Op dinsdag 18 september presenteerde het kabinet-Rutte 3 de de begroting voor 2019 en het daarbij behorende Belastingplan.

Een hoop plannen waren al aangekondigd bij het sluiten van het regeerakkoord tussen VVD, CDA, D66 en de ChristenUnie een jaar geleden. Maar er zijn toch nog de nodige details die de moeite van het vermelden waard zijn.

Welke maatregelen wil het kabinet-Rutte 3 doorvoeren die je portemonnee raken in 2019? We nemen de belangrijkste punten door:


1. Verhoging lage btw-tarief van 6% naar 9%

Politici in Den Haag durven het nog niet aan om het verschil tussen het lage en het hoge btw-tarief helemaal op te heffen. maar in 2019 wordt wel een eerste stap gezet. Het lage btw-tarief gaat met 3 procentpunt omhoog naar 9 procent.

Dat raakt de prijzen van tal van goederen en diensten. Zo gaan taxitarieven volgende jaar met zo’n 6 procent omhoog, mede door de hogere btw.

Wat betreft de dienstverlening vallen naast taxi’s ook zaken als fiets- en schoenreparaties, kappers, optredens van artiesten, schilders en stukadoors onder het lage btw-tarief.

Voor goederen gaat het onder meer om etenswaren, niet-alcoholische dranken, geneesmiddelen, boeken en kunstvoorwerpen.

Lees ook op Business Insider


2. Tarieven inkomstenbelasting vanaf 2019: naar twee schijven

De verhoging van het btw-tarief betekent een lastenverzwaring voor huishoudens, maar daar staat ook een grote lastenverlichting tegenover.

Bij de inkomstenbelasting wordt in 2019 een overgang ingezet naar twee schijven in plaats van vier. Tot een inkomen van 68 duizend euro geldt uiteindelijk een tarief 37 procent, daarboven wordt het tarief 49,5 procent.

Onderstaande tabel van de Consumentenbond geeft een idee wat dit uiteindelijk betekent bij verschillende inkomensniveaus. Bij inkomens tot 20.000 euro is het effect negatief, daarboven positief.


 
Wat betreft de details van de uitvoering, die zien er als volgt uit voor mensen die de AOW-leeftijd nog niet hebben bereikt (klik voor uitvergroting).

In de tabel hierboven is te zien dat er in 2019 in feit nog met 4 schijven wordt gewerkt, maar dat over het inkomen tussen grofweg 20.000 euro en 68.500 euro hetzelfde tarief wordt gehanteerd van 38,05 procent. In 2021 is zijn er twee tarieven van respectievelijk 37,05 procent tot 68.507 euro en 49,5 procent voor het inkomen dat daarbovenuit komt.


3. Hogere heffingskortingen

Naast per saldo lagere tarieven voor de inkomstenbelasting, sleutelt Rutte 3 ook aan de heffingskortingen. Dat zijn vaste bedragen die je mag aftrekken van de te betalen belasting. Iedereen heeft hierbij recht op de algemene heffingskorting. Wie werkt kan aanspraak maken op de arbeidskorting en voor werkende stellen is er de combinatiekorting.

De arbeidskortingen zijn wel gekoppeld aan de hoogte van het inkomen. Zo wordt de algemene heffingskorting vanaf een inkomen van ongeveer 30.000 euro stapsgewijs afgebouwd.

Wat betreft de algemene heffingskorting is het plan om het maximum tussen 2019 en 2021 geleidelijk te verhogen met 358 euro.

(klik voor uitvergroting)

Wat betreft de arbeidskorting is de verhoging vooral gericht op inkomens tussen de 20.000 duizend en 40.000 euro, zoals te zien is in onderstaande grafiek.

(klik voor uitvergroting)


4. Hypotheekrente-aftrek weer stapje omlaag

De vereenvoudiging van het schijvenstelsel voor de inkomstenbelasting gaat gepaard met een versnelde afbouw van de hypotheekrenteaftrek. Voor 2019 geldt nog dat de rente aftrekbaar is tegen een tarief van maximaal 49 procent – dat is een half procentpunt minder dan in 2018.

Maar vanaf 2020 gaat het tarief met 3 procentpunt per jaar omlaag, totdat in 2023 het niveau van het belastingtarief van de eerste schijf is bereikt (37,05 procent). Tegelijk wordt in de  komende jaren ook de maximale bijtelling voor het eigenwoningforfait verlaagd. Dit percentage is gekoppeld aan de WOZ-waarde van woningen.

Dat ziet er als volgt uit:

(klik voor uitvergroting)


5. Energiebelasting fors omhoog

Het kabinet-Rutte 3 schroeft de energiebelastingen fors op. Voor 2019 staan hogere bijdragen voor de energiebelasting op aardgas, elektriciteit en de zogenoemde Opslag Duurzame Energie (ODE) op de rol. Hoe dit precies uitpakt voor individuele huishoudens, hangt af van het energieverbruik.

Voor huishoudens met een gemiddeld verbruik van 3.500 kWh stroom en 1.500 kuub gas per jaar komen de belastingverhogingen neer op een extra heffing van 150 euro per jaar. Financiële vergelijker Pricewise maakte het volgende overzicht:


6. Zorgpremie basisverzekering omhoog in 2019

De regering heeft geen directe invloed op de hoogte van de premie voor de basisverzekering in de zorg. Maar omdat de politiek wel de samenstelling van het pakket beïnvloed en met verzekeraars bespreekt wat de gevolgen zijn, kan het kabinet wel een prognose geven voor de zorgpremie.

Bronnen rond het kabinet stellen dat de zorgpremie voor de basisverzekering in 2019 met gemiddeld 124 euro stijgt tot 1.432 euro voor het hele jaar, ofwel 119 euro per maand. Het standaard eigen risico blijft volgend jaar overigens 385 euro.


7. Autobelastingen: aanscherping bijtelling voor leaserijders

In 2019 wordt de zogenoemde ‘Tesla-taks’ van kracht. Leaserijders met duurdere elektrische auto’s profiteren minder.

Voor privé-gebruik van de leaseauto boven de 500 kilometer geldt het lage bijtellingstarief (4 procent bij een CO2-uitstoot van nul gram) alleen voor auto’s met een catalogusprijs tot 50.000 euro. Voor zover de prijs daarboven uitkomt geldt een bijtellingstarief van 22 procent.

Nu is het nog zo dat bij auto’s die geen CO2 uitstoten het 4-procentstarief voor de bijtelling voor de volledige catalogusprijs geldt.


LEES OOK: Er zijn 3 soorten miljonairs – en eentje daarvan is veruit het meest succesvol