Meer dan twintig jaar geleden bedachten twee Stanford-studenten Google, was de Tamagotchi een wereldwijd fenomeen en lag Harry Potter en de Steen der Wijzen voor het eerst in de schappen van de boekhandels.

Tien jaar later, in 2007, lanceerde Netflix zijn streamingdienst voor video, bestond Instagram nog niet en was het spelletje Snake de spannendste functie die een mobiele telefoon ons te bieden had.

De wereld is ongelooflijk veel veranderd, zowel de technologieën die we dagelijks gebruiken als de steden waarin we leven. En hoe is dat beter te zien dan met beelden?

Bekijk hier hoe de wereld is getransformeerd in 32 foto’s:


TOEN: Vóór het smartphonetijdperk hadden veel mensen een Nokia op zak. Dit is er een uit 2002.

Met een Nokia kon je natuurlijk bellen, berichten versturen – later mét foto – en niet onbelangrijk: Snake spelen! Vooral het klassieke Nokia-model 3310, later opnieuw uitgebracht, staat in de geheugens van velen gegrift. Niet alleen vanwege Snake, maar ook omdat je het ding duizend keer kon laten vallen zonder dat het kapot ging.


NU: Je bent 24/7 online met je smartphone.

iPhone

Lees ook op Business Insider

Mede-oprichter en destijds CEO Steve Jobs van Apple presenteerde de eerste iPhone in juni 2007. Het multi-touchscherm, waarmee je met twee of meer vingers het scherm kunt bedienen, betekende een revolutie voor de ontwikkeling van de mobiele telefonie.

De vinding van Apple heeft de manier waarop we telefoons gebruiken drastisch veranderd, en daarmee waarschijnlijk ook ons leven. De smartphone stelt ons in staat om met een veegbeweging verschillende functies in te zetten die ons leven makkelijker maken. Dankzij de telefoon hebben we elk moment van de dag toegang tot internet.

Inmiddels heeft de iPhone in de loop der jaren een metamorfose ondergaan. In september 2018 kwam Apple met drie nieuwe iPhones: de iPhone XS, iPhone XS Max, en iPhone XR. Geen van de toestellen heeft de oude, vertrouwde home-knop.


TOEN: Verstuurden we nog sms’jes – maar niet te veel, want dat kostte je extra geld.

Foto: Je kon geen emoji versturen! Bron: Paul Sakuma/AP
In de tijd van de Nokia, en ook toen de eerste iPhone net gelanceerd was, was het nog heel normaal om sms’jes te versturen. Maar die functie werd vooral gebruikt voor het uitwisselen van nuttige informatie in een ultrakort gesprek. Je wilde immers niet je sms-bundel bij je provider overschrijden.

NU: Kunnen we eindeloos doorkletsen op WhatsApp.

Maar in 2009 werd WhatsApp gelanceerd, waarmee je die berichtjes gewoon via internet je netwerk in kan slingeren, via wifi of zolang de internetbundel bij je provider dat toelaat. Met WhatsApp was het gedaan met het allesomvattende bericht in een kort gesprek. De dienst, later overgenomen door Facebook, stelde ons in staat om eindeloze gesprekken te voeren, een-op-een of in een groep.

Dat zorgt ervoor dat de meeste gebruikers altijd wel een gesprek hebben lopen en dus regelmatig een blik op hun smartphone moeten werpen. Inmiddels is appen achter het stuur ook een serieus probleem in het verkeer.


TOEN: Een geheel verzorgde vakantie of vlucht boeken? Dan bladerde je in de folders van een reisbureau of belde je met een vliegmaatschappij om een ticket te boeken.

Voordat reizen ook groot werd op internet, was het zaak om een reisbureau binnen te stappen om een overzicht te krijgen van de beschikbare vluchten en reizen. In glimmende folders kon je het hotel met zwembad aan de Spaanse costa bewonderen, in de hoop dat het er in het echt net zo uit zou zien.

NU: Je vakantie begint online.

Vandaag de dag kan het boeken van vluchten, hotels en pakketreizen allemaal online. Voor een vliegticket ga je naar de website van een luchtvaartmaatschappij of een vergelijker als CheapTickets of PaperFlies. Op Booking.com of Airbnb boek je een accommodatie.

Ook de kennis van reisbureaus wordt vaak overgenomen door internet, waar informatie over de bestemming te vinden is in bijvoorbeeld reviews en blogs. En backpackers lopen niet meer vanzelfsprekend met een Lonely Planet op zak; een site als TripAdvisor leidt deze reizigers vaak naar de volgende stop.


TOEN: In de beginjaren van deze eeuw nam je selfies met een digitale camera voor een spiegel.

Foto: Kim en Khloe Kardashian nemen een selfie in 2007. Bron: Evan Agostini/Getty Images

Vroeger was een selfie een privéaangelegenheid, iets waarbij je voor de badkamerspiegel op een model probeerde te lijken. Vaak tevergeefs en bovendien hopeloos ijdel (narcisme was vroeger niet iets waarmee je te koop liep), vandaar dat je het zelfportret niet met per se met anderen wilde delen.

Op een gegeven moment moest dat wel voor je Hyves-, Facebook- of Myspace-account. En dus zette je je beste beentje voor, je was immers niet de enige met een profiel waarop een flets of juist overmatig glimmend hoofd prijkte.


NU: De selfie is een van de meest gemaakte foto’s in dit tijdperk. Technologie en social media faciliteren de ijdelheid die ooit onder de oppervlakte sluimerde.

Foto: Het team van Montenegro neemt selfies tijdens de Olympische Spelen van 2016. Bron: Patrick Semansky/AP

Maar de technologie heeft niet stilgestaan. Apple verrijkte de iPhone 4 in 2010 met een camera aan de voorzijde en een nieuwe generatie selfies was geboren – minder wazig en meer geposeerd. Smartphones hebben nu een speciale portretmodus die betere resultaten geeft dan de foto’s die sommige professionele portretfotografen vroeger maakten.

Tel daarbij de ‘noodzaak’ van actuele foto’s voor socialmediaprofielen op en mensen gaan los: Instagram telt al meer dan 390 miljoen selfies.


TOEN: De originele Macintosh-desktopcomputer kwam in januari 1984 op de markt.

Foto: Steve Jobs (links) en John Sculley (rechts) op een aandeelhoudersvergadering. Bron: Uncredited/AP

De Macintosh 128K ging voor 2.495 dollar van de hand, slechts twee dagen na de introductie in een Super Bowl-commercial.


NU: De iMac Pro-desktop lijkt niet echt op zijn stamvader.

Foto: De huidige iMacs lijken in niets op hun voorgangers. Bron: Zhang Peng/LightRocket via Getty Images

Apple’s iMac Pro kwam in 2017 op de markt en heeft de meest geavanceerde graphics van alle Macs tot nu toe. Ontworpen voor de professionele gebruiker, heb je deze Mac al voor een vanaf-prijs van 4.999 dollar (4.444 euro).


TOEN: De term augmented reality, of AR, werd in 1990 gemunt door Boeing-onderzoeker Tom Caudell.

Foto: Virtual Fixtures was een van de eerste functionerende AR-systemen. Bron: GardenM/Wikimedia Commons

In jip-en-janneketaal: AR-technologie verandert jouw perceptie van de echte wereld door computergestuurde toevoeging van beelden of informatie. In 1992 bouwde Louis Rosenberg een van de eerste werkende AR-systemen voor de Amerikaanse luchtmacht: Virtual Fixtures.

Het systeem gebruikte AR om informatie over een werkplek te leggen, waardoor de bestuurder beter in staat was om machines op afstand te besturen.


NU: De afgelopen twintig jaar is AR in toenemende mate ons dagelijks leven binnengedrongen.

Foto: Pokémon Go is een populair voorbeeld van een AR-app. Bron: Niantic Labs/Facebook

AR-technologie wordt nu werkelijk overal voor gebruikt: van autogadgets, tot wearables, tot Snapchat en Instagram-filters.


TOEN: Computerwetenschapper Ivan Sutherland vond samen met zijn student Bob Sproull in 1968 de eerste virtualrealityset voor op het hoofd uit.

Foto: De Sword of Damocles. Bron: Oyundari Zorigtbaatar/Wikimedia Commons

De helm werd The Sword of Damocles genoemd. Het was zo’n zwaar apparaat dat het vanaf het plafond op het hoofd van de gebruiker geplaatst moest worden.

Anders dan met AR ziet een gebruiker met VR een compleet andere, computer geanimeerde wereld. Omdat The Sword of Damocles een beetje transparant was, wordt het apparaat ook wel gezien als de eerste AR-technologie.


NU: Net als AR-technologie heeft VR de sprong vanuit het onderzoekslab naar de consument gemaakt.

Foto: De huidige generatie VR-headsets zijn niet meer zo zwaar. Bron: Tomohiro Ohsumi/Getty Images

Vandaag de dag kun je spelletjes spelen, de ruimte verkennen en jezelf in een compleet vreemde omgeving neerzetten. Benodigdheden: een smartphone en een VR-bril.


TOEN: Zo zag Google er in 1998 uit.

Foto: Googles prototype uit 1998. Bron: The Wayback Machine

Stanford-studenten Sergey Brin en Larry Page claimden Google.com als domein op 15 september 1997. Aanvankelijk wilden ze de site BackRub noemen.


NU: Zo ziet Google eruit.

Foto: Googles startpagina in 2019. Bron: Google

Google is nu de meest bezochte website en de meest gebruikte zoekmachine ter wereld. Moederbedrijf Alphabet heeft een huidige marktkapitalisatie ter waarde van 719,4 miljard dollar.


TOEN: Stuurden mensen elkaar nog krabbels en een dansende banaan op Hyves.

In 2004 lanceerden de ondernemers Raymond Spanjar, Koen Kam en Floris Rost van Tonningen de Nederlandse socialnetwerksite Hyves. De eerste Hyvers waren voornamelijk familieleden en vrienden van de oprichters. Om de website populairder te maken, richtten de mannen zich op studenten.

Eind 2004 telde Hyves 3.000 gebruikers, vanaf begin 2005 verdubbelde het ledenaantal bijna wekelijks. In maart 2005 telde de site 100.000 leden en in juli 2005 werd de grens van 1 miljoen leden gepasseerd, waarvan ook veel in het buitenland.

In april 2010 had Hyves zo’n 10 miljoen gebruikers. Dagelijks waren er ongeveer 3 miljoen unieke bezoekers.

In 2011 strooide Facebook roet in het eten en streefde het Hyves voorbij als meest gebruikte sociale netwerk. Twee jaar later koos het inmiddels door De Telegraaf gekochte en sterk verlieslijdende Hyves ervoor om te stoppen met het sociale netwerk en ging het verder als spelletjessite.


NU: Facebook telt 2,32 miljard actieve gebruikers wereldwijd.

Foto: Facebook overklast Instagram, Twitter en WhatsApp wat aantal actieve gebruikers betreft. Bron: Thomson Reuters

Zoals te zien is in de tijdlijn van Myspace op HuffPost, streef Facebook Myspace voorbij in 2008 en keek het niet één keer om. Vandaag de dag heeft Mark Zuckerbergs online kindje wereldwijd 400 miljoen actieve gebruikers. Dat is meer dan de nummer 2, YouTube, zegt Statista.


TOEN: Zo zag Netflix er in 2005 uit.

Foto: Netflix zag in 1997 het levenslicht. Bron: EssayRoo

Netflix begon als een onlinedienst waarmee klanten dvd’s per post konden huren. In 2007 lanceerde het bedrijf zijn on-demand streamingdienst.


NU: Zo ziet Netflix er 22 jaar later uit.

Foto: Netflix transformeerde de entertainment-industrie in twee decennia. Bron: Netflix

Het aantal Netflix-abonnees passeerde het aantal abonnees op kabel-tv in de VS voor het eerst in 2017.


TOEN: In de jaren vijftig paften we er lustig op los: 60 procent van de Nederlanders rookte – onder mannen zelfs 90 procent! Ondanks dat sinds de jaren dertig al bekend was dat roken slecht is voor de gezondheid.

Een tevreden roker is geen onruststoker. Roken was gezellig, stoer en lekker. En je mocht het overal doen, zelfs in de trein en vliegtuig. Wie kent het niet: het glas vol sigaretten bij verjaardagen op tafel, of de asbak die je bij handvaardigheid voor Vaderdag moest maken?

NU: Roken is ‘not done, ongezond, dom en eigenlijk alleen maar voor losers’.

Foto: Een op de drie rokers rookt iedere dag een e-sigaret. Bron: Frank Augstein/AP

Van roken word je in het beste geval onvruchtbaar, in het ergste geval ga je dood. Maar niet nadat je eerst heel erg hebt geleden. De gezondheidseffecten van roken zijn inmiddels uitputtend goed bestudeerd en de wetenschap liegt er niet om. Dat besef, plus een reeks antirookcampagnes, hebben ertoe geleid dat steeds minder Nederlanders roken.

Wat ook hielp: het recht op een rookvrije werkplek, rookvrij personenvervoer, een verbod op tabaksreclame en -sponsoring en een verbod op de verkoop van tabaksartikelen aan jongeren onder de 16 jaar.

Algehele perceptie: wie rookt is een domme paria, al zeggen critici dat de tabaksindustrie sigaretten zo verleidelijk en verslaafd heeft gemaakt, dat mensen daar nauwelijks weerstand tegen kunnen bieden. In 2016 rookte 26,2 procent van de Nederlandse mannen en 23,9 procent van de vrouwen. Inmiddels is er een alternatief op de markt: de e-sigaret.


TOEN: In 2005 stond Dubais Marina-district nog stevig in de steigers en was het één grote bouwput.

Foto: De Marina, een spookstad in 2005. Bron: Samira Khan/Flickr

Ontworpen door HOK Canada en ontwikkeld door vastgoedbedrijf Emaar Properties, beslaat Dubai Marina nu 3 kilometer langs de kust van de Perzische Golf.


NU: De Marina vandaag is een bonte verzameling van vastgoed. Torenhoge woon- en werktorens, en ook torenhoge prijzen.

Foto: De Dubai Marina in 2016. Bron: Steven Straiton/Flickr

TOEN: Deze satellietfoto van Shanghai werd op 23 april 1984 genomen.

Foto: Bossen en landbouwgrond zijn groen, de bebouwde gebieden zijn grijs en wit. Bron: NASA/Images of Change

NU: Dezelfde foto, maar dan in 2016 genomen. Shanghai is de vleesgeworden verstedelijking.

Foto: Grijs en wit rules. Bron: NASA/Images of Change

Shanghais bevolking verdubbelde van 12 miljoen in 1982 tot 24 miljoen mensen in 2016. Daarmee is het volgens NASA “het grootste stedelijke gebied ter wereld”.


TOEN: Zo zag de skyline van New York eruit in 1964.

Foto: Toentertijd was het Empire State building het hoogste gebouw in The Big Apple. Bron: AP

De bouw van de Twin Towers zou pas in 1968 beginnen, aldus History.com.


NU: Vandaag de dag is One World Trade Center het hoogste gebouw in New York en in de VS.

Foto: De skyline van Lower Manhattan. Bron: Mandritoiu/Shutterstock

One World Trade Center opende de deuren in 2012, pal naast de plek waar het originele World Trade Center (WTC) stond. Op die plek staat ook het National September 11 Memorial and Museum, ter nagedachtenis aan de slachtoffers van de aanslagen van 11 september en de bomaanslag op het WTC in 1993.


TOEN: Het centrum van Amsterdam in 1950.

Amsterdam

Op deze luchtfoto kijken we naar de voorzijde van het Amsterdamse Centraal Station. Wat daarachter gebeurde, deed er lange tijd niet zoveel toe. Zoals in veel steden, vormden het station en de spoorlijn de scheidslijn tussen de belangrijke en minder belangrijke delen van de stad. De strook aan de achterkant was in Amsterdam jarenlang een ondergeschoven kindje en achenebbisj gebied.

Stadsdeel Noord aan de andere kant van het IJ deed industrieel aan en werd door veel Amsterdammers niet als echt onderdeel van de stad gezien.


Nu: Ook het deel achter het CS hoort bij de stad, met Noord als superhip gebied.

Anno nu ziet zowel de strook zuidelijke- als de noordelijke IJ-oever achter CS er heel anders uit. Op de kale plek aan de Noordelijke IJ-oever in de vorige foto, verrees in 1971 de Shell-toren. Het bedrijf verliet het gebouw in 2009, waarna het een nieuw leven kreeg als de hippe A’DAM-toren, waar je kunt wonen, werken en uitgaan. Naast de voormalige Shell-toren verrees het futuristische Eye-filmmuseum en ook de gebieden in Noord verder verwijderd van de oever werden ontwikkeld. Tegenwoordig wordt Noord aangeprezen als ‘must see’ in reisblogs- en gidsen.
Ook de strook achter CS kreeg een make-over. In de jaren negentig werd begonnen met de ontwikkeling van het gebied en langs de spoorlijn verrees de Passengers Terminal waar cruiseschepen aanmeren, een groot hotel en moderne woon- en kantoorgebouwen. Liep je vroeger liever niet in het donker achter het CS, tegenwoordig is het er druk en doet de strook boulevard-achtig aan.

Toen: Een taxi bestellen deed je bij een taxistandplaats, telefonisch of door je hand op te steken.

Dat de taxichauffeur telefoontjes opnam bij de taxistandplaats, is wel heel lang geleden. Maar het is nog maar pakweg tien jaar geleden dat we een taxi bestelden met een telefoontje of door je hand op te steken en er zo een aan te houden. Je kon ook naar een taxistandplaats gaan. Als je een korte rit wilde, trof je in Amsterdam in het slechtste geval een chauffeur die je dan niet wilde meenemen. En alle volgende chauffeurs die je probeerde ook niet…

Nu: Bedrijven als Uber hebben de taximarkt compleet veranderd.

Foto: In december 2018 had Uber meer dan tien miljard ritten voltooid. David Ramos/Getty Images

In december 2018 was Uber in meer dan 700 steden, in 63 verschillende landen actief. Dagelijks worden grofweg 14 miljoen Uber-ritten gereden.

Bekijk meer toen en nu-foto’s: