Luister hieronder naar de audioversie van dit artikel


0:00

Met de enorme stijging van energieprijzen voor stroom en gas proberen Nederlanders op allerlei manieren te besparen op de energierekening. Daarbij worden voor stroom en gas ook contracten met zogenoemde dynamische tarieven populairder.

Met een dynamisch energietarief zijn de prijzen voor stroom en gas direct gekoppeld aan de inkoopprijzen op de groothandelsmarkt op dagbasis. Je hebt hiervoor wel een slimme meter nodig die elk moment van de dag je energieverbruik kan meten.

Als gevolg van dynamische energietarieven kunnen prijzen voor stroom en gas dus sterker schommelen, wat zowel positief als negatief kan uitpakken, vergeleken met variabele tarieven die veel energieleveranciers momenteel elk kwartaal aanpassen.

In september zijn gasprijzen op de groothandelsmarkten fors gedaald ten opzichte van de piekniveaus van eind augustus. Op 26 augustus noteerde de groothandelsprijs voor levering van gas in november op de Nederlandse markt op bijna 350 euro per megawattuur; maandag noteerde deze prijs op 153 euro per megawattuur. Met dynamische tarieven profiteer je daar sneller van dan met variabele of vaste contracten waarbij prijzen minder frequent worden aangepast.

Afgelopen week meldde Zonneplan, een leverancier van (zonne)stroom, dat je in september met dynamische energietarieven goedkoper uit zou zijn geweest dan met een regulier variabel energiecontract. Bij een gemiddeld verbruik van 130 kilowattuur stroom en 23 kuub gas in september zou dat 63 euro, ofwel 31 procent hebben gescheeld.

Zonneplan rekent hierbij met een gemiddeld variabel gastarief van 3,25 euro per kuub en een gemiddeld variabele stroomtarief van 0,72 euro per kilowattuur, op basis van gegevens van het Centraal Bureau voor de Statistiek. Met dynamische tarieven zou je afgelopen maand een gemiddelde gasprijs van 2,37 euro per kuub gas en 0,45 euro per kilowattuur stroom hebben gerealiseerd, volgens Zonneplan.

Belangrijk hierbij is wel om te beseffen dat energieleveranciers met variabele contracten vaak lagere tarieven rekenen voor bestaande klanten, vergeleken met bijvoorbeeld modelcontracten voor nieuwe klanten.

Volgens Zonneplan hanteren energieleveranciers echter vaak opslagen bij variabele tarieven die ze om de paar maanden aanpassen, om risico's bij de inkoop van energie af te dekken. Die risico-opslag is er niet bij inkoop op dagbasis voor dynamische tarieven, omdat er daarbij meteen met klanten wordt afgerekend.

Energiecontract met dynamisch tarief steeds populairder

Inmiddels stappen tienduizenden Nederlanders over naar contracten met dynamische tarieven, zo meldt het AD maandag. "Sinds afgelopen kregen we er tienduizenden klanten bij. Nu melden zich wekelijks duizenden mensen", geeft Perry Lievaart van de ANWB aan tegenover de krant.

De ANWB is één van de aanbieders die met dynamische energiecontracten werkt. Andere energieleveranciers die dit doen zijn Zonneplan, Next Energy, Frank Energie en Easy Energie.

Voor dynamische energietarieven is er uiteraard ook een opwaarts risico, omdat je een plotselinge stijging van prijzen op groothandelsmarkten ook meteen terugziet bij je energierekening. Volgens Zonneplan kunnen dynamische energietarieven echter wel interessanter worden als het prijsplafond voor energie gaat gelden in 2023.

Vanaf volgend jaar komt er een maximumprijs van 1,45 euro per kuub voor gas en 0,40 euro per kilowattuur voor stroom. Deze tarieven gaan gelden tot een jaarverbruik van 1.200 kuub gas en 2.900 kilowattuur stroom. Kom je met het jaarverbruik boven de verbruikslimieten uit, dan betaal je de marktprijs.

Zolang je binnen de verbruikslimiet van 1.200 kuub gas en 2.900 kilowattuur stroom blijft, is het opwaartse prijsrisico in 2023 afgedekt tot de plafondprijzen.

Bij tussentijds dalende prijzen is de kans met dynamische tarieven volgens Zonneplan groter dat leveringsprijzen van stroom en gas onder de niveaus van 1,45 euro per kuub en 0,40 euro per kilowattuur zakken. Dan profiteer je daar meteen van. Bij reguliere variabele contracten is het de vraag of een tussentijdse prijsdip ervoor zorgt dat een variabel tarief dat voor drie of zes maanden vaststaat, wordt verlaagd tot onder het niveau van het prijsplafond.

LEES OOK: De warmtepomp is in 2023 door het nieuwe prijsplafond toch net goedkoper dan de CV-ketel – maar de besparing is miniem