• De vergrijzing treft huisartsen: bijna 2.500 huisartsen is 60 jaar of ouder. Hiervan wordt verwacht dat een groot gedeelte binnen 5 jaar stopt, blijkt uit onderzoek van ABN AMRO.
  • Hierdoor neemt de druk op de huisartsenzorg toe en stijgt het aantal praktijken dat geen patiënten kan aannemen.
  • Ook zouden artsen meer tijd aan patiënten willen besteden, maar is de administratieve druk te hoog om dit te bewerkstelligen.
  • Lees ook: Belastingaangifte 2022: welke zorgkosten kun je als aftrekpost gebruiken?

De kwaliteit en de toegankelijkheid van de huisartsenzorg “staan onder druk”, waarschuwt ABN AMRO in een onderzoeksrapport over de sector. Terwijl de vraag naar zorg toeneemt, zowel door vergrijzing als doordat jongeren vaker een beroep doen op hun huisarts, stijgt het aantal praktijken dat geen plek heeft voor nieuwe patiënten. Inmiddels geldt dat volgens het rapport voor 60 procent van de praktijken. In 2018 nam 48 procent geen nieuwe patiënten aan.

Vergrijzing heeft ook effect op de beroepsgroep zelf: bijna 2500 huisartsen zijn 60 jaar of ouder. “De verwachting is dat hiervan een groot aantal tussen nu en 5 jaar zal stoppen met werken”, schrijven de onderzoekers. Er worden weliswaar ook meer huisartsen, verpleegkundig specialisten en assistenten opgeleid, maar de druk op huisartsen zal “onverminderd hoog” blijven, stellen ze. Als veel artsen tegelijk stoppen, wordt de overdracht van hun praktijken “een ingewikkeld vraagstuk”.

Huisarts heeft gemiddeld 11 minuten tijd per consult

Tegelijkertijd blijven mensen gemiddeld ook nog langer thuiswonen, wat ook weer leidt tot meer werk voor de huisarts. Door de combinatie van factoren hebben zij eigenlijk niet genoeg tijd voor hun patiënten: per consult heeft de huisarts gemiddeld 11 minuten, becijferen de onderzoekers, terwijl dat bij voorkeur een kwartier zou moeten zijn. Ook administratieve verplichtingen kosten tijd, voegen de opstellers van het rapport eraan toe.

Meer tijd hebben voor de patiënt is al jaren een vurige wens van de huisartsen en hun beroepsorganisaties. Dat blijft dus een heikel punt, al kan het Integraal Zorgakkoord (IZA) volgens de onderzoekers van de bank wel een positieve bijdrage leveren.

In dat akkoord hebben de overheid, zorgverzekeraars en medici afspraken gemaakt die de zorg goed en betaalbaar moeten houden. Meer tijd voor de patiënt wordt er ook in genoemd. Huisartsen waren daar eerder sceptisch over en weigerden aanvankelijk hun handtekening te zetten, maar dat deed de Landelijke Huisartsenvereniging (LHV) in januari alsnog.

Verder noemen de schrijvers van het rapport het "cruciaal" dat de regeldruk vanuit de overheid vermindert. Verder pleiten ze voor intensievere samenwerking tussen regio's en tussen de verschillende takken van de zorg, zoals de huisartsen, de GGD, de geestelijke gezondheidszorg, ziekenhuizen en de wijkverpleging. Verdere digitalisering en zorg op afstand kunnen het werk ook efficiënter maken, denken de onderzoekers.

Infographic Huisartsenbranche 2023
Infographic Huisartsenbranche 2023
ABN AMRO

LEES OOK: Een sociale robot als oplossing voor het personeelstekort in de zorg: ‘Tonnie’ gaat aan de slag bij de GGZ Oost Brabant