Je kent ze wel, de afgezaagde antwoorden op de zo mogelijk nog sleetsere vraag in het sollicitatiegesprek “Wat zijn je grootste zwakten?”

“Mijn grootste zwakte is de aandacht voor detail, ik neem sommige dingen te serieus.” Of deze: “Ik ben een perfectionist, ik doe al mijn werk voor honderd procent.”

Dergelijke antwoorden moet je maar snel vergeten, in de meeste grote bedrijven wordt deze vraag meestal niet eens meer gesteld. Tijdens een HR-congres in Keulen kwam de bewuste vraag ter sprake.

Sven Bauer (businesspartner bij Kuehne+Nagel), Katrin Otto (corporate teammanager van Aldi Süd), Stefan Scheidhauer (lid van de Raad van Bestuur van Avantgarde Experts) en Claas HR-manager Christoph Molinari zijn het hierover roerend eens.

Laat zien welke les je eruit trekt

HR-medewerkers zien aan de lopende band kandidaten voorbijkomen en horen dus niet alleen dagelijks dezelfde gemeenplaatsen, ze weten ook exact hoe ze met specifieke vragen moeten omgaan.

Dus in plaats van “Wat is je grootste zwakte?” vragen ze naar concrete situaties en hoe je daar mee omging: “Wanneer was de laatste keer dat je een mislukking ervoer?”

Natuurlijk geeft niemand graag toe hoe hij of zij een project deed mislukken of een megadeal liet afketsen, maar de ernst of aard van het falen doet er eigenlijk niet zoveel toe. Veel belangrijker is hoe je met de situatie omgaat en wat je ervan geleerd hebt, aldus Stephan Scheidhauer.

Counter die vraag door de zaken om te draaien

Wat al verkeerd is aan de grootste-zwakte-vraag is het intrinsieke waardeoordeel dat er in besloten ligt, aldus Christoph Molinari, HR-manager bij Claas. “Sterke punten zijn goed, zwakke punten slecht.”

Waar de grote vissen de vraag niet eens meer stellen, daar komen de personeelsmanagers van vooral kleinere bedrijven er nog wel mee op de proppen. Voor de kandidaat die de vraag alsnog voor de kiezen krijgt heeft Molinari het volgende advies:

“Als iemand je naar je zwakheden vraagt, draai dan de zaken gewoon om en zeg: ‘Zwakheid is misschien niet de juiste term, laten we het hebben over mijn ontwikkelingspotentieel.’ Het woord ‘ontwikkeling’ heeft een positieve connotatie en biedt veel nieuwe mogelijkheden in het sollicitatiegesprek.”

In plaats van te zeggen “mijn zwakheid is…” moet je dus zeggen, “zie ik op dit gebied nog steeds ruimte voor verbetering, daar kan en wil ik me verder ontwikkelen.” Zo ben jij weer aan de bal. En wel op de helft van de personeelsmanager.

Het ontwikkelingspotentieel kan werkgerelateerd zijn (“Ik ben niet zo bekend met dit programma, maar ik wil graag een cursus volgen om mijn kennis uit te breiden”) of op het menselijke vlak liggen (“Ik heb moeite met spreken voor een publiek, maar ik probeer het onder controle te krijgen”).

Als het gesprek goed verloopt of, nog beter, je zit al in de tweede gespreksronde, dan kun je meteen met de HR-afdeling de mogelijkheden bespreken hoe het bedrijf jou kan helpen je doelstellingen te bereiken. Je kansen op de baan verder vergroten? Probeer dan het volgende gevoel over te brengen: “Ik ben bereid om eraan te werken. En samen kunnen we het doen.”

LEES OOK: Zo maak je een goed LinkedIn-profiel