Sinds 2009 wordt de handel in de extreem inefficiënte gloeilamp gefaseerd afgebouwd. En nu staat de halogeenlamp hetzelfde lot te wachten.

Gloeilampen kun je nog steeds kopen, omdat het verkoopverbod niet geldt voor de bestaande voorraden van winkeliers, die in sommige gevallen zelfs besloten extra in te slaan om aan de vraag te blijven voldoen.

Een vergelijkbaar scenario valt te verwachten voor halogeenlampen, die sinds 2016 worden uitgefaseerd en vanaf 1 september 2018 in vrijwel alle gevallen niet meer aan de zuinigheidseisen van de Europese Unie voldoen.

Ook dit keer mogen bestaande voorraden worden verkocht, en ook proberen sommige winkeliers nog zo veel mogelijk halogeenlampen in te kopen. Maar er is wel een verschil: er zijn inmiddels veel meer en betere alternatieven beschikbaar dan toen de EU de gloeilamp in de ban deed.

“Toen waren er niet zulke goede alternatieven. Niet dezelfde kleur en de dimbaarheid was moeilijk”, zegt Remko Gremmen van lampenwinkel Aurora Kontakt in Amsterdam tegen de NOS. “Je ziet nu wel dat de ledlamp verbetert qua kleur en dimbaarheid, en dus dat er meer mensen voor led gaan. Maar er zit wel een kostenplaatje aan. Er zijn ook mensen die dat niet willen of die vastgeroest zitten in wat ze kennen.”

Ben jij ook iemand die wél van halogeenlampen houdt, maar niet van verandering, leg dan gerust je eigen voorraadje aan. Zit je zelf niet zo vastgeroest in je gewoonten, lees dan over de vier zaken om te overwegen bij het vervangen van je oude verlichting.

Weet dat ledlampen tegenwoordig vrijwel altijd met dezelfde fittingen verkrijgbaar zijn als halogeenlampen.

Lees ook op Business Insider

1. Halogeenlampen zijn bijna net zo inefficiënt als gloeilampen

Sterker nog: halogeenlampen zíjn eigenlijk gewoon gloeilampen. Een gloeilamp bestaat uit een gloeidraad in een zuurstofarme glazen bol, die wordt verhit door middel van stroom. De gloeidraad van wolfraam of constantaan gaat daardoor licht geven, maar doet dat dus bijzonder inefficiënt.

Een typische oude gloeilamp zet maar 5 tot 10 procent van de gebruikte stroom om in licht. De rest wordt omgezet in (rest)warmte. In het geval van de halogeenlamp wordt de glazen bol gevuld met inert gas onder hoge druk en wordt daar een kleine hoeveelheid broom of jodium aan toegevoegd. Het rendement is iets beter dan dat van de gloeilamp, maar ook hier wordt verreweg de meeste energie omgezet in warmte.

Precieze vergelijkingen zijn moeilijk te geven, maar deze komen we vaak tegen: het aandeel opgenomen energie dat wordt afgegeven in licht is bij een ledlamp zo’n 50 procent, bij een fluorescentielamp (spaarlamp of tl-buis) ongeveer 35 procent en bij een gloeilamp (zoals de halogeenlamp) niet meer dan 10 procent.

Op het gebied van energieverbruik is er dus alvast weinig reden om medelijden te hebben met de halogeenlamp.

2. Ledlampen zijn duurder, maar verdienen zichzelf gemakkelijk terug

Ledverlichting is dus een stuk efficiënter, maar zoals lampenverkoper Remko Gremmen al zei zit er wel een kostenplaatje aan. Ledlampen zijn per stuk flink duurder dan halogeen- en gloeilampen. Hoe verhoudt zich dat tot de energie die je ermee bespaart?

Laten we het eenvoudig houden en het rekenvoorbeeld van voorlichtingsorganisatie Milieu Centraal erbij pakken. Uitgaande van een gewenste lichtsterkte van 400 lumen, met 550 branduren per jaar en een elektriciteitsprijs van 21 cent per kilowattuur, komt Milieu Centraal op het volgende kostenplaatje over een periode van vijftien jaar:

(klik om te vergroten)

De ledlamp is dus veel duurder, maar hoeft in die vijftien jaar volgens deze berekening niet vervangen te worden. De halogeenlamp moet maar liefst vier keer vervangen worden en verbruikt in die periode ook veel meer energie. Milieu Centraal komt uit op eindbedragen die de halogeenlamp 3,5 keer zo duur maken als de ledlamp.

Die inefficiëntie van de halogeenlamp laat zich natuurlijk ook naar een CO2-plaatje vertalen. Milieu Centraal: “De Europese Commissie heeft berekend dat het verdwijnen van de gloeilamp in 2020 een energiebesparing oplevert van 40 miljard kWh. Dat is vergelijkbaar met het jaarlijks stroomverbruik van alle Nederlandse en Belgische huishoudens samen. De regelgeving voor huishoudelijke verlichting vermijdt zo 15 miljard kilo CO2-uitstoot.”

Volgens de organisatie ontstaat tot wel 99 procent van de milieudruk van verlichting door het elektriciteitsgebruik van de lamp.

3. Ledverlichting is veel gezelliger dan een aantal jaar geleden

Toen ledverlichting rond de eeuwwisseling opkwam, was er nog weinig mee mogelijk naast de productie van kil en ongezellig blauw/wit licht. Misschien heb jij dat beeld nog steeds bij ledverlichting, maar dat is echt achterhaald.

Een aardig voorbeeld van de huidige mogelijkheden van ledlampen is de adviespagina op de website van de Consumentenbond. Daar zie je dat je inmiddels met allerlei factoren rekening kunt (en moet) houden, zoals de stralingshoek, de keuze tussen sfeer-, dag- en warm licht, en de lichtkleur en kleurweergave.

Met systemen als de Philips Hue en de Playbulb Smart kun je bijna eindeloos veel soorten kleuren en intensiteit per lamp instellen.

4. Ook spaarlampen zijn zuinig, maar die hebben weer andere nadelen

We hebben de halogeenlamp tot nu toe vooral met de ledlamp vergeleken, maar de spaarlamp is er natuurlijk ook nog. Die is bijna net zo zuinig als de ledlamp en hoeft er dus niet meteen uit als je een rondje door het huis maakt om de halogeenlampen te vervangen.

Maar ten opzichte van de ledlamp heeft de spaarlamp wel een paar andere nadelen. Het bekendste zal zijn dat het even duurt voordat de spaarlamp op volledige lichtsterkte is.

Maar wist je ook dat spaarlampen slecht functioneren in de kou? Dat maakt ze dus ongeschikt voor gebruik in je tuin, schuur of garage.

Daarnaast hebben spaarlampen een kortere levensduur dan ledlampen, wat ze op termijn toch weer een stuk duurder maakt. Ook moet de lamp met zorg worden opgeruimd mocht hij stukgaan, in verband met het kwik dat erin verwerkt is.

Al met al kunnen we dus gerust concluderen dat je jouw gloei- en halogeenlampen het best kunt vervangen door ledlampen, en liever vandaag dan morgen. Er zijn in een gemiddeld huishouden nog elf gloeilampen en dertien halogeenlampen in gebruik, dus er valt nog genoeg milieu- en geldwinst te behalen.

Lees meer: