• Schoonmakers die bij huishoudens werken via het online platform Helpling hebben de juridische status van uitzendkracht, oordeelt het gerechtshof Amsterdam.
  • Helpling-schoonmakers hebben onder meer recht op loondoorbetaling bij ziekte en een transitievergoeding bij ontslag.
  • Vakbond FNV wilde juist dat Helpling werd gezien als gewone werkgever, maar daar ging de rechter niet in mee.

Schoonmakers die via het onlineplatform Helpling werken, moeten behandeld worden als uitzendwerkers. Dat heeft het gerechtshof van Amsterdam geoordeeld, dat daarmee tegen een uitspraak van een lagere rechter inging.

Dit betekent dat de schoonmakers onder andere recht hebben op doorbetaling van loon als ze ziek zijn.

Helpling is een app waarmee huishoudens een schoonmaker kunnen inhuren en beschouwt de schoonmakers als zelfstandige ondernemers. Vakbond FNV spande samen met een schoonmaakster een rechtszaak aan omdat zij vinden dat Helpling een werkgever is, en niet puur een platform voor het vinden van schoonmaakklussen.

Het hof ging deels mee met de vakbond en de schoonmakers. Zo zijn schoonmakers gebonden aan contractuele afspraken met Helpling, bijvoorbeeld dat huishoudens alleen via een door de app aangewezen platform mogen betalen. Daardoor kunnen ze niet als zelfstandigen worden gezien.

Geen gewone werknemers, maar uitzendkrachten

Maar volgens de beroepsrechter gaat het niet om een gewone arbeidsovereenkomst, maar om uitzendwerk. Zo geven huishoudens de schoonmaakinstructies en niet Helpling.

Schoonmakers die via Helpling werken hebben als uitzendkracht ook recht op een transitievergoeding als ze ontslagen worden. Maar ze hoeven niet betaald te worden volgens de schoonmaak-cao, meldt het gerechtshof.

De kantonrechter vond in 2019 nog dat Helpling de schoonmakers niet als werknemers hoefde te behandelen. In die rechtszaak maakte de rechter wel een einde aan een andere praktijk waar FNV zich tegen verzette. Helpling vroeg voorheen commissies van schoonmakers voor de klussen die zij via de app kregen, maar dat mocht van de rechter niet meer

FNV is blij, Helpling bestudeert de uitspraak

FNV reageert verheugd op de uitspraak, maar vindt dat er meer politieke actie nodig is tegen schijnconstructies. “Het is niet uit te leggen aan de belastingbetaler dat de Belastingdienst niet handhaaft bij dit soort platformbedrijven. Zij moeten gewoon loonbelasting en werknemerspremies gaan betalen”, zegt Zakaria Boufangacha, vicevoorzitter van FNV.

FNV is breder bezig met een juridische strijd tegen bedrijven in de zogeheten platformeconomie, oftewel apps die klussen voor freelancers regelen. Eerder deze maand boekte de vakbond een overwinning op de taxi-app Uber, die chauffeurs volgens de rechter in dienst moet nemen.

Helpling laat weten de uitspraak nog te bestuderen. Het bedrijf kan nog niet zeggen of het in cassatie gaat en weet nog niet wat de precieze consequenties van het oordeel zijn.