Een half miljard dollar aan leningen aan Mozambique lijkt te zijn verdwenen. Er wordt vermoed dat het geld is uitgegeven aan wapens, aldus een rapport van het onafhankelijke adviesbureau Kroll.

Het rapport heeft ook kritiek op de grootste kredietverstrekker Credit Suisse, omdat de Zwitserse bank veel te hoge vergoedingen vraagt voor de leenovereenkomst, iets dat de bank zelf ontkent.

Credit Suisse en de Russische investeringsbank VBT Capital gingen in 2013 en 2014 akkoord met het verstrekken van leningen, voor in totaal 2 miljard dollar. De leningen waren bedoeld om een stimulans te geven aan de visindustrie van Mozambique. De leningen kregen de bijnaam ‘tonijnobligaties’.

Volgens het onderzoeksrapport ontbreekt inmiddels er een bedrag van 500 miljoen dollar. Ook zouden de kredietverstrekkers hoge servicekosten hebben gerekend, maar dat ontkent Credit Suisse tegenover persbureau Bloomberg.

Lening voor visindustrie Mozambique

De lening van 2 miljard dollar ging naar drie bedrijven, ProIndicus, EMATUM en MAM. Ze was bedoeld om een boost te geven aan de maritieme veiligheid en visindustrie.

De lening werd in het geheim uitgegeven en de Mozambikaanse autoriteiten gaven pas in april 2016 toe dat ze geld hadden geleend. Later gaven ambtenaren ook toe dat de betalingen die zij moesten doen, niet vol te houden waren, waardoor het IMF en andere donoren hun steun aan het land stopzetten.

Het onderzoek van Kroll slaagde er niet in om te ontdekken wat er is gebeurd met 500 miljoen dollar, door ‘tegenstrijdigheden’ in de verklaringen van ‘persoon A’ (een hooggeplaatst persoon die verantwoordelijk was voor het tekenen van documenten namens de drie bedrijven), het ministerie van Defensie van Mozambique en een schepenbouwer, de Privinvest Group.

Lees ook op Business Insider

Een mogelijke aanwijzing komt uit een IMF-rapport uit 2015, waarin wordt gesteld dat de overheid van Mozambique een lening is aangegaan ter waarde 850 miljoen dollar, verstrekt door EMATUM, voor de aankoop van onder meer vissersboten. Een bedrag van 500 miljoen dollar werd vervolgens opgenomen in het nationale budget en werd daarmee staatsschuld.

Het Mozambikaanse ministerie van Financiën was echter niet in staat was echter niet in staat om tegenover Kroll te bevestigen dat dit het geval was. In plaats daarvan zei Persoon A dat het geld was uitgegeven aan militair materieel. Uit een concept-contract tussen Privinvest en ProIndicus blijkt daarnaast ook dat een aantal boten zou worden uitgerust met wapens, hoewel dit uit het uiteindelijke contract is geschrapt.

Zonder de documentatie die momenteel wordt achtergehouden, zegt Kroll dat de 500 miljoen dollar waarschijnlijk nog spoorloos blijft.