Een sterk logo kan je bedrijf goed op de kaart zetten. Maar waar moet een goed logo aan voldoen? En hoe pak je het aan?

Of het nu gaat om pre-historische grottekeningen, het spijkerschrift, mythologische figuren op Grieks aardewerk, verkeersborden of de pictogrammen op je smartphone… De mens heeft altijd al de behoefte gehad om zich in symbolen te uiten. Dat is niet zo vreemd, want één simpel plaatje zegt soms meer dan honderd woorden.

Een goed logo alleen zorgt natuurlijk niet voor een rinkelende kassa, maar het kan wel de uitstraling van je bedrijf versterken. Het geeft klanten direct een indruk van je bedrijf en zorgt voor naamsbekendheid en herkenbaarheid.

Omgekeerd kan een slecht logo potentiële klanten afschrikken. Kies je bijvoorbeeld als advocatenkantoor voor een speels beeldmerk met een frivool lettertype en vrolijke kleuren, dan loop je het risico dat consumenten je bedrijf niet serieus nemen.

Belangrijke eerste indruk

Door het internettijdperk heeft het logo aan belang gewonnen. “Wie je website bezoekt, beslist al binnen een paar seconden of hij een goed gevoel heeft bij jouw bedrijf en jou vertrouwt”, zegt Rob Vogels, eigenaar van reclamestudio GO! in Helmond. “Is die eerste indruk negatief, dan is de potentiële klant snel vertrokken.”

Volgens Vogels is een sterk logo voor mkb-bedrijven nog een stuk belangrijker dan voor grotere bedrijven. “Zij hebben geen uitgebreide marketingbudgetten, maar moeten het vooral van hun logo hebben.” Het ontwerp van een goed logo verdient dus aandacht. Maar waar moet je zoal op letten?

1. Laat het logo aansluiten bij je bedrijf

Wie googelt op ‘hoveniersbedrijf’ en ‘logo’ ziet geen enkel beeldmerk waarop de kleur groen ontbreekt. Dat is logisch: een logo moet aansluiten bij je bedrijf. “Een goed logo zorgt ervoor dat ook iemand die je onderneming niet kent meteen ziet wat het bedrijf doet, als hij het logo op de gevel ziet staan”, zegt Vogels.

Een mooi voorbeeld vindt hij het logo van de NS. “Dat is een spoor met een pijl naar links en naar rechts. Eigenlijk zit daar alles in verpakt.” Ook het logo van de NPO spreekt hem aan. “Het schuin oranje ruitje met afgeronde hoekjes wekt bij mij de associatie met een televisie.”

Behalve de vorm zijn ook de kleur en het lettertype van belang, want deze brengen elk een eigen sfeer en uitstraling met zich mee, meent Vogels. “Heb je een coaching praktijk, dan staan warmte en menselijk contact voorop. Dat moet in het logo terug te vinden zijn, door bijvoorbeeld te kiezen voor warme tinten en wat meer rondingen in het lettertype. Harde hoeken en spitse punten zou dan ik mijden.”

Voor een accountantskantoor daarentegen geeft Vogels de voorkeur aan grijze en blauwe tinten. “Dat wekt vertrouwen.”

Vogels heeft in het logo van zijn eigen bedrijf een vogeltje verwerkt. Daar is goed over nagedacht. “Dat verwijst niet alleen naar mijn achternaam, maar geeft ook aan dat ik graag met beide voeten op de grond sta en benaderbaar ben.”

Als hij een logo moet ontwerpen, gaat Vogels altijd uitgebreid met klanten in gesprek, zodat hij een goed beeld krijgt van het bedrijf en zijn geschiedenis. “Ik ga het liefst naar het bedrijf toe. Moet ik bijvoorbeeld een logo van een deurenfabrikant ontwerpen, dan wil ik de geur van hout ruiken. Als ik na anderhalf uur vertrek, heb ik meestal al in mijn achterhoofd welke kant het op moet, qua sfeer, kleur en lettertype.”

2. …en wat je wil zijn

Een logo kan ook het imago van je bedrijf bijsturen, geeft Vogels als tip. “Een eenpitter die de uitstraling wil hebben van een gerenommeerd administratiekantoor, kan het best kiezen voor grijs en blauw en schreefletters. Maar ben je een groot administratiekantoor en wil je juist persoonlijk en kleinschalig overkomen, dan zou ik de schreefletter achterwege laten en kiezen voor warme kleuren en een foto van de eigenaar.”

Voor een geloofwaardige uitstraling, moet er uiteraard geen grote mismatch zijn tussen het logo en de identiteit van het bedrijf. McDonald’s veranderde negen jaar geleden voor Europese vestigingen de achtergrondkleur van rood naar groen, om een duurzamer en natuurlijker imago te creëren. Vogels vraagt zich echter af of dat werkt. “Bij mij niet. Het logo moet goed aansluiten bij het bedrijf.”

3. Een logo staat niet op zichzelf

Een logo staat nooit op zichzelf, maar is onderdeel van een huisstijl, benadrukt Vogels. “Alles moet kloppen en bij elkaar passen: de kleuren, lay-out, sfeer en het beeldgebruik.”

Een mooi voorbeeld vindt hij KPN, die de groene kleur in alle uitingen consequent doorvoert. “Die kleur is heel herkenbaar. Het loopt bijvoorbeeld ook door in foto’s in advertenties en op de website.” Ook het lettertype van Philips is herkenbaar. “Als er een typefout in zou staan, zou dat niemand opvallen.”

4. Maak je logo flexibel

Een logo wordt vaak in verschillende uitingen gebruikt: visitekaartjes, de website, briefpapier, relatiegeschenken en social media. Houd hier rekening mee bij de vorm, de kleur en het lettertype.

Vogels adviseert daarom om een zo compact mogelijk logo te laten ontwerpen, zodat het overal bruikbaar is. “Het is bijvoorbeeld mooi als het logo in het vierkante icoontje op de Facebookpagina van je bedrijf past.”

5. …en tijdloos

Om de twee jaar je logo veranderen is niet alleen kostbaar, maar gaat ook ten koste van de herkenbaarheid van je bedrijf. Zorg er daarom voor dat je logo tijdloos is, adviseert Vogels.

Misschien wel het meest tijdloze logo is dat van Stella Artois; volgens het Amerikaanse Time Magazine het oudste logo ter wereld. De bekende hoorn dateert al uit 1366 en verwijst naar de herberg-brouwerij Den Hoorn, die toen in de stad Leuven stond.

6. Beter goed gejat

Voor een goed ontwerp kun je ook inspiratie putten bij grote bedrijven. Een van de meest iconische logo’s is de gele M van McDonalds tegen een – van oorsprong – rode achtergrond. Het kleurgebruik is een bewuste keuze. Geel staat voor snelheid, blijdschap en dynamiek, terwijl rood een warm gevoel en eetlust opwekt. Beide kleuren zijn bovendien van grote afstand zichtbaar en trekken de aandacht.

Dezelfde kleuren vind je terug in de schelp van Shell. Dit plaatje herinnert aan de oorsprong van het bedrijf: een handelshuis dat handelde in Japanse sierschelpen. Het eerste logo was een mosselschelp, maar na enkele jaren veranderde dat in de bekende sint-jakobsschelp.

De gele en rode kleuren ontstonden toen het concern zijn eerste tankstation bouwde, in Californië en van veraf zichtbaar wilde zijn. Rood en geel zijn bovendien de kleuren van de Spaanse vlag; een verwijzing naar de sterke banden van Californië met Spanje.

En wat te denken van de Playboy-bunny? Dit logo is een eigen leven gaan leiden. Ook als de naam wordt weggelaten, weet het publiek meteen om welk merk het gaat.
Dit logo is ontworpen door Art Paul, die onlangs is overleden. Hij zei ooit dat de keuze destijds viel op een konijn vanwege de humoristische seksuele associatie: iedereen weet immers waar konijntjes om bekend staan. Het moest ook onderscheidend zijn, omdat andere mannentijdschriften een man als symbool gebruikten.

7. …dan zelf verzonnen

Voor het ontwerp van een logo hoef je niet per se naar een professional. Er zijn websites waar je er al voor twee tientjes een kunt maken. Je selecteert een kleur en lettertype en maakt een keuze uit een serie ontwerpen. Ook kun je via sommige opmaakprogramma’s zelf een logo in elkaar fröbelen.

Bedenk wel dat het geen persoonlijk en uniek ontwerp is en dat de kans groot is dat het logo niet bij het bedrijf past. “Soms is duidelijk te zien dat het logo door een leek is ontworpen. Het logo mist een balans en er is gekozen voor een niet-zakelijk lettertype, zoals Comic Sans”, zegt Vogels. “Hierdoor kun je onprofessioneel overkomen. Dat is precies wat je als ondernemer níet wil.”

LEES OOK: 11 bekende logo’s met een verborgen boodschap