Bij de Amerikaanse presidentsverkiezingen van 3 november aanstaande zullen traditiegetrouw de zogenoemde ‘swing states’ de doorslag geven.

Momenteel zijn er 13 staten waar het extra spannend kan worden in de strijd tussen Donald Trump en Joe Biden.

De ogen zullen vooral gericht zijn op staten als Florida, Texas en Pennsylvania.

De meeste stemmen krijgen en toch de presidentverkiezingen verliezen. Het kan in de Verenigde Staten en het overkwam Hillary Clinton, de tegenstander van Donald Trump in 2016.

De strijd om het presidentschap draait ook dit jaar niet alleen om het winnen van de gunst van de meeste kiezers, maar ook vooral om het veroveren van strategisch belangrijke staten.

Kiezers in de zogenoemde ‘swing states’ hebben grote invloed op wie er straks in het Witte Huis zit: Trump of zijn Democratische uitdager Joe Biden.

Dat de stem van sommige kiezers belangrijker kan zijn dan die van anderen, komt doordat de president niet direct wordt gekozen. Elke staat heeft een bepaald aantal kiesmannen.

Lees ook op Business Insider

Amerikaanse verkiezingen: strijd om 538 kiesmannen

Het Kiescollege van de in totaal 538 kiesmannen kiest uiteindelijk de president. In vrijwel alle staten geldt het ‘winner-takes-all-principe’: de kandidaat die de meeste stemmen in een staat krijgt, krijgt ook alle kiesmannen van die staat achter zich.

Het Amerikaanse kiesstelsel kan hierdoor leiden tot een situatie waarin een kandidaat wel de meerderheid van de stemmen krijgt, maar niet een meerderheid aan kiesmannen.

Clinton kreeg in 2016 verreweg de meeste stemmen in staten als Californië en New York, maar die leverden haar evenveel kiesmannen op als wanneer ze nipt had gewonnen.

Trump stelde daar krappe overwinningen tegenover in staten als Pennsylvania, Michigan en Wisconsin en kreeg alle kiesmannen uit die staten.

Hoewel Clinton landelijk bijna 66 miljoen stemmen (48,2 procent) kreeg tegen bijna 63 miljoen (46,1 procent) voor Trump, bleef voor de Democraten de teller wat betreft kiesmannen steken op 232. Trump kreeg er 306.

‘Swing states’ geven de doorslag

In sommige staten staat de uitslag vrijwel vast. New York en Californië gingen de afgelopen decennia steevast naar de Democraten. Zuidelijke staten als Mississippi en Alabama gelden als Republikeinse bolwerken.

De staten die in de laatste verkiezingen niet telkens naar dezelfde partij zijn gegaan – de ‘swing states’ – gaan mogelijk de doorslag geven.

Volgens nieuwssite Politico zijn er momenteel dertien ‘swing states’ die bepalend kunnen zijn voor de uitslag van de presidentsverkiezingen die op 3 november worden gehouden.

Politico
Politico

In de bovenstaande infographic is te zien dat er vijf staten zijn waar de Democraat Joe Biden een natuurlijk voordeel heeft, omdat deze staten vaker naar de Democraten gaan. Niettemin kan het toch spannend worden gelet op de peilingen.

Het gaat hier om Michigan (16 kiesmannen), Minnesota (10 kiesmannen), New Hampshire (4 kiesmannen), Nevada (4 kiesmannen) en Pennsylvania (20 kiesmannen).

Kijkend naar de zeteltallen is het dus vooral belangrijk voor Biden dat hij zijn voorsprong vasthoudt in staten als Pennsylvania en Michigan.

Voor Trump zijn er vier staten waar de Republikeinen historisch in het voordeel zijn. Maar gelet op de peilingen moet hij nog hard werken voor de overwinning in deze staten. Dit zijn Iowa (6 kiesmannen), Ohio (18 kiesmannen), Georgia (16 kiesmannen) en Texas (38 kiesmannen).

Duidelijk is hier dat een verlies een Texas een flinke klap zou zijn voor Trump.

Dan zijn er nog vier staten waar het traditioneel gezien alle kanten op kan. Dit zijn Wisconsin (10 kiesmannen), Arizona (11 kiesmannen), North Carolina (15 kiesmannen) en Florida (29 kiesmannen).

De beslissende staat is hier zonder twijfel Florida. Sinds 1992 heeft de winnaar van de Amerikaanse presidentsverkiezingen altijd gewonnen in Florida.

George Bush versloeg Al Gore met miniem verschil in Florida

Dat een ‘swing state’ de doorslag kan geven, bleek ook in 2000. Toen versloeg George W. Bush de Democraat Al Gore met 271 tegen 266 kiesmannen nadat Bush met enkele honderden stemmen verschil de staat Florida had gewonnen.

Gore kreeg landelijk een half miljoen stemmen meer dan zijn Republikeinse rivaal, maar verloor toch. Het was de eerste keer sinds 1888 dat de kandidaat met de meeste stemmen niet de meeste kiesmannen kreeg.

Ook staten die niet als ‘swing state’ worden gezien, kunnen veranderen van politieke kleur. In Texas (38 kiesmannen) speelt bijvoorbeeld mee dat de Spaanstalige minderheid daar een steeds groter deel van de bevolking uitmaakt.

In de laatste Senaatsverkiezing in 2018 wist de jonge Democraat Beto O’Rourke er bijna de Republikeinse senator Ted Cruz te verslaan. Een nederlaag in een staat als Texas zou dan ook zomaar Trumps lot kunnen bezegelen.

Lees meer over de Amerikaanse verkiezingen: