Sylvana Simons zette vorig jaar haar succesvolle radio- en televisiecarrière aan de kant om de politiek te gaan.

In eerste instantie deed ze dat voor DENK. Toen haar nieuwe politieke carrière voor doodsbedreigingen zorgden en ze naar eigen zeggen weinig steun kreeg van haar partijgenoten, stapte Simons op om haar eigen partij te beginnen: Artikel 1.

Artikel 1 maakt zich hard voor gelijkheid en diversiteit in de samenleving. Dat wil de partij bijvoorbeeld bereiken met een diversiteitsquotum binnen overheidsinstanties. Ook wil de partij de belastingheffing verschuiven van arbeid naar kapitaal.

Business Insider sprak met Simons over haar nieuwe politieke carrière en haar visie op diversiteit op de werkvloer.


Jullie programma en al helemaal de uitstraling verschilt een hoop van DENK. Bent u van mening veranderd?

“Nee, zeker niet. De partijen hebben veel raakvlakken en binnen DENK maakte ik mij ook al hard voor een aantal specifieke punten.”

“Maar inderdaad, dit is een hele andere partij. Ons uitgangspunt is ook heel anders. Ons programma is gebaseerd op Artikel 1 van de grondwet (het gelijkheidsbeginsel, red.) en we willen de balans in de samenleving terugbrengen.”

Lees ook op Business Insider

Is er wel behoefte aan nóg een partij op links?

“Ik denk niet alleen dat er nog veel ruimte op links is, er zit ook een grote leegte. Veel linkse partijen schuiven op naar het midden, of zelfs naar rechts.”

Jullie willen werken met quota om diversiteit af te dwingen in overheidsberoepen. Tegenstanders zeggen dat ze gewoon de beste persoon op de juiste plek willen.

“Daar ben ik het helemaal mee eens. Ik wil in de hele samenleving de beste mensen op de juiste plek. Maar het gaat mij echt te ver om te zeggen dat je dan alleen mannen kunt aannemen.”

Wat is eigenlijk jullie standpunt over diversiteit bij bedrijven?

“De overheid is natuurlijk een ontzettend grote werkgever, en doet ook zaken met andere bedrijven. Wij zijn voorstander van DRS – het Diversity Rating System. Dat is een waarderingssysteem waarbij wordt gekeken naar de diversiteit binnen de bedrijven waar de overheid zaken mee doet. ”

Het komt in de praktijk wel eens voor dat een bedrijf hard z’n best doet, maar er simpelweg niet in slaagt om iets te doen aan de diversiteit.

“Ik heb moeite om dat te geloven. Het gaat ook om wederkerigheid. Een bedrijf dat zich non-divers opstelt, zal ook geen divers klantenbestand aantrekken. Als je moeite hebt met het aantrekken van iemand van kleur of een vrouw, dan zal je echt eens goed moeten kijken naar de bedrijfscultuur en uitstraling.”

“Ik heb geen exacte cijfers van waar het wel goed gaat, maar ik weet wel dat bijvoorbeeld Surinaamse Nederlanders veel werkzaam zijn in de zorg en de sociale sector. Dat is waar het niet nodig is, en er dus wel die balans is.”

Jullie willen dus geen harde quota invoeren in het bedrijfsleven. Maar begrijpt u dat veel ondernemers desondanks huiverig zijn voor een quotum?

“Nee, dat begrijp ik helemaal niet. Uit onderzoek van Harvard blijkt dat bedrijven met diverse teams betere resultaten hebben. Ondernemers moeten zich dat gaan realiseren. Het dient niet alleen de bedrijfscultuur, het maakt je ook aantrekkelijker voor klanten en zorgt voor meer creativiteit.”

(Noot van redactie: Dit wordt ook onderstreept door de huidige regering.)

Even iets anders. Jullie zijn voor zelfbeschikking, tegelijkertijd staat het jullie kandidaat-Kamerleden vrij om tégen abortus te stemmen. Mocht dat gebeuren, dan zou een Kamerlid toch tégen de zelfbeschikking van een burger kunnen stemmen? 

“Laat ik vooropstellen dat wij binnen de partij unaniem vóór abortus zijn. Maar wij zijn ook van mening dat in het geval van ethische kwesties, je niet altijd alles kunt afdwingen. Wij begrijpen dat sommige zaken niet geschikt zijn voor fractiediscipline.”

“Als het gaat over de verbreding van een snelweg, dan komen wij als fractie met één standpunt. Maar als het gaat over of we onze jongens naar het front sturen of over de abortuswet, dat laten we aan het individu over. Maar, voor de goede orde, er is absolúút consensus over abortus. Het is jammer dat daar een misverstand over is ontstaan.”

Jullie hebben in de peilingen nog moeite met het halen van een zetel. Valt dat tegen?

“Het is natuurlijk niet zo raar. We zijn ontzettend jong, we bestaan nog maar een paar maanden. Maar laten we niet vergeten dat peilingbureaus er vaak niet in slagen een heel divers publiek te peilen, en er het afgelopen jaar wel vaker behoorlijk naast hebben gezeten.”

“Het is moeilijk in te schatten, maar afgaande aan de reacties in het land en de media-aandacht ben ik optimistisch.”

Wat als het niet lukt een zetel te bemachtigen?

“Daar gaan we niet van uit. We zetten alles op alles. En lukt het niet, dan doen we mee aan de volgende verkiezingen, zolang het nodig is dat artikel 1 van de grondwet wordt bewaakt.”

“Voorlopig is dat nog wel nodig. En niet alleen in Nederland, trouwens. Er is hier te weinig aandacht voor het Europese effect en de Europese context van deze verkiezingen. De Nederlandse verkiezingen zijn de eerste in een serie van een aantal Europese verkiezingen, en in het buitenland maken ze zich ook zorgen wat Nederland – ooit een gidsland op het gebied van progressiviteit – gaat doen.”

LEES OOK: Discriminatie? De overheid kan het voortouw nemen met anoniem solliciteren