Spreiden is belangrijk om de risico’s van je beleggingen beheersbaar te houden.

Volgens beleggingsexpert Loege Schilder is een portefeuille met 40 verschillende aandelen optimaal.

Zorg er wel voor dat je voldoende spreiding over sectoren aanbrengt.

Een goede selectie is cruciaal: het totale rendement op de beurs is afkomstig van slechts een handvol bedrijven.

Spreiden is risico mijden, zo luidt een bekende beurswijsheid. Met een breed gespreide aandelenportefeuille ben je minder kwetsbaar als een van de fondsen onderuit gaat dan wanneer je slechts een handvol aandelen bezit.

Maar als je zelf een portefeuille van individuele aandelen samenstelt, is het ook niet ideaal om heel veel aandelen te hebben: je raakt het overzicht kwijt en het wordt lastiger om de markt te verslaan dan wanneer je een paar heldere keuzes maakt. Maar wat is nu het meest ideale aantal? En hoe maak je de juiste keuze uit het enorme aanbod?

‘Dertig aandelen is het minimum’

“Tien of twintig titels is echt te weinig, als je in losse aandelen belegt. Als er dan met een of twee aandelen iets misgaat, is er al met 10 tot 20 procent van je portefeuille een probleem. De kans dat dat gebeurt is best groot”, zegt Loege Schilder, oprichter van de Duurzaam Beleggen Academie en voormalig directeur van Care IS en Axento Vermogensbeheer.

Een portefeuille met dertig verschillende aandelen is volgens hem het minimum. Veertig is optimaal. “Koop je er meer, dan moet je je als particuliere belegger afvragen of je deze nog wel in de gaten kunt houden.”

Hij wijst op een onderzoek van Lawrence Fisher and James Lorie van de Universiteit van Chicago waaruit blijkt dat je al met 32 aandelen 95 procent van de totale diversificatie van aandelen te pakken kunt hebben.

Spreid wel over verschillende sectoren

Voor een goede spreiding is het natuurlijk wel van belang dat je niet lukraak 30 aandelen selecteert, maar voldoende diversificatie in sectoren aanbrengt. Immers, als je in 25 techbedrijven zit, loop je alsnog een groot risico. Want soms zit een complete sector in mineur, zoals we tijdens de coronapandemie hebben gezien met de reis- en luchtvaartsector.

Lees ook: Technologie blijft populair, zijn er nog interessante achterblijvers? Het aandeel ST Micro Electronics biedt potentie

Spreiding over verschillende sectoren is belangrijker dan over landen, aangezien veel bedrijven internationaal actief zijn. Een portefeuille met tien chipaandelen uit verschillende landen is risicovoller dan een mandje met tien Nederlandse bedrijven uit verschillende sectoren.

Sectorverdeling kan misleidend zijn

“Kijk ook goed wat een bedrijf doet, want de officiële sectorindeling kan misleidend zijn”, waarschuwt Schilder. “Betaalbedrijf Adyen bijvoorbeeld is ingedeeld in de financiële sector, maar dit aandeel vertoont meer correlatie met Salesforce (aanbieder van bedrijfssoftware) dan met ABN Amro. En Amazon is ook meer een tech- dan een retailbedrijf. Als je portefeuille bestaat uit Adyen, Amazon en nog wat chipfondsen, heb je optisch wel spreiding, maar in de praktijk niet.”

Voor een sectorverdeling kun je een index als basis nemen, zo geeft hij als tip mee. “Van de MSCI World-index heeft de technologiesector een weging van 18 procent en is de energiesector wat minder sterk vertegenwoordigd. Als je veertig aandelen hebt, kun je bijvoorbeeld acht techbedrijven en twee energiebedrijven selecteren.”

Sectoren uitsluiten

Volgens Schilder kun je ervoor kiezen om bepaalde sectoren uit te sluiten, als je daar niet in gelooft. “Er zijn vermogensbeheerders die ervoor kiezen om niet in banken te beleggen, omdat ze van mening zijn dat het huidige bedrijfsmodel geen bestaansrecht heeft. Ze wijzen dan op de hoge overhead bij banken, strenge buffereisen en strenge anti-witwasregels.

“Ook de luchtvaart- en energiesector wordt weleens gemeden, omdat die door sommigen niet als toekomstbestendig worden beschouwd. Neem dus ook jouw sectorvisie mee, voor je aandelen gaat selecteren.”

Een goede selectie is cruciaal voor je rendement, zo blijkt uit een onderzoek van Eric Crittenden en Cole Wilcox, waarvoor het koersverloop van aandelen uit de Amerikaanse Russell 3000-index tussen 1983 en 2006 is geanalyseerd. Wat bleek?

  • 64 procent van de aandelen deed het slechter dan de index
  • 39 procent leverde geen enkel rendement op
  • Bij 18,5 procent van de aandelen is de beurswaarde in die periode met minimaal 75 procent gekelderd
  • Het totale rendement van de index was afkomstig van slechts 25 procent van de aandelen

96 procent van de aandelen rendeert niet beter dan een staatsobligatie

Een nog diepgravender onderzoek, van Hendrik Bessembinder van de Universiteit van Arizona, wijst in dezelfde richting. Hij nam het rendement op de Amerikaanse beurs tussen 1927 en 2016 onder de loep.

Hieruit bleek dat maar liefst 96 procent van alle aandelen niet beter rendeerde dan een risicoloze staatsobligatie met een looptijd van een maand. De 35 biljoen dollar die in de achterliggende negentig jaar als waarde aan Wall Street werd toegevoegd, was afkomstig van de overige 4 procent van de aandelen.

Sterker nog: slechts 50 van de in totaal 25.967 onderzochte aandelen waren goed voor 39,3 procent van het totale rendement. Hierbij moet je denken aan bedrijven als Apple, Google, Exxon Mobil en Procter & Gamble.

“Voor het maximale rendement moet je dus deze aandelen zien te vinden. En, heel belangrijk, deze ook lang op de plank laten liggen”, zegt Schilder. “Veel particuliere beleggers durven aandelen niet lang aan te houden; vooral als het tegenzit op de beurs. Maar als je erin gelooft, moet je de durf hebben om ze vast te houden.”

Schilder ging daar zelf ooit de mist mee in in 2009, vlak na de kredietcrisis. “Ik had aandelen Apple, Google en Amazon gekocht. Toen de koers van Amazon met 20 procent was gekelderd, heb ik de stukken verkocht. Die had ik beter kunnen aanhouden.”

Hoe vind je de nieuwe Facebook?

De vraag is natuurlijk: hoe vind je de volgende Apple of Facebook, in de wetenschap dat slechts 1 op de 25 aandelen echt voor een hoog rendement zorgt? “Het is wel te doen hoor”, zegt Schilder. “In een portefeuille met vijftig aandelen heb je er maar twee nodig die echt succesvol zijn.”

Hij noemt enkele criteria waarop je kunt letten. “Zoek naar een markt met potentie en welk bedrijf de potentie heeft om binnen die markt de grootste te worden. Kies voor snelle groeiers, met een goede winstmarge, die in staat zijn om uit hun eigen cashflow de groei te financieren. Zorg wel dat het stabiele groeiers zijn: een bedrijf dat het ene jaar met 50 procent groeit en het andere jaar met twintig procent krimpt, is vrij risicovol.”

De nieuwe Facebook is een bedrijf dat in een groeimarkt een streepje voor heeft op concurrenten. Een handig hulpmiddel om zo’n bedrijf te vinden is de Wide Moat-index, waarvoor fondsonderzoeker Morningstar bedrijven selecteert met het grootste concurrentievoordeel.

Het Engelse woord ‘moat’ betekent ‘slotgracht’ en verwijst naar de Middeleeuwen. Hoe breder en dieper de verdedigingslinie van een bedrijf is, hoe moeilijker concurrenten daar tegen kunnen opboksen. In de index zijn onder andere Alphabet, Facebook, Philip Morris en Veeva Systems opgenomen.

In dit artikel op Business Insider vind je nog meer handvatten om de winnaars op de beurs te selecteren.

Losse aandelen of ETF’s?

Het blijft lastig, om die speld in een hooiberg te vinden. Je kunt er ook, om Jack Bogle, oprichter van vermogensbeheerder Vanguard te citeren, voor kiezen om de hele hooiberg te kopen: een ETF, die alle aandelen uit een index koopt. Hierbij heb je tegen relatief lage kosten een breed gespreide portefeuille, zonder dat je je zelf in de markt hoeft te verdiepen.

Maar daarmee neem je wel op de koop toe dat er ook aandelen tussen zitten die minder goed presteren. Of sectoren waar je niet in gelooft of liever niet in wil beleggen omdat ze niet duurzaam zijn.

“Bij de keuze tussen ETF’s en individuele aandelen gaat het om de vraag: wil ik de markt volgen of mik ik op het optimale rendement?”, aldus Schilder.

Transactiekosten

Kies je voor stock picking, houd dan wel de transactiekosten in de gaten. Bij veel wisselingen kunnen die een behoorlijke hap uit je rendement nemen, al zijn er tegenwoordig ook brokers waar je tegen heel lage kosten kunt aan- en verkopen.

Maar laat je, zoals Schilder adviseert, je aandelen lange tijd op de plank zitten, dan drukken transactiekosten aanzienlijk minder op het rendement.

Lees meer over beleggen en de selectie van aandelen: