Olieprijzen zijn hard gedaald dit jaar, met in april zelfs de unieke situatie van negatieve prijzen van Amerikaanse olie.

Als er geen tweede coronagolf komt en de economie herstelt, kan de olieprijs opkrabbelen richting 40 tot 65 dollar per vat.

Het technische koersbeeld op de korte termijn laat echter nog steeds een downtrend zien. Die moet eerst worden doorbroken, aldus Michael Nabarro en Gökhan Erem van TradeIdee.

ANALYSE – Olieprijzen staan fors lager dan we gewend zijn. Een vat Amerikaanse olie van 159 liter (WTI) is dit jaar zelfs grofweg 50 procent in waarde gedaald. Hier zijn twee oorzaken voor.

Ten eerste was er de onenigheid tussen olieproducenten Saudi-Arabië en Rusland, die na een fikse ruzie pas in de loop van april tot productieafspraken kwamen.

Terwijl de twee oliegrootmachten met elkaar overhoop lagen, kwam daar de corona-uitbraak overheen. Deze combinatie van te veel aanbod en plotselinge vraaguitval zorgde voor flinke prijsdruk. Het kwam zelfs zover dat er een olieprijs van min 40 dollar op de schermen heeft gestaan voor Amerikaanse olie.

Negatieve olieprijs: dat werkt zo

Negatieve olieprijzen, hoe kan dat? Termijncontracten voor olie worden verhandeld met een bepaalde afloopdatum. Op dat moment moet er afgerekend worden en wordt er ook daadwerkelijk fysiek olie afgeleverd.

Lees ook op Business Insider

Als je de spullen niet in ontvangst wilt nemen en alleen financieel wenst te speculeren, dien je er op tijd voor te zorgen dat je van je verplichtingen af bent. Als je dat niet op tijd regelt, moet je snel op zoek naar een flinke opslagruimte om de vaten met olie op te slaan.

Gedurende april, toen het termijncontract voor levering van Amerikaanse olie in mei afliep, traden er problemen op met de opslagcapaciteit van olie. Om fysieke levering te vermijden werd op een gegeven ogenblik zelfs geld betaald om levering te voorkomen. Als het minder kost om geld mee te geven dan opslag te kopen is de som snel gemaakt. Zo zagen we voor het eerst in de historie een negatieve olieprijs.

Ook bleek een aantal brokers niet goed met de snelle prijsontwikkeling om te kunnen gaan, toen Amerikaanse olieprijzen op 20 april in de min doken. Handelssoftware was niet ingesteld op negatieve prijzen en marginberekeningen functioneerden niet, zodat handelaren niet op tijd zagen dat ze door de negatieve olieprijs veel meer onderpand moesten aanhouden om aan hun verplichtingen te voldoen.

Inmiddels zijn er al schadevergoedingen uitgekeerd aan klanten van brokers die grote verliezen leden met de negatieve olieprijs.

Let wel: de negatieve olieprijs is alleen opgetreden bij een specifiek contract voor West Texas Intermediate (WTI) uit de VS. Brent-olie uit de Noordzee heeft bijvoorbeeld geen negatieve prijs gehad in april.

Op dit moment signaleren wij dat het aantal openstaande contracten voor de komende twee maanden aanzienlijk is verlaagd. Dat verkleint de kans dat olieprijzen opnieuw in de min duiken. Maar ja, hebzucht is een belangrijke drijfveer dus uitsluiten kunnen we het niet.

Grondstofprijzen: extreme bewegingen zijn niet ongewoon

Grondstofmarkten staan sowieso bekend om de soms bijzondere prijsbewegingen. Zo is de prijs van palladium in vier jaar met meer dan 500 procent gestegen. Ook dat is een verhaal waar je achteraf verklaringen voor kunt geven, maar dat aan elkaar hangt van onverwachte gebeurtenissen.

De olieprijs is inmiddels weer opgelopen naar iets meer dan 30 dollar voor West Texas Intermediate. Dus aan beweeglijkheid geen gebrek. En dat zal waarschijnlijk nog wel even aanhouden.

Een tweede opleving van het coranavirus kan de prijs opnieuw onder flink druk zetten, als de vraag naar energie daardoor opnieuw terugvalt. Mocht een tweede coronagolf uitblijven, dan verwachten wij dat de olieprijs langzaam verder zal oplopen richting de 45 dollar tot 60 dollar. Dit omdat er te veel olieproducenten lijden onder de lage prijzen.

Als de huidige prijsniveaus langer aanhouden, raakt dat niet alleen westerse olieproducenten zoals ExxonMobil en Shell, ook belangrijke olieproducerende landen zullen langs de rand van de economische afgrond glijden. Voor de beursnotering van het Saudische staatsoliebedrijf Aramco is een aanhoudend lage olieprijs bijvoorbeeld bijzonder pijnlijk.

Saudi-Arabië heeft ook een strategisch belang bij een hogere olieprijs, omdat dit inkomsten oplevert voor de beoogde transformatie naar een economie die juist minder afhankelijk wordt van olie.

We zien dan ook op dit moment dat het verschil tussen vraag en aanbod al kleiner wordt en prijzen in contango bewegen. Dat wil zeggen: olieprijzen zijn hoger bij levering op de langere termijn dan bij levering op de korte termijn.

De ontwikkeling op de termijnmarkt suggereert dus dat olieprijzen langzaam oplopen. Tegelijk is de onzekerheid rond het verdere verloop van de coronacrisis groot. Dit maakt olie een belegging met een hoog speculatief karakter, maar daar zijn de mogelijke rendementen dan ook naar.

Wat zegt de grafiek van de olieprijs?

Allereerst levert het historische moment van een negatieve olieprijs een bijzonder plaatje op. Tegelijk kun je daar vanuit technische optiek weinig mee.

De conclusie die je wel kunt trekken is dat de neerwaartse spiraal van olieprijzen nog altijd aanwezig is. Lagere toppen en lagere bodems vormen het beeld voor deze grafiek. Bij afwezigheid van een stevige bodem in de koersen blijft het risico van een herhaling van een nieuwe dip gewoon aanwezig.

Zonder met de extremen van opnieuw negatieve olieprijzen te rekenen, is een terugval van koersen die rond 20 dollar noteren is wel degelijk mogelijk.

Sterker, dit zou  in de verwachting moeten liggen. De eerste vraag is of prijzen het niveau van 30 dollar substantieel kunnen doorbreken. Daarna ligt er een volgende weerstand op 40 dollar.

De horizontale barrières die de oude top en bodem van voor de glijpartij opwerpen, geven de neerwaartse trend vooralsnog kracht.

Als de partijen die de koersen kunnen sturen het hoofd koel houden, er geen coronategenslagen en de economie niet verder verzwakt, dan kun je op termijn de waarde van de olieprijs die geschat wordt door fundamentele analisten rustig gaan opzoeken. Dus een niveau van 45 tot 60 dollar.

Maar het blijft zo dat je eerst de downtrend voorbij moet en dus boven 40 dollar uit moet zien te komen.

Tot slot: voor particuliere beleggers geldt dat, als je in olie wil beleggen, de handel in futures (termijncontracten) niet erg voor de hand ligt. Zeker als je geen professional bent…of als je geen tanker in de sloot achter je huis hebt liggen.

Lees meer beursanalyses op TradeIdee.nl. Deze analyse is niet bedoeld als een advies tot het doen van individuele beleggingen.

Michael Nabarro, CMT, is onafhankelijk beleggingsspecialist. Zijn financiële carrière begon in 1989. Sindsdien is hij nauw betrokken bij het adviseren van particuliere en professionele relaties met een actieve beleggingsstijl. Je kunt Michael ook dagelijks volgen via TradeIdee.nl. Dit is een beleggersplatform waar verschillende deskundige en gerenommeerde beleggingsspecialisten je onder andere laten meekijken met hun beleggingsportefeuille.

Gökhan Erem is opgeleid tot Chartered Market Technician (CMT) en is sinds 1995 werkzaam in de financiële sector. Gökhan werkt samen met Geert-Jan Nikken in het in 2008 opgerichte LeoMont B.V. Sinds 2016 publiceert hij zijn ideeën en meningen op TradeIdee.