• De Britse centrale bank trekt deze week de aandacht met plannen voor een eigen cryptomunt.
  • Ondanks de mooie projectnaam is de ‘britcoin’ een nakomertje.
  • Meer dan zestig centrale banken werken al aan een eigen digitale munt, met twee verrassende koplopers, signaleert valuta-expert Joost Derks van iBanFirst.

ANALYSE – Cryptomunten zijn helemaal hip. Veel partijen proberen mee te liften op het succes van bitcoin & co.

Deze week lanceerde de Bank of England een eigen initiatief. Het is op zich niet vreemd dat centrale banken hun oog laten vallen op de cryptowereld. Met een eigen digitale munt, krijgen ze beter greep op de economie.

Ze kunnen bijvoorbeeld zonder tussenkomst van banken geld naar consumenten sluizen. Dat is handig als de economie een flinke boost nodig heeft, zoals tijdens het hoogtepunt van de Covid-19-onrust in het voorjaar van 2020.

Ook wordt het mogelijk om uitkeringen en toeslagen rechtstreeks naar huishoudens over te maken. Dat klinkt heel mooi, totdat je bedenkt dat de cryptomunten van centrale banken een digitaal spoor achterlaten.

China? Nee: de Bahama’s!

De partij die de munt uitgeeft, kan mogelijk zien waar jij je geld aan uitgeeft. Het is zelfs denkbaar dat de overheid invloed uitoefent op hoe je dat geld kunt besteden. Bijvoorbeeld door het onmogelijk te maken om uitkeringsgeld te gebruiken voor het kopen van sterke drank.

In een vrij land zoals Nederland roept een dergelijke invloed heel veel weerstand op. In andere landen wordt echter minder waarde gehecht aan privacy. Een goed voorbeeld is China, waar De Bank of China al meer cryptopatenten heeft verzameld dan alle andere centrale banken samen.

Toch loopt het land niet helemaal voorop met cryptomunten. Dat was in ieder geval de conclusie van een rapport dat consultancyfirma PwC eerder deze maand publiceerde. Die eer gaat verrassenderwijs naar de Bahama’s, gevolgd door Cambodja.

De belangrijkste reden voor die opvallende topposities is dat beide landen al een cryptomunt hebben. In China – dat de derde plaats inneemt – zit het project nog in de testfase.

Digitale munten: privacy en milieu-impact

Naast privacy is ook de milieu-impact een belangrijke reden om niet overhaast te werk te gaan bij het ontwikkelen van een eigen digitale munt. Er is namelijk heel veel computerkracht nodig voor het afhandelen van alle transacties.

De bitcoin-industrie verbruikt evenveel elektriciteit als een land zoals Zweden of de Oekraïne, becijferde de Cambridge Bitcoin Electricity Consumption Index. Naar schatting komt daarbij evenveel CO2 vrij als dat een megastad zoals Londen jaarlijks uitstoot.

Al met al gaat het nog jaren duren voordat we hier in Europa te maken krijgen met digitale munten van de ECB. En de britcoin laat waarschijnlijk nog langer op zich wachten.

Overigens gaat de opkomst van nieuwe digitale munten niet ten koste van de dynamiek op de valutamarkt. Ook in de toekomst rekenen we met euro’s af en blijven de wereldwijde valutastromen bestaan.

Joost Derks is valutaspecialist bij iBanFirst. Hij heeft ruim twintig jaar ervaring in de valutawereld. Deze column geeft zijn persoonlijke mening weer en is niet bedoeld als professioneel (beleggings)advies.