2016 was een jaar waarin gevestigde partijen en politieke nieuwkomers lijnrecht tegenover elkaar kwamen te staan. 

Ook Nederland is verdeeld over zaken als immigratie, de Europese Unie en directe democratie.

In de aanloop naar de verkiezingen zullen politieke nieuwkomer Thierry Baudet (Forum voor Democratie) en Stientje van Veldhoven (D66) om de week met elkaar in debat gaan over een specifiek onderwerp. Deze week schrijft Baudet over de zin van referenda.

Lees hier de eerder verschenen columns


Het probleem van kartelvorming wordt in het bedrijfsleven algemeen onderkend: als een beperkt aantal grote spelers onderling prijsafspraken maakt ontstaat geen effectieve concurrentie.

Wanneer nieuwkomers ook nog buiten de deur worden gehouden door hoge toetredingsdrempels, is het resultaat meestal een suboptimaal product dat niet – of slechts zeer ten dele – aansluit bij de wensen van de consument. De innovatie wordt geremd, stagnatie en kwaliteitsverlies zijn het gevolg.

Zo’n kartel kan ook in de politiek ontstaan. Ook daar is het mogelijk dat een beperkt aantal grote spelers onderling de markt verdeelt. Niet via prijsafspraken, maar via opinie-afspraken. Daarmee dekken ze eerst het electorale speelveld af, om vervolgens (ongehinderd door kiezers of kritische concurrenten) de invloedrijke maatschappelijke posities te verdelen.

Lees ook op Business Insider

Vanuit de politiek draaien ze door naar het internationale bedrijfsleven, een managementfunctie bij een zorgverzekeraar of een burgemeesterspost. Loyaliteit gaat boven kwaliteit. Middelmatige mensen die eindeloos vergaderen en vooral niet uit de pas lopen regeren zodoende al decennia ons land.

Eigen carrière

Daarom is er zo’n matig ondernemersklimaat in Nederland. Daarom is er zo’n fnuikende bureaucratie. Daarom gaat de aandacht steeds naar de multinationals waar kartelleden in de raden van bestuur zitten – en staan mkb’ers en zzp’ers in de kou. En daarom kiest men steeds weer voor de wensen van de Europese Unie (een kartel bovenop het kartel), houdt men de uitzichtloze euro in stand en blijven de grenzen open.

De Nederlandse kiezer is niet de baas: het draait alleen om de partijtop die denkt aan de eigen (internationale) carrière.

Nu er verkiezingen aankomen zien we het kartel weer doen alsof er sprake is van onderlinge concurrentie: schijngevechten waarin de kartelpolitici meningsverschillen veinzen, elkaar ‘uitsluiten’ en andere stoere verkiezingsbeloftes doen. Zijlstra belooft van alles over inperking van immigratie. Asscher roeptoetert over ontslagbescherming en sociaal vangnet.

Op 16 maart is het niets meer waard. Het blijkt allemaal voor de bühne te zijn geweest. De ogenschijnlijke ‘tegenpolen’ gaan gewoon weer door één deur. Net als in 2012, toen de VVD campagne voerde tegen de PvdA maar Rutte nog voordat de definitieve uitslag er was al met Samsom aan de telefoon hing.

Breek het partijkartel

Kortom: we kunnen de politiek niet goed afstraffen. Er is maar één conclusie: het systeem moet veranderen. Het kartel moet worden doorbroken.

Dat kan maar op één manier: via referenda, waarbij de stem van de bevolking écht doordringt in Den Haag. De bevolking moet via zelf opgehaalde steunbetuigingen een algemene stemming kunnen afdwingen over elk willekeurig onderwerp waarover onrust of onvrede bestaat. Alleen dan kunnen de opinie- en beleidsafspraken van het partijkartel worden opengebroken.

De politiek wordt gedwongen dichter bij de bevolking te staan; de bevolking wordt in staat gesteld haar onvrede ook daadwerkelijk naar concrete beleidsvoorstellen te vertalen en te worden gehoord. Eindelijk kan het kartel worden doorbroken en kan de vrije politieke markt, de democratisch-electorale afstemming tussen vraag en aanbod, weer plaatsvinden.

Daarom is directe democratie het belangrijkste agendapunt van Forum voor Democratie. Juist ondernemers, mkb’ers en zzp’ers, mensen die dagelijks de dupe worden van de kartelafspraken van de gevestigde politiek, zouden dat verhaal moeten ondersteunen.

Lees hier de vorige column van Thierry Baudet: ‘De VVD luistert vooral naar multinationals met andere prioriteiten dan de Nederlandse ondernemer’