Al maanden wordt erover gesteggeld in Den Haag en al weken lekken er stukken over uit: het Klimaatakkoord. Vanmiddag weten we eindelijk wat er echt in staat en hoe het kabinet-Rutte 3 de klimaatcrisis te lijf wil gaan.

Maar er zijn al een paar dingen uitgelekt. Om ervoor te zorgen dat onze CO2-uitstoot voldoende daalt, en om zo dus te voorkomen dat de temperaturen in rap tempo stijgen en we steeds vaker te maken krijgen met extreem weer, wil het kabinet bijvoorbeeld gas duurder maken.

De belasting op aardgas gaat met tien cent per kubieke meter omhoog en elektriciteit wordt juist goedkoper. Dat moet mensen stimuleren om hun gasfornuis in te ruilen voor een elektrische kookplaat, of om te kiezen voor een warmtepomp in plaats van een cv-ketel.

Daarnaast wil het kabinet elektrisch rijden blijven stimuleren, maar wel in aangepaste vorm, en gaat het kijken naar de invoering van een vorm van rekeningrijden. Ook bij de land- en tuinbouw wordt gezocht naar manieren om de uitstoot van broeikasgassen terug te dringen: de sector kan rekenen op een extra investering van bijna een miljard euro in verduurzaming.

En zo worden er vanmiddag nog honderden maatregelen genoemd in het Klimaatakkoord. Toch weten we dankzij uitgelekte stukken al dat er een paar ontbreken, die wel in één klap een flinke besparing op CO2-uitstoot kunnen opleveren. Dit zijn ze:


De versnelde sluiting van meerdere kolencentrales

In 2015 won actiegroep Urgenda de Klimaatzaak tegen de Nederlandse Staat: de rechter droeg de overheid op om de CO2-uitstoot in 2020 met 25 procent omlaag te brengen ten opzichte van 1990. Het lijkt er echter niet op dat het de overheid lukt om de uitstoot zo ver omlaag te brengen. Dus oordeelde het gerechtshof afgelopen najaar dat de overheid meer moet doen om de doelstelling te halen.

Lees ook op Business Insider

Klimaatminister Eric Wiebes onderzocht daarop de mogelijkheid van het eerder sluiten van één of meerdere kolencentrales. Dat zou een hoop besparing opleveren, want van de vijf kolencentrales die er nog in Nederland staan, staan de drie grootste en nieuwste in de top 10 van de industriële CO2-vervuilers.

Het kabinet besloot daarop op de Amsterdamse Hemwegcentrale vervroegd te sluiten. De sluiting daarvan stond op de planning voor 2024, maar hij gaat nu al op 1 januari 2020 dicht.

Toch levert dat niet genoeg besparing op, vinden organisaties Natuur & Milieu, Greenpace en het Longfonds. Vorige maand stelden zij op basis van een studie van onderzoeksbureau CE Delft dat het mogelijk is om nog eens drie kolencentrales vervroegd te sluiten, en dat die sluiting minder kost dan verwacht.

Als we de Eemshavencentrale, Maasvlaktecentrale en Centrale Rotterdam per 1 januari 2020 zouden sluiten, zou dat een besparing opleveren van 9 megaton CO2 per jaar. Dat is gelijk aan de uitstoot van bijna 2,7 miljoen benzineauto’s, of de helft van de Nederlandse veestapel. Het is ook precies genoeg om het doel van Urgenda te halen.

Toch kiest het kabinet er niet voor om de centrales vervroegd te sluiten.


Een verlaging van de maximumsnelheid

Sinds 2012 mogen Nederlanders op de snelweg 130 kilometer per uur rijden. Bij de invoering was dat al omstreden, want veel tijdwinst zou het niet opleveren. En dat blijkt ook in de praktijk: de hogere maximumsnelheid zorgt voor meer files en vertragingen. Je rijdt harder, maar bent later thuis.

En het zorgt ook nog eens voor een hogere CO2-uitstoot. Daarom overwoog het kabinet begin dit jaar om de maximumsnelheid weer te verlagen van 130 naar 120 kilometer per uur. Dat zou een besparing van 0,3 megaton CO2 per jaar opleveren, en een verlaging van 130 naar 100 kilometer per uur nog veel meer: 1,5 megaton per jaar.

Toch kiest het kabinet er niet voor om de maximumsnelheid weer te verlagen. Wel gaat het kabinet drie vormen van rekeningrijden onderzoeken. In het Klimaatakkoord worden er nog geen knopen over doorgehakt, dat zal pas bij de volgende formatie gebeuren.

Lees meer: Nederlanders zijn voorstander van rekeningrijden – dit zijn de 3 opties om het in te voeren (en de alternatieven)


Een vergaande CO2-heffing

Vervuilende bedrijven krijgen vanaf 2021 te maken met een CO2-taks. Die taks heeft een heffingsvrije voet, bedrijven kunnen dus tot een bepaald maximum CO2 uitstoten zonder daarover te hoeven betalen. Pas als ze daarboven komen, moeten ze vanaf 2021 per ton 30 euro betalen. Dat loopt tot 2030 op naar 150 euro per ton. Een groot deel van de opbrengst van die heffing wordt geïnvesteerd in de vorm van groene subsidies.

Voor 2030 moet de industrie 14,3 megaton CO2 minder uitstoten, en volgens het Planbureau voor de Leefomgeving is er met deze plannen een kans van 75 procent dat het kabinet hiermee dat doel haalt.

Toch zijn GroenLinks en PvdA niet blij met de plannen. Zij zien liever dat er een CO2-heffing komt op alle uitstoot van broeikasgassen. PvdA denkt dat bij de meest verregaande variant van de CO2-heffing, waarbij alle bedrijven belasting moeten betalen over hun uitstoot, een vermindering van 13 tot 22 megaton gehaald kan worden. GroenLinks is nog wat ambitieuzer: die partij denkt dat een besparing van 16 tot 24 megaton mogelijk is, mits er flink wordt geïnvesteerd.

Daarnaast zijn er twijfels over de details van de plannen: zou zo’n CO2-taks met heffingsvrije voet er wel voor zorgen dat bedrijven hun productiemethoden snel veranderen?

De plannen in het Klimaatakkoord zullen in de komende weken ongetwijfeld flink worden doorgerekend, dus we komen er snel genoeg achter.


Lees meer over klimaatverandering: