Het Brabantse PlantLab heeft 20 miljoen euro groeigeld opgehaald om verticale boerderijen te openen in Nederland, de Verenigde Staten en op de Bahama’s.

PlantLab is opgericht in 2010 en ontwikkelt technologie om groente te kweken in een gesloten systeem zonder zonlicht. Het energie-, water- en mestverbruik is minimaal.

De productielocaties van PlantLab kunnen overal ter wereld staan, zelfs op onvruchtbare grond of midden in stedelijke gebieden. Hierdoor hoeft voedsel niet meer over lange afstanden getransporteerd te worden.

Over tien jaar mikt PlantLab op een omzet van 1 miljard euro.

IJsbergsla uit Spanje, tomaten uit Marokko en rucola uit Italië. Nederlandse supermarkten liggen vol met groente uit andere landen. Dat gesleep met voedsel wil PlantLab tegengaan.

In de ‘verticale boerderijen’ van het Brabantse bedrijf kunnen gewassen groeien vlak bij de consument. Een ruimte van twee voetbalvelden is genoeg om een stad van honderdduizend inwoners dagelijks van 200 gram groente te voorzien, claimt het bedrijf.

In Amsterdam staat de eerste productiehal van duizend vierkante meter. PlantLab levert vanuit die locatie al kruiden aan horecagroothandels.

Lees ook op Business Insider

Binnenkort komen daar tienduizend vierkante meter bij in de Verenigde Staten, de Bahama’s en elders in Nederland. Voor de uitbreiding heeft het Bossche bedrijf 20 miljoen euro opgehaald bij De Hoge Dennen Capital, dat eerder onder meer geld stak in websuper Picnic.

“Wij willen de voedselketen radicaal verkorten”, zegt CEO Michiel Peters. “Hoe verser de groente, hoe beter. Na een paar dagen in een vrachtwagen is het gewoon een stuk minder lekker.”

Minder voedsel transporteren betekent ook minder CO2-uitstoot én voedselverspilling. Een deel van de groente bederft namelijk onderweg.

PlantLab creëert de optimale omstandigheden voor de plant

PlantLab kweekt indoor onder meer bladgewassen, kruiden en tomaten in gestapelde etages, waarbij de omstandigheden exact gecontroleerd worden.

“Een kas is een stap in de goede richting, maar dit is de overtreffende trap die perfecte controle geeft over de groei van de plant”, aldus Peters.

Het bedrijf houdt in de groenteflats zo’n veertig parameters in de gaten, van de voedingsstoffen en luchtvochtigheid tot de temperatuur in het blad en de wortels.

Foto: Het management van PlantLab: Leon van Duijn (oprichter), Marcel Kers (oprichter), Michiel Peters (CEO), John van Gemert (oprichter) en Frank Roerink (CFO).
Foto: Het management van PlantLab: Leon van Duijn (oprichter), Marcel Kers (oprichter), Michiel Peters (CEO), John van Gemert (oprichter) en Frank Roerink (CFO).

Ook het licht is een belangrijk element. PlantLab gebruikt ledlampen die specifieke kleuren uitzenden: blauw, rood en verrood (tussen rood en infrarood op het lichtspectrum). “Voor fotosynthese gebruikt de plant maar een klein deel van het normale zonlicht”, zegt Peters.

Door de optimale omstandigheden te bieden in een gesloten systeem is het kweekproces zeer efficiënt. Zo daalt het waterverbruik met 95 procent door het vocht dat planten verdampen weer op te vangen. Ook zijn er geen bestrijdingsmiddelen nodig en blijft bemesting tot een minimum beperkt.

“In principe kunnen wij alle planten laten groeien”, zegt Peters. “De vraag is alleen of het economisch zinvol is. Aardappels zijn beter houdbaar dan verse sla, dus daar is minder winst te behalen.”

PlantLab heeft in tien jaar tijd veel patenten vergaard

PlantLab is niet het enige bedrijf dat aan de weg timmert met verticale boerderijen. Het Nederlandse GrowX heeft ook een locatie in Amsterdam en het Duitse Infarm werkt samen met Albert Heijn. Ook in Schotland, de Verenigde Staten, Japan en Singapore sleutelen bedrijven aan gestapelde landbouw.

Wat PlantLab onderscheid? Peters: “Wij zijn een van de spelers van het eerste uur, met een goede positie qua kennis en patenten.”

Vraag dat maar aan Philips. De lichttak van het Eindhovense bedrijf had in 2017 een akkefietje met de Bosschenaren over het telen van groente in afgesloten ruimtes met licht van ledlampen.

PlantLab heeft een octrooi op die werkwijze en werd door de Europese Patent Organisatie in het gelijk gesteld, al trok een Nederlandse rechter een jaar later de geldigheid van dat patent in twijfel.

Van betaald onderzoek naar zelf voedsel kweken

Sinds de oprichting in 2010 heeft PlantLab het optimale groeirecept van tientallen groenten uitgedokterd. Zo ontdekken ze dat tomatenzaadjes veel blauw en weinig rood licht nodig hebben om te ontkiemen. En lollo rosso-sla krijgt z’n rode kleur met een beetje paars licht.

Aanvankelijk past PlantLab die kennis niet toe om zelf voedsel te kweken. Het bedrijf doet betaald onderzoek in opdracht van zaadveredelaars als Syngenta die met de Brabantse technologie het veredelingsproces kunnen versnellen.

Foto: PlantLab
Foto: PlantLab

Tot oprichters Leon van Duijn, Marcel Kers en John van Gemert beseffen dat ze met hun gecontroleerde kweeksystemen de gehele voedselketen op z’n kop kunnen zetten.

“We wilden niet langs de zijlijn staan kijken, maar die beweging zelf in gang zetten”, zegt CEO Peters. “Daar hadden we wel wat financiering bij nodig. Die hebben we nu aangetrokken.”

PlantLab heeft ook een sociale missie

Met 20 miljoen euro aan vers kapitaal wil PlantLab de technologie verder ontwikkelen en nieuwe productielocaties bouwen, onder meer in de Amerikaanse stad Indianapolis. Daar werken de Brabanders samen met een instelling die nauw betrokken is bij mensen in achterstandswijken.

“Dat past ook bij onze missie”, zegt Peters. “De voedselketen moet korter, duurzamer, maar ook sociaal rechtvaardiger. We vinden het belangrijk dat iedereen op de wereld goed voedsel kan krijgen.”

PlantLab heeft nu 6,4 miljoen euro omzet, over tien jaar mikt het bedrijf op 1 miljard euro en moeten er tientallen verticale boerderijen over de hele wereld staan. Een ambitieus doel, maar om de landbouwsector te transformeren is volgens Peters meer nodig.

“De branche is zo groot, die verandering duurt decennia. Wij denken dat gewassen die het meest vers moeten zijn als eerst aan de beurt zijn. Hoe het daarna loopt, zien we wel.”


Lees meer over duurzaam ondernemen: