Krapte op de arbeidsmarkt is normaal gesproken goed nieuws voor de uitzendsector, maar nu profiteren uitzendkrachten er niet of nauwelijks van. Hun lonen stijgen in de huidige krappe arbeidsmarkt niet harder dan die van werknemers met een vast contract, blijkt uit onderzoek van ING Economisch Bureau.

Zzp’ers zijn een geduchte concurrent geworden en zijn inmiddels van alle flexibele krachten het belangrijkste stootkussen om economische schokken op te vangen. Door de nieuwe Wet arbeidsmarkt in balans worden uitzendkrachten per 1 januari 2020 ook nog eens duurder ten opzichte van zzp’ers. De kans is volgens ING dan ook groot dat er een verschuiving komt van uitzendkrachten naar zzp’ers.

Zzp’ers kunnen in een groeiende economie hun tarieven snel verhogen en/of meer uren gaan werken, maar in een neergaande economie geldt het omgekeerde: zzp’ers vangen dan de klappen op door minder te werken of door de tarieven te verlagen. Dat maakt hen aantrekkelijk voor bedrijven die flexibel willen zijn.


Dat de lonen van uitzendkrachten niet stijgen komt ook door de internationale concurrentie van arbeidskrachten en globalisering, waardoor alles kostenefficiënter moet, ook in Nederland.

Door alle veranderingen op de arbeidsmarkt zal de uitzendsector zichzelf opnieuw moeten uitvinden, zegt Sjuk Akkerman van ING Sector Banker Services: “De behoefte aan een flexibele schil bij bedrijven zal, ondanks dat het duurder wordt, niet verdwijnen. Uitzenders kunnen hierop inspringen door zich toe te leggen op het ontzorgen van de flexibele schil bij bedrijven. Bijvoorbeeld door de gehele HR-dienstverlening – van inrichting en bemiddeling tot coaching – van de gehele flexibele schil op zich te nemen. Dit betreft dus niet alleen uitzendkrachten, maar ook oproepkrachten, zzp’ers en werknemers met een tijdelijk dienstverband.”

Lees meer over flexibele arbeid: