Pensioen lijkt misschien ver weg, maar straks bovenop je AOW-uitkering een redelijk inkomen hebben is wel zo prettig. Als je zelf fiscaal voordelig vermogen wil opbouwen dat je later als pensioen kunt laten uitkeren, moet je op een aantal dingen letten. De zogenoemde jaarruimte is een fiscaal voordeel dat je niet mag laten liggen.

Werknemers kunnen doorgaans via een pensioenfonds zorgen voor extra pensioen bovenop de AOW-uitkering van de staat. Maar ben je regelmatig geswitcht van baan of had je een sterk wisselend inkomen, dan heb je mogelijk een pensioengat. Het inkomen dat je krijgt als je eenmaal stopt met werken, kan dan flink tegenvallen.

Bovendien laten diverse pensioenfondsen sombere geluiden horen aan deelnemende werknemers. De fondsen hinten soms al op pensioenkortingen. Die kortingen kunnen honderdduizenden mensen raken. Iets extra’s regelen voor een goed pensioen kan slim zijn.

Ondernemers, zoals de circa één miljoen zzp’ers in Nederland, moeten sowieso zelf aan de slag met opbouw van hun pensioen.

Je kunt zelf vermogen opbouwen in box 3. Maar dat wordt over een paar jaar mogelijk een stuk minder aantrekkelijk door recente plannen van het kabinet om beleggers met een zeer hoge vermogensbelasting te treffen. Het kabinet wil namelijk vanaf 2022 een effectieve belasting van zo’n 1,6 procent invoeren op beleggingen in box 3, terwijl je nu bij vermogen tot een ton maximaal 0,6 procent betaalt.

Dat hakt er best in, door de jaren heen. Eerder berekende Business Insider dat wanneer je elke maand 400 euro opzij zet tegen een jaarlijks rendement van 5,3 procent, er na dertig jaar niet bijna 350.000 euro vermogen is opgebouwd, maar ruim 80.000 euro minder. Dat allemaal door de geplande hogere belastingheffing in box 3 die over drie jaar van kracht moet worden.

Fiscaal vriendelijk pensioen opbouwen: geen belasting in box 3

Het alternatief voor zelf pensioen opbouwen in box 3 voor spaargeld en beleggingen is dat je kiest voor een fiscaal vriendelijke regeling zoals banksparen of fiscaal vriendelijk beleggen. Diverse financiële dienstverleners bieden fiscaal vriendelijke beleggingsmogelijkheden aan, waaronder Binck, Brand New Day, BrightPensioen, DeGiro en Loyalis.

Lees ook op Business Insider

Voor het opbouwen van pensioen zijn er twee grote belastingvoordelen: in de opbouwfase betaal je geen vermogensrendementsheffing in box 3 én je kan je inleg aftrekken van je inkomen in box 1.

Je kunt dus rekenen op een hoger rendement op je beleggingen, omdat de fiscus het vermogen niet belast. En je kunt netto meer inleggen, omdat je de bruto inleg kunt gebruiken als aftrekpost in box 1.

Er zit wel een belangrijke voorwaarde aan de fiscaal vriendelijke pensioenopbouw. Wanneer je straks met pensioen gaat, moet je het opgebouwde vermogen in een uitkeringsproduct stoppen bij een verzekeraar. Daarmee heb je straks gedurende een af te spreken periode een gegarandeerde bruto uitkering. Die uitkeringen, gedurende bijvoorbeeld 20 jaar of levenslange uitkeringen, worden straks wél belast met inkomstenbelasting in box 1.

De hoogte van de bruto uitkering is echter afhankelijk van het renteniveau op het moment dat je met pensioen gaat. Als de rente zoals nu erg laag is, heb je flink pech en krijg je op termijn een relatief lage uitkering.

Jaarruimte: hoeveel premie mag je aftrekken in box 1?

Als je investeert in een fiscaal vriendelijk pensioen, word je beloond met belastingvoordelen. Maar je mag het geld dat je inlegt in je persoonlijke pensioenpot niet onbeperkt als aftrekpost opvoeren voor de inkomstenbelasting in box 1. De fiscus stelt grenzen.

De maximaal aftrekbare inleg in één jaar heet de ‘jaarruimte’. Vraag is natuurlijk: hoe bereken je die jaarruimte?

De fiscus gaat uit van je inkomen over het afgelopen jaar. Dus voor de jaarruimte in 2019 kijk je naar je inkomen uit 2018. Vervolgens haal je daar een vast bedrag vanaf dat je ongeveer aan AOW zou krijgen. De overheid stelt dat bedrag jaarlijks vast en voor 2019 is dat 12.275 euro.

Als je helemaal geen pensioen opbouwt via een pensioenfonds van de werkgever, is de berekening niet heel ingewikkeld. Voor dit jaar trek je van je bruto inkomen uit 2018 het AOW-bedrag af, en van het restant neem je 13,3 procent. Dan heb je de jaarruimte. Er is overigens een inkomensgrens van 107.593 euro voor de berekening van de maximale jaarruimte. Die is bij dat inkomen 12.678 euro.

Als je wél een pensioenregeling hebt, is de berekening van de jaarruimte iets complexer. Je moet niet alleen corrigeren voor het AOW-bedrag maar ook voor het pensioen dat je op termijn ontvangt via het pensioenfonds van je werkgever. Dat gebeurt met de zogenoemde Factor A, ofwel de aangroei van pensioen.

In principe staat je Factor A aangegeven op het uniform pensioenoverzicht (UPO) dat je als pensioenfondsdeelnemer jaarlijks ontvangt van het pensioenfonds.

Het zal duidelijk zijn: als je niet deelneemt in een pensioenregeling, bijvoorbeeld als zzp’er, dan is je Factor A nul en is je jaarruimte een stuk groter dan als je wel aanvullend pensioen opbouwt via een pensioenfonds.

Via sites als berekenhet.nl kun je zelf een berekening maken aan de hand van de eigen situatie. Een paar voorbeelden maken het vast helderder.

Voorbeelden jaarruimte: zzp’er

Stel je bent 40 jaar en denkt over extra pensioenopbouw. We beginnen met een 40-jarige ondernemer (zpp’er) met een bruto inkomen van 60.000 euro en een ondernemer met een bruto inkomen van 80.000 euro.

We berekenen hoeveel premie-inleg voor een fiscaal vriendelijk vermogensproduct zij kunnen gebruiken als aftrekpost voor de inkomstenbelasting in box 1.

Een zzp’er met een inkomen van 60.000 euro heeft in dit voorbeeld een jaarruimte van 6.347 euro. Dat bedrag is dus beschikbaar als premie-inleg die fiscaal ook als aftrekpost geldt in box 1. Een zzp’er met een inkomen van 80.000 euro heeft een jaarruimte van 9.007 euro.

Zoals gezegd, de zzp’er is niet aangesloten bij een pensioenfonds. De Factor A is daarom nul.

Jaarruimte van werknemer die ook bij pensioenfonds zit

We kijken ook naar een werknemer in loondienst met een bruto inkomen van 60.000 euro of  80.000 euro.

Omdat deze werknemer pensioen opbouwt, geldt er wél een extra correctiefactor, Factor A. Een werknemer met een inkomen van 60.000 euro kan in dit voorbeeld dit jaar 1.690 euro fiscaal vriendelijk opzij zetten. Een werknemer met een inkomen van 80.000 euro kan 2.155 euro fiscaal vriendelijk opzij zetten.

Naast jaarruimte nog reserveringsruimte

Naast het jaarbedrag dat je opzij mag zetten kun je ook verder terugkijken. Niet benutte jaarruimtes uit de zeven voorgaande jaren mag je inhalen. Dat heet de reserveringsruimte.

De reserveringsruimte is in 2019 gemaximeerd op 7.254 euro. Voor oudere mensen gelden extra mogelijkheden. Als je op 1 januari ouder bent dan 56 jaar en 4 maanden, dan heb je een maximale reserveringsruimte van 14.322 euro in 2019. Dit bedrag mag je náást je jaarruimte extra storten voor je pensioen én opvoeren als aftrekpost in box 1.

Lees meer over pensioen: