Afgelopen dinsdag kondigde Ford aan de komende vijf jaar een bedrag van 4,5 miljard dollar te zullen steken in elektrische en autonome voertuigen.

CEO Mark Fields vertelde onder meer dat Ford had besloten om geen nieuwe fabriek ter waarde van 1,6 miljard dollar te bouwen in Mexico. De fabriek zou worden gebruikt om kleinere auto’s te bouwen. Omdat kleine auto’s kleine marges hebben is het moeilijk om die in Amerika te monteren, omdat daar de arbeidskosten veel hoger zijn.

Er werd onmiddellijk gespeculeerd dat Ford was gezwicht voor de druk van de aanstaande president van de Verenigde Staten, Donald Trump, die tijdens zijn campagne Ford had aangevallen om de fabriek in Mexico. Later claimde Trump, ten onrechte, dat hij had voorkomen dat een Ford-fabriek in Kentucky werd verplaatst naar Mexico.

Fields zei na de aankondiging al dat er van een overeenkomst met Trump geen sprake was, hoewel hij wel opmerkte dat het besluit van Ford wel voortkwam uit vertrouwen in het ‘pro-business’-beleid dat de regering-Trump vermoedelijk zal voeren.

Later legde hij aan Business Insider uit waarom het Mexico-project ter waarde van 1,6 miljard dollar in de koelkast is gezet.

“In het geval van de fabriek doorlopen we elk jaar een proces waarbij we de veranderingen in elk segment bekijken. Vervolgens bepalen we onze volume- en capaciteitsplanning.”

“Rond de herfst was het erg duidelijk dat we niet meer capaciteit nodig hadden, en kwamen we tot dit besluit.”

Lees ook op Business Insider

Evenwichtig richting elektrische auto’s

Hoewel Ford internationaal actief is en wereldwijd auto’s verkoopt, is het lastig om extra productiecapaciteit voor dit soort auto’s toe te voegen, omdat consumenten in ieder geval in Amerika steeds vaker voor trucks en SUV’s kiezen. Een aantal prominente figuren in de autosector, zoals Fiat Chrysler Automobiles-CEO Sergio Marchionne, geloven dat er een structurele verandering op komst is waarbij de vraag naar kleinere auto’s nooit meer zal terugkeren. Om deze reden stopt Fiat Chrysler met de productie van passagiersauto’s in de VS.

Maar Fields wil met Ford niet diezelfde kant op.

“Het is voor ons belangrijk om in de markt voor kleinere auto’s te blijven”, zegt hij. Hij voegt daaraan toe dat het bedrijf “in de VS wel een duidelijke verandering laat zien”. Hoewel consumenten tegenwoordig ook keuze hebben uit aantrekkelijkere SUV’s dan 10 jaar geleden, toen dat soort auto’s nog erg veel benzine verbruikten.

De Ford-baas benoemde daarnaast ook de realiteit van de markt. De vraag naar elektrische auto’s is nog laag, maar autofabrikanten worden verplicht om ze te maken om zo aan overheidseisen te voldoen.

Ford heeft een agressieve strategie met betrekking tot zowel elektrische als zelfrijdende auto’s. Een volledig elektrische SUV zal in 2020 in productie gaan, in 2022 de eerste volledig zelfrijdende auto.

Het bedrijf is ook van plan om die auto’s daadwerkelijk de weg op te krijgen.

“We runnen ons bedrijf niet voor persberichten”, zegt Fields. “We denken 10 tot 15 jaar vooruit, spoelen weer terug naar vandaag en bekijken hoe we die beloftes kunnen waarmaken.”

Maar Ford wil ook auto’s maken en verkopen die consumenten willen kopen – en Fields wil de huidige regelgeving laten herzien nu de nieuwe regering aantreedt.

“Als je in een sector zit waarin je wordt gedwongen om producten te bouwen die niet verkopen, dan loopt dat niet goed af”, zegt hij, met betrekking tot zuinige auto’s die niet in trek zijn bij consumenten.

Rust van de overheid

In 2011 kwam de Amerikaanse overheid met nieuwe regels, om auto’s zuiniger te maken. Maar er werd ook vastgesteld dat er een tussentijdse evaluatie zou komen in 2018, om te kijken of de gestelde doelen realistisch zijn.

De afgelopen jaren zijn de Amerikaanse benzineprijzen relatief laag geweest door de lage olieprijs. Daardoor zijn ook de verkopen van SUV’s gestegen – voertuigen waar Ford er een hoop van verkoopt, met hoge winstmarges.

Vorig jaar stelde de Amerikaanse milieuwaakhond dat er nieuwe wettelijke normen zullen komen voor de automodellen tussen 2022 en 2025.

Daarmee is heeft de regering volgens Fields het evaluatiemoment verhinderd. “We willen er voor zorgen dat we deze discussie kunnen voeren met de nieuwe regering. Regelgeving kan niet vooruitlopen op de beperkingen in de markt. Uiteindelijk zijn we wel een bedrijf dat winst probeert te maken.”