In de smarthome-wereld zijn er ondertussen vele tientallen aanbieders van onder andere automatische verlichting, zelfsluitende gordijnen en multiroom audio-oplossingen. Om het meeste uit deze apparaten te kunnen halen, zou je ze allemaal aan elkaar moeten verbinden. Maar dat is nog lang niet zo simpel als je zou denken.

Tegen dat probleem liepen Stefan Witkamp en zijn compagnon Emile Nijssen al in 2014 aan. De twee zaten toen nog op school, op de Universiteit van Twente om precies te zijn. Ze wilden dit probleem oplossen en kwamen op het idee van Homey, een apparaatje dat alle smarthome-applicaties aan elkaar kan verbinden en daardoor allerlei slimme flows kan maken.

“Het begon als hobbyproject, maar we wisten het zo te spelen dat we erop konden afstuderen,” vertelt Witkamp, commercial director van Homey. “Maar daarbij liepen we al gelijk tegen een uitdaging, want aan Homey werken als afstudeeropdracht was eigenlijk niet mogelijk zonder begeleidend bedrijf. En bedrijven waar we aanklopten hadden geen behoefte om ons met ons bedrijf te helpen als ze er zelf niets aan overhielden.”

Stefan Witkamp. Foto: Homey
Stefan Witkamp. Foto: Homey

Uiteindelijk vonden ze een oplossing in de vorm van begeleiders die niet verbonden waren aan de school of het project van de twee. “Het was de perfecte oplossing op dat moment,” lacht Witkamp. 

Het geloof in Homey was er direct, maar of dat ook buiten de twee initiatiefnemers aanwezig was, wisten ze nog niet. Daarbij bleek Kickstarter, dat toen net in Nederland begonnen was, een blessing in disguise. “We hadden twee problemen: geld voor hardware en de vraag of er een markt was voor Homey. Kickstarter loste beide op,” vertelt Witkamp. “We haalden ruim twee ton op bij ruim duizend klanten. Daarmee hadden we geld voor de ontwikkeling van de hardware en wisten we dat er een markt voor was.”

Kickstarter was perfecte lancering na het afstuderen

Ook bleek het het Kickstarterproject, dat toen overigens het succesvolste Nederlandse project was op het crowdfunding-platform , de perfecte lancering na het afstuderen. Met het geld werd er gelijk een klein team samengesteld, want specifieke kennis van de benodigde hardware was er niet. Ook werd er een doel gesteld om de duizend klanten van hun product te voorzien, dankzij hen was dit immers allemaal mogelijk.

Homey Pro & Homey Mobile App. Foto: Homey
Homey Pro & Homey Mobile App. Foto: Homey

Gedurende woelige opstartfase werd het ultieme doel niet uit het oog verloren. “We wilden, en willen nog steeds, een groot merk bouwen dat op wereldniveau kan meespelen. Daarvoor hebben we in het begin al keuzes gemaakt waar we nu nog aan vasthouden”, legt Witkamp uit.

En dat betekende niet altijd het pad van de minste weerstand, want het was bijvoorbeeld makkelijker geweest om het Homey-product als white-label aan te bieden. Dat houdt in dat ze een merkloze versie van de hardware aan een grote partij zoals Eneco, KPN of Ziggo zouden leveren, die er vervolgens hun merk op plakken en het aanbieden bij abonnementen of iets dergelijks.

“Hoewel dat natuurlijk aantrekkelijk was, want er kon geld mee verdiend worden, paste deze stap niet in ons toekomstbeeld voor wat we aan het bouwen waren. Daarom was het relatief makkelijk om dit soort dingen af te wijzen,” legt Witkamp uit.

We kozen expliciet voor het bereik van de retail

En het vasthouden aan de visie, waar een stap naar retail vanaf het begin af aan al onderdeel van uitmaakte, werpt nu zijn vruchten af. “We hadden ervoor kunnen kiezen om in eigen beheer te gaan verkopen, maar we kozen expliciet voor het bereik van de retail. We wilden ons product bij zoveel mogelijk mensen krijgen”, vertelt Witkamp. “Daarbij hielp de retail ons heel erg met geloofwaardigheid van ons product, want als Homey bij een grote speler ligt, dan werkt dat validerend.”

Witkamp nuanceert het nog wel, want je kunt tegenwoordig een product binnen vijf minuten op marketplaces als Bol.com aanbieden, maar dat biedt volgens hem niet de validatie van een ‘echte’ retailer, waarmee hij doelt op partijen als BCC en Mediamarkt, grote ketens met fysieke winkels. “De consument is ook niet dom en komt er echt wel achter wie wat verkoopt. En als een belangrijke partij je in het assortiment opneemt, heeft dat echt wel waarde – en dat zien we ook terug in onze sales in binnen- en buitenland,” aldus Witkamp.

Naast de retail bracht ook de media het balletje aan het rollen. “We kregen steeds meer aandacht van grote spelers die met hun expertise toch goede kritieken gaven,” legt Witkamp uit. 'De Homey Bridge Smart Home Hub is deze maand eindelijk verkrijgbaar in de VS', schreef de gerenommeerde technologiewebsite The Verge begin januari nog. “Dat bevestigt niet alleen voor jezelf dat je bezig bent met een goed product, maar ook voor klanten. En als ze het dan vervolgens bij een bekende retailer kunnen kopen, is het plaatje compleet.”

Met die formule wist Homey ondertussen naar ruim 500 winkels in heel Europa uit te breiden. Dit jaar staat de verovering van de Verenigde Staten op de planning. Daar komen de Homey producten bij onder andere Lowe’s, Best Buy, The Home Depot en andere grote namen te liggen. “Hoe we daar zijn binnengekomen? Door heel veel te bellen, 'Linkedinnen' en mailen. Cold calling bracht ons bij de juiste contacten en inkopers. Niemand kan immers je product zo goed verkopen als jijzelf – daar kan geen distributeur tegenop. Daarbij helpt het wel dat we zelf direct aan winkels kunnen leveren, zonder distributeur,” aldus Witkamp. “Dat scheelt weer een schakel. En als de retailer expliciet met een distributeur werkt, dan kloppen we bij daar aan met de retailer in onze achterzak, waardoor we eigenlijk al binnen zijn.”

Homey Bridge. Foto: Homey
Homey Bridge. Foto: Homey

Ondertussen is Homey een relatief bekend merk en is het bijna wereldwijd verkrijgbaar, maar toch zijn Witkamp en zijn compagnon alweer jaren bezig met de volgende stap voor het merk. Homey wordt ook toegankelijker als het om de prijs gaat. Mocht 399 euro voor een Homey Pro (voorheen de reguliere Homey) te hoog zijn voor consumenten, dan is er nu een variant beschikbaar voor 69 euro. Daarnaast kan de app gratis worden gedownload. Daarmee hoeft een hoge instapprijs geen drempel meer te zijn voor nieuwe gebruikers.

Lostrekken van de software van de hardware

“We begonnen jaren geleden met het kijken naar het lostrekken van de software van de hardware. Daardoor hebben we nu een cloud based oplossing geïntroduceerd. Die werkt via een app die voor iedereen gratis te downloaden en te gebruiken is,” vertelt Witkamp. “Natuurlijk hebben we hierbij ook nagedacht over ons verdienmodel. Er is een limiet voor gebruik tot vijf apparaten, als er meer gewenst is kost het 2,99 euro per maand. Daarvoor heb je wel direct alle functionaliteit onbeperkt tot je beschikking, voor een heel huishouden.”

Door het scheiden van software en hardware, kon ook de hardware goedkoper gemaakt worden. De nieuwe instapvariant Homey Bridge van nog geen 70 euro doet heel veel dingen die de Homey Pro ook kan. Daardoor kan degene die veel eist van zijn home automation vrijwel alles met de app en de Homey Bridge. De echte diehards kunnen en zullen echter blijven kiezen voor de Pro, verwacht Witkamp.

“We krijgen wel eens de vraag waarom we alles zo goedkoop aanbieden. Waarom maken we de app niet 4,99 euro per maand? Waarom pakken we een minimale marge op de Bridge? Maken we daarmee niet een verkeerde keuze?” zegt Witkamp. “Maar wij geloven in een goed product geven tegen een goede prijs, dat is onderdeel van onze visie. En wij vinden het belangrijk om meer mensen te kunnen bereiken.”

En onderdeel van die visie is ook het veilig houden van de privacy van de gebruikers. “Er zijn maar drie manieren om geld te verdienen in de markt van smarthome en verbonden producten, die je jarenlang actief ondersteunt met doorlopende kosten. De eerste is door een hoge instapprijs te vragen, wat we deden met Homey Pro. Het tweede is een abonnement, wat we doen met de app. En de derde is om gebruikersgegevens door te verkopen, en dat willen we niet.”

Homey Mobile App. Afbeelding: Homey
Homey Mobile App. Afbeelding: Homey

Ook in de toekomst zegt Witkamp aan dit geloof vast te houden, zelfs als er een overnamebod van Google of Apple komt. “Ik zeg niet dat we dat direct afslaan, want bij dit soort zaken gaat het om het totaal aan voorwaarden, maar privacy is daarin wel een heel belangrijke waar we niet zomaar op schuiven.”

En eigenlijk is Witkamp niet zo bang voor de dominantie van de grote spelers. “In de smarthome-wereld werken de meeste merken goed samen, er heerst een mentaliteit van samen zijn we beter dan alleen. En wij zijn hierin eigenlijk een verbindende factor”, zegt Witkamp. Zelfs als Google met de Assistant, Apple met Siri en Amazon met Alexa steeds meer gaan automatiseren, voorspelt hij dat er altijd een plaats zal zijn voor Homey.

“Ja, er is een risico dat meer mensen accepteren dat de functionaliteit van Siri genoeg is voor wat ze willen, maar er zal altijd een groep zijn die meer of anders wil. En dat kunnen wij bieden”, vertelt Witkamp. “Denk bijvoorbeeld aan inzicht in stroomverbruik van je apparaten, dat doen de assistenten nu nog niet. Daarbij blijft het privacy-aspect bij ons uniek, en zien steeds meer mensen in dat het fijn is om opties te hebben naast big tech.”

Hoe hij mensen overhaalt om Homey te gebruiken? “Natuurlijk heb ik mijn hele huis geautomatiseerd, maar hetgeen waar ik nog steeds het meeste indruk mee wek zijn de gordijnen die automatisch open en dicht gaan. Mensen kennen de lampen ondertussen wel, maar als er iets fysiek beweegt is dat toch nog steeds erg imposant,” lacht Witkamp. “Dat blijf ik persoonlijk ook het mooiste vinden om te zien.”

LEES OOK: Bijna driekwart Nederlanders heeft apparaten die met internet zijn verbonden: dat komt vooral door de ‘slimme’ energiemeters en thermostaten