Het traditionele huwelijk waarbij alle bezittingen en schulden automatisch gemeenschappelijk worden, gaat komend jaar op de schop. Maar dat betekent niet dat jouw privévermogen straks automatisch is beschermd. Wees dus alert.

Wie nu naar het altaar gaat, trouwt standaard in gemeenschap van goederen. Dit betekent dat beide partners alle bezittingen, maar ook schulden, delen en dat bij een scheiding alles fifty-fifty wordt verdeeld. Wil je dit niet, dan moet je huwelijkse voorwaarden laten opstellen bij de notaris.

Beperkte gemeenschap

Komend jaar gaat deze regeling op de schop en geldt voor iedereen die vanaf 1 januari in het huwelijksbootje stapt een ‘beperkte gemeenschap van goederen’.

Al jouw privébezittingen en schulden die je vóór je huwelijk had, vallen dan buiten de gemeenschap. Je eigen spaargeld, sieraden, schilderen en een eventuele studieschuld blijven uitsluitend van jezelf en komen na een scheiding dus niet terecht bij je ex-partner. Ook de zogeheten vruchten van je privévermogen, zoals opgebouwde rente over je spaartegoed, blijven buiten de gemeenschap.

Alleen het vermogen dat je tijdens het huwelijk opbouwt, moet bij een echtscheiding worden verdeeld. Dit geldt ook voor schulden die tijdens het huwelijk zijn ontstaan. Gaat je partner tijdens jullie huwelijk een schuld aan – ook als dit buiten jouw medeweten gebeurt – dan kan de schuldeiser dit bedrag verhalen op het gezamenlijke vermogen. Maar het vermogen dat je voor je huwelijk had opgebouwd, blijft buiten schot.

Ook alle gezamenlijke bezittingen en schulden uit de periode vóór het huwelijk, zoals een gezamenlijke hypotheek of tegoeden op een en/of-rekening, vallen in de gemeenschap.

Eigen bedrijf

Voor een eigen bedrijf geldt dezelfde systematiek. Had je voordat je elkaar het jawoord gaf al een eigen onderneming, dan hoeft de waarde van het bedrijf bij een scheiding niet te worden verdeeld. Maar heb je tijdens het huwelijk een eigen bedrijf opgericht, dan valt dat wel in de gemeenschap.

Om te voorkomen dat een ondernemer geld oppot in zijn onderneming die hij al voor zijn huwelijk bezat, zijn ondernemers wel verplicht om een redelijke vergoeding voor kennis, vaardigheden en arbeid tijdens het huwelijk toe te rekenen aan de gemeenschap. Anders wordt de gemeenschap benadeeld. Jurisprudentie moet uitwijzen wat redelijk is.

Erfenissen en schenkingen

Ook erfenissen en schenkingen vallen straks buiten de gemeenschap. Anders dan bij de overige bezittingen maakt het hierbij niet uit of je het geld of de spullen hebt gekregen voor of tijdens je huwelijk.

Let wel: deze wetswijziging geldt alleen voor mensen die vanaf 2018 gaan trouwen. Heb je voor die tijd al het jawoord gegeven, dan verandert er niets.

Door deze wetswijziging moet worden voorkomen dat je bij een scheiding de helft van je privévermogen aan de ander moet afstaan, waardoor bijvoorbeeld het spaargeld dat je van je ouders hebt geërfd of gekregen terecht komt bij je partner. Of dat jouw partner moet opdraaien voor de schulden die jij voor het huwelijk bent aangegaan.

Toch is het de vraag of de wet je privévermogen volledig kan beschermen, waarschuwt Emma Kostense, partner van Van Hilten Advocaten & Mediators, een kantoor dat is gespecialiseerd in familie- en erfrecht, met vestigingen in Den Haag en Amsterdam.

Alles door de helft

“Volgens de nieuwe wet valt al het gezamenlijke vermogen van voor het huwelijk in de gemeenschap. Een huis dat partners voor het huwelijk in mede-eigendom bezaten, in een verhouding van bijvoorbeeld 75/25, wordt door het huwelijk een gemeenschapsgoed. Als bijvoorbeeld één van beiden extra geld voor het huwelijk in een woning heeft geïnvesteerd en voor 75 procent eigenaar is, raakt hij door te trouwen 25 procent ‘kwijt’ omdat het huis in de gemeenschap valt.”

Een vergelijkbaar probleem kan zich voordoen bij gemeenschappelijke schulden van vóór het huwelijk, waarin de een een groter aandeel heeft dan de ander. Wie dit wil voorkomen, moet volgens Kostense huwelijkse voorwaarden opstellen.

Wees verder alert bij een schenking van je partner. “Als je partner je een diamanten ketting ter waarde van 20.000 euro geeft en deze niet heeft betaald uit zijn privévermogen, moet de waarde ervan door tweeën worden gedeeld als je uit elkaar gaat. De ketting valt immers in de gemeenschap. In dat geval heb je een sigaar uit eigen doos gekregen.”

Bewijslast

Ook een gebrekkige registratie van de bezittingen uit de periode vóór je huwelijk, kan tot problemen leiden. “Als je bij een scheiding of tegen schuldeisers beweert dat bepaalde bezittingen privé-eigendom zijn, zul je dat moeten aantonen. Anders is de kans groot dat het vermogen tot de gemeenschap wordt gerekend en dus wordt verdeeld of uitgewonnen”, aldus Kostense.

Bij schulden is eveneens sprake van een bewijslast. “Als je tijdens het huwelijk een gemeenschapsschuld bent aangegaan en een schuldeiser beslag wil leggen op je privévermogen, moet je kunnen bewijzen dat dit vermogen buiten de gemeenschap valt.”

Registratie

Emma Kostense adviseert daarom om alle bezittingen en schulden van vóór het huwelijk goed vast te leggen, waar mogelijk vergezeld van aankoopnota’s. “In sommige gevallen is registratie niet nodig: een bedrijf, auto en huis staan al op iemands naam. Maar voor overige goederen, is het belangrijk om een lijst aan te leggen en deze bij grote vermogens ook vast te leggen bij de notaris.”

Ook raadt de advocate aan om een eventuele waardestijging van je privévermogen goed vast te leggen en een aparte bankrekening aan te houden.

Zoals gezegd vallen erfenissen en schenkingen buiten de gemeenschap. Om problemen te voorkomen is het verstandig om de schenking goed vast te leggen. “Laat het geld op je privérekening storten, met de vermelding ‘schenking'”, aldus Emma Kostense.

Uitsluitingsclausule

Wil je bepaalde zaken anders regelen, dan rest nog steeds een gang naar de notaris. “Het is straks niet meer nodig om een uitsluitingsclausule op te stellen, waarmee je voorkomt dat eventuele partners van je kind meedelen in een schenking of erfenis”, zegt Emma Kostense. “Maar wil je de ‘koude kant’ nu juist wel laten meedelen, dan moet je een insluitingsclausule laten opstellen. Dit kan bijvoorbeeld aan de orde zijn als je je schoondochter die voor jou zorgt als mantelzorger, ook een deel van de erfenis gunt.”

Ga je na 1 januari trouwen en wil je toch je volledige vermogen met je partner delen, dan moet je huwelijkse voorwaarden laten opstellen bij de notaris. Dit kost volgens Emma Kostense 600 tot 1.400 euro, afhankelijk van de complexiteit van de afspraken die je wil maken.

Let wel op als je na 1 januari 2018 nieuwe huwelijkse voorwaarden tijdens het huwelijk overeenkomt. Een verwijzing naar een ‘wettelijke gemeenschap van goederen’ betekent dan de ‘beperkte gemeenschap van goederen’, volgens de nieuwe wet. “Voorhuwelijks vermogen, erfenissen en schenkingen vallen er dan dus buiten”, waarschuwt Emma Kostense.