost het zo’n 4 tot 8 uur om op één van die foto’s het gezicht van Olofsson te plakken.

Daarnaast plaatst het team ook foto’s zonder het gezicht van Olofsson en werken ze hard om de algoritmes van Instagram tevreden te houden, door nep-volgers te verwijderen en goede teksten schrijven.

Hoewel Olofsson al wel samenwerkt met een paar merken, verdient Reijgersberg nog niets met haar. Uiteindelijk is het de bedoeling dat ze zichzelf gaat terugverdienen met traditionele influencer-opdrachten en dat ze dus gesponsorde foto’s gaat plaatsen.

En als dat goed gaat, wil Reijgersberg aan de slag om virtuele ambassadeurs voor bedrijven te ontwikkelen: een soort Henk van Dalen van Albert Heijn, maar dan op sociale media. “Zo’n personage kunnen bedrijven zo lang als ze willen in leven houden. Ze hebben dan gewoon een virtuele influencer op de loonlijst staan.”

Maar voor nu blijft Olofsson – op 1,5 meter afstand – Rotterdam ontdekken en foto’s van de architectuur plaatsen. En wie weet is ze dan over paar jaar een van de bekendste influencers van Nederland.

Lees meer over influencers: