De ondernemersvereniging van de Rotterdamse Markthal neemt een crisismanager in de hand om een slepend conflict met eigenaar, de Franse vastgoedonderneming Klépierre, te bezweren.

Volgens de ondernemers doet de eigenaar te weinig aan ongedierte en stank, schrijft het Financieele Dagblad dinsdag.

De onenigheid sleept al jaren voort, maar de vereniging van winkeliers en horecaondernemers MHOV heeft nu besloten om zaken niet meer direct met vastgoedverhuurder Klépierre te bespreken. Ze huren crisismanager Theo Terdu in om als bemiddelaar te fungeren en een oplossing te zoeken.

MHOV beweert dat Klépierre ondenemers intimideert. “De emoties zijn hoog opgelopen bij de ondernemers”, stelt Terdu tegenover het FD. “Mensen hebben soms hun hele hebben en houden in hun zaak gestoken.”

Muizen lijken de boosdoeners op de achtergrond. De Markthal ziet al jaren dat muizen zich tegoed doen aan etensresten. De voedsel- en warenautoriteit (NVWA) constateerde eerder dit jaar bij negentien ondernemingen dat er ongedierte aanwezig was.

De hygiëne is soms ook onder de maat. De muizen zouden ook delen van de vloerisolatie hebben aangetast, waardoor er problemen zijn met verzakkingen en vochtophoping.

Klépierre toont tegenover het FD zich verbaasd over de zet van de MHOV om niet zelf te praten en een bemiddelaar in te zetten. “We geloven in direct contact met de winkeliers en de MHOV.”

markthal rotterdam leegstand patatkraam

Het ‘theater van verse voeding’ dat de Martkhal moet zijn is volgende ondernemers ook behoorlijk anders uitgevallen. Zij klagen dat de insteek rond verse producten niet uit de verf komt en dat er meer horeca in het pand zit dan de riolering aankan. Stank is het gevolg.

Eerder gaf de rechter de ondernemers ongelijk op dit punt: Klépierre had genoeg gedaan om versaanbieders te vinden. De vastgoedverhuurder kon uiteindelijk niet anders dan plekken verhuren aan horeca-uitbaters.

Door alle tegenslagen komen omwonenden nog nauwelijks naar de Markthal voor hun verse inkopen. Toeristen die foto’s van het gebouw willen maken, houden de horeca echter wel drijvende. Toen slager Messar daar op wilde inspelen met een aanbod van snacks, daagde Klépierre de ondernemers voor de rechter omdat hun snacks het huurcontract zouden schenden – en kreeg gelijk.

Wel kregen de ondernemers grotendeels gelijk in een zaak over te hoge servicekosten. Klépierre zou hen binnengelokt hebben met lage tarieven om die vervolgens snel te verhogen. De Fransen zouden al geweten hebben dat de aanvankelijke tarieven niet redelijk waren.