Zonne-energie is erg populair, maar niet iedereen kan zelf panelen plaatsen. Woon je bijvoorbeeld in een appartement of een huurhuis, dan zijn panelen geen optie. Maar gelukkig zijn er alternatieven.

De vraag naar zonne-energie groeit explosief. Het Centraal Bureau voor de Statistiek heeft becijferd dat in 2018 op de daken van Nederlandse huizen voor 2.300 megawatt aan vermogen zonnepanelen lagen, 37 procent meer dan het jaar ervoor.

Almere is in dat opzicht kampioen, maar ook in Utrecht en Amsterdam halen veel woningbezitters energie uit de zon. Eindhoven en Leeuwarden zijn runner-up.

Eigen zonnepanelen zijn niet voor iedereen weggelegd. Zit je krap bij kas of woon je bijvoorbeeld in een appartement of een huurwoning, dan wordt het lastig. Ook heb je kans dat je huis zich niet goed leent voor panelen, vanwege een ongunstige ligging of de hellingshoek van het dak. Dit kun je checken met deze tool van Milieu Centraal.

Lukt het niet om eigen panelen te plaatsen, dan zijn er alternatieven om toch te profiteren van de opbrengst uit zonne-energie. Dit zijn de mogelijkheden.

1. Postcoderoosregeling

De eerste optie is lid worden van een energiecoöperatie bij jou in de buurt. Een mooi voorbeeld is de Regeling Verlaagd Tarief, ook wel bekend als de postcoderoosregeling. Hierbij investeer je met stadgenoten uit een cluster van aan elkaar grenzende postcodegebieden (vandaar de naam roos) in een installatie waarin duurzame energie wordt opgewekt.

Deze energie wordt vervolgens verkocht aan een energiebedrijf. In ruil daarvoor krijg je minimaal vijftien jaar lang korting op de energiebelasting. De korting is wel begrensd tot het vermogen dat je zelf gebruikt of maximaal 10.000 kWh. Meer informatie over deze regeling vind je hier en hier.

Lees ook op Business Insider

Deze regeling is ook toegankelijk voor consumenten met een beperkt budget. Er bestaan namelijk constructies waarbij je al voor een paar tientjes kunt deelnemen en waarbij de coöperatie het restant leent bij de bank en via crowdfunding.

Een nadeel van deze regeling is wel dat je na verhuizing naar een postcodegebied buiten het project niet meer van het belastingvoordeel kan profiteren. Je kunt wel proberen om je participatie te verkopen aan de nieuwe bewoners van je huis of buurtgenoten, maar het fiscale voordeel verlies je dan. De coöperatie kan je participatie ook overnemen, maar hiervoor ben je soms een boete verschuldigd.

Let verder ook goed op de voorwaarden van het project. Soms worden periodiek kosten in rekening gebracht voor administratie, onderhoud en verzekeren. Ook zit je soms vast aan een energieleverancier. Houd verder de duur van het project in de gaten: die kan variëren.

2. Coöperatie via je energiebedrijf

Is er geen regeling bij jou in de buurt of wil je niet gebonden zijn aan je eigen postcodegebied, dan kun je ook via je energieleverancier in coöperatieverband investeren in zonnepanelen van een ander.

Een voorbeeld is de ZonneHub van Eneco, waarbij je 300 euro per zonnepaneel inlegt. Deze investering heb je na ongeveer tien jaar terugverdiend. Een dak wordt minimaal vijftien jaar ter beschikking gesteld, dus je maakt in elk geval vijf jaar winst. Dit kan oplopen tot vijftien jaar, als de zonnepanelen langer mee gaan.

Een andere constructie is investeren in een zonnepark, waarbij jouw deel van de opbrengst enkele jaren wordt verrekend met de energierekening. Denk bijvoorbeeld aan Eneco StukjeZon of VrijOpNaam. Je kunt niet onbeperkt investeren, want het aantal participaties dat je mag afnemen is begrensd. De looptijd van deze regelingen varieert, van vijf jaar (voor de Eneco-regeling) tot negen jaar (voor VrijOpNaam).

Anders dan bij eigen zonnepanelen of de postcoderoosregeling word je bij de bovenstaande regelingen niet fiscaal gesubsidieerd. De rendementen variëren per regeling. Houd rekening met 5 tot 8 procent per jaar. Let wel op eventuele bijkomende kosten, zoals administratiekosten.

Het voordeel van dergelijke constructies is dat je niet bent gebonden aan een postcodegebied. Na een verhuizing kun je blijven participeren. Je kunt bovendien op elk moment in- en uitstappen of panelen bijkopen.

Maar volkomen vrij ben je niet: om het voordeel te genieten zit je vast aan het energiebedrijf. Stap je over naar de concurrent, dan krijg je wel je inleg terug, maar de korting op de energierekening vervalt. Dit is dus een slimme manier van het energiebedrijf om klanten langere tijd vast te houden.

3. Eigen coöperatie oprichten

Je kunt ook samen met de buurt of een groep vrienden een energiecoöperatie oprichten. Je koopt dan samen zonnepanelen, die je laat plaatsen op bijvoorbeeld het dak van een bedrijf of school in de buurt. Vervolgens deel je samen de kosten en opbrengsten. Wek je meer op dan je samen verbruikt, dan gaat de winst naar de coöperatie.

Dit vraagt natuurlijk wel de nodige organisatie.

4. Crowdfunding

Je kunt ook deelnemen aan een crowdfundproject, via bijvoorbeeld Zonnepanelendelen of DuurzaamInvesteren. Hierbij investeer je in zonnepanelen op een ander dak. Dit hoeft niet bij jou in de buurt te zijn, zoals bij de postcoderoosregeling.

Deze constructie is vergelijkbaar met een belegging in obligaties. Je krijgt elk jaar een bedrag uitgekeerd. Dit kan een rendement zijn op basis van de productie van de panelen of een vaste of variabele rente. Gedurende de looptijd of aan het eind ervan (afhankelijk van het project) wordt de lening afgelost. Hoeveel rendement je krijgt, hangt af van het project waarin je investeert. Meestal schommelt het tussen de 3 en 6 procent per jaar.

De looptijden variëren. Er zijn projecten met een looptijd van vijftien jaar (vergelijkbaar met eigen panelen), maar ook met een kortere adem van bijvoorbeeld vijf jaar. Ook de inleg loopt behoorlijk uiteen. Bij zonnepanelendelen kun je al deelnemen vanaf 25 euro, maar er zijn ook projecten waarvoor je meer dan 1.000 euro moet meebrengen.

Er kleven wel wat risico’s aan, afhankelijk van het type project waaraan je deelneemt. Zo kan het rendement kan lager uitpakken dan verwacht, omdat de opbrengst uit de zon tegenvalt. Maar dat is ook het geval als je zelf panelen hebt.

Vaak is de rente ook variabel, waardoor deze gedurende de looptijd kan variëren. Net als bij gewone obligaties loop je het risico op betalingsachterstanden en kun je in het ergste geval zelfs je inleg kwijtraken. Het zijn vaak achtergestelde obligaties, waardoor bij een faillissement andere schuldeisers voorgaan.

Verder zijn de obligaties vaak beperkt verhandelbaar, in tegenstelling tot obligaties die je via de beurs kunt verkopen.

5. Stroom kopen van de panelen van een ander

Een andere optie is zonne-energie afnemen van particuliere eigenaren van zonnepanelen. In dat geval investeer je dus niet in panelen, maar neem je alleen de stroom af. Er zijn allerlei initiatieven waarbij aanbieders van zonne-energie en afnemers bij elkaar worden gebracht, zoals Vandebron, Powerpeers en Opgewektvoorelkaar van energiebedrijf Engie.

Eigenaren van zonnepanelen kunnen hun overschot aan zonne-energie doorverkopen aan huishoudens die geen panelen hebben. Zij krijgen hiervoor een vergoeding en/of korting op de leveringskosten van het energiebedrijf. Deze constructie levert jou als afnemer niets extra’s op, maar je stimuleert wel de opwekking van duurzame energie.

Je moet natuurlijk wel klant zijn bij hetzelfde energiebedrijf. Ga je verhuizen, dan kun je gewoon gebruik blijven maken van deze regeling, tenzij je dus overstapt naar een andere energieleverancier.

Lees meer over duurzame energie: