“Ben ik de criticus die vanaf een relatief comfortabele positie commentaar levert, of wil ik echt proberen het verschil te maken, door in de arena te staan, me kwetsbaar op te stellen en risico te lopen?”

Het waren vragen die steeds meer begonnen te knagen bij Guus Kessler (50), toen hij zich een jaar of vijf geleden in toenemende mate zorgen begon te maken over de mondiale aanpak van klimaatverandering.

Na zijn studie aan de TU Delft ging Kessler in de jaren 90 aan de slag bij Shell.

Tussen 2010 en 2013 zat hij in het CO2-team van de Nederlands-Britse energiereus. Hij vertegenwoordigde Shell bij diens pogingen om binnen de olie- en gassector met een serieus plan van aanpak te komen. Te beginnen door overtollig gas niet meer af te fakkelen.

Daarna werd Kessler als vicepresident Value and Project Assurance bij Shell verantwoordelijk voor het onafhankelijk toetsen van project- en investeringsvoorstellen.

Terwijl hij als manager de wereld afreisde, besefte Kessler steeds meer hoe lastig het is voor een olie- en gasproducent om echt grote stappen te zetten in de energietransitie. Het energiesysteem is enorm complex en volledig verweven met allerlei politieke en economische belangen.

“Een oliebedrijf heeft net als elk ander bedrijf in eerste instantie een winstdoelstelling, en opereert onder de druk en verwachtingen van aandeelhouders, concurrenten en partners waarmee de investeringsrisico’s gedeeld worden – en natuurlijk de nationale politiek en regelgeving”, vertelt Kessler in een Haags café op nog geen kilometer afstand van het hoofdkantoor van Shell aan de Carel van Bylandtlaan.

Binnen dat krachtenspel is het heel moeilijk om een eigen groene ambitie vorm te geven. “Het is bijvoorbeeld lastig de maatschappelijke CO2-kosten te verdisconteren in je projecten. Zeker als het speelveld op internationaal vlak verre van gelijk is.”

hell hoofdkantoor Den Haag

Foto: ANP

Geleidelijk kwam Kessler tot de conclusie dat de energietransitie vooral vaart moet krijgen via kleinere spelers die met disruptieve technologieën vanuit de periferie opkomen. Maar deze spelers kunnen niet zonder samenwerking met de grote industrie en de politiek voor de opschaling van hun producten.

Kessler: “Die koppeling is kritiek en daar gaat het ook vaak mis. Om de dialoog op dit vlak constructiever te maken, zijn mensen nodig die kunnen faciliteren, de taal van de industrie spreken, maar daarnaast ook mee willen doen met ondernemen en het dragen van risico’s.”

Om deze reden koos Kessler er in 2016 voor zijn carrière een andere wending te geven: “Ik besloot Shell te verlaten en mijn eigen bedrijf te starten. Op 1 januari 2017 ben ik met DAREL begonnen.”

DAREL is een adviesbureau en participatiemaatschappij met de focus op het leveren van praktische bijdragen aan de energietransitie. De nadruk ligt op risicomanagement, ondernemerschap, innovatie en samenwerking. Kessler startte het bureau met vijf andere specialisten, deels uit de olie- en gasindustrie, deels uit de ondernemerswereld.

“We kregen al snel een paar interessante opdrachten, waarvan de belangrijkste het ondersteunen van een tweetal grote energietransitie projecten binnen het havenbedrijf van Rotterdam”, aldus Kessler.

Zo coördineert DAREL nu een groot project voor de opslag van CO2 in een leeg gasveld voor de kust en ook de aanleg van een grootschalig warmtenetwerk in de provincie Zuid-Holland. Tot de andere activiteiten van het bureau behoort onder meer het begeleiden van bedrijven die hun energieverbruik willen verduurzamen met zonne-energie.

Kessler en zijn collega’s maken daarnaast bewust tijd vrij voor educatieve projecten op scholen en hbo’s: “Ons doel is om jongeren meer gevoel te geven voor de gigantische omvang van de fossiele economie en de risico’s die we lopen als we niets doen aan klimaatverandering. Maatschappelijk draagvlak creëren onder jongere generaties is extreem belangrijk, want daar zal ook een deel van de verandering in leefpatronen vandaan moeten komen.”

Wij zijn zelf het probleem

De energietransitie draait wat Kessler betreft niet om eenzijdig ’nee’ zeggen tegen olie en gas. “We zijn allemaal verslaafd aan goedkope fossiele energie. De samenleving die we nu hebben, is ondenkbaar zonder het bijbehorende energieverbruik.”

“Als je het in breder perspectief bekijkt: olie is uiteindelijk geconcentreerde zonne-energie, in miljoenen jaren gevormd onder de grond. Sinds anderhalve eeuw halen we die energie in hoog tempo uit de aardbodem en dat is tegelijk de basis van moderne, complexe samenlevingen.”

manhattan skyline licht energie

Onze dagelijkse afhankelijkheid van op olie en gas gebaseerde producten is extreem groot: niet alleen bij het transport, maar ook via tal van andere toepassingen. Van plastic en textielvezels tot cosmetica en verf.

“Je moet dus erkennen dat wij zelf het probleem zijn”, concludeert Kessler. “Je kunt het CO2-vraagstuk niet los zien van onze eigen wensen en leefpatronen.”

Het is wat Kessler betreft niet zinvol om discussies over duurzaamheid te versmallen tot ‘good guys’ en ‘bad guys’. “Die polarisatie waarbij je de fossiele industrie wegzet als de slechterik, doet geen recht aan onze bredere verantwoordelijkheid als samenleving. De energietransitie beïnvloedt ecosystemen en heeft gevolgen voor onze welvaart en gezondheid. Er komen grote sociale en ethische vragen bij kijken. Het raakt alles wat wij als mensheid hebben opgebouwd en wat we belangrijk vinden. Dan kun je alleen verder komen als de verschillende partijen het probleem erkennen en echt gaan samenwerken.”

Zelf heeft Kessler meet- en regeltechniek gestudeerd in Delft en hij weet hoe gevaarlijk het kan zijn als systemen uit balans raken. Het is niet heel moeilijk scenario’s te bedenken waarbij klimaatverandering escaleert en de mens daar nauwelijks meer invloed op heeft. “De sneeuwbal is dan gaan rollen en de lawine is niet meer stoppen.”

We blijven nog lange tijd afhankelijk van fossiele energie

Op mondiaal niveau is één van de dilemma’s dat de mensheid enorme hoeveelheden CO2 in de atmosfeer pompt, maar dat de alternatieven voor fossiele energiebronnen niet eenvoudig op grote schaal kunnen worden toegepast. Kessler: “Koolwaterstofverbindingen zijn nu eenmaal erg efficiënt als energiedrager.”

Een liter benzine heeft een enorm hoge energiedichtheid en is eenvoudig te vervoeren. “Als je dat vergelijkt met het transport van elektronen en het accugewicht dat je nodig hebt om dezelfde energie op te wekken in een Tesla. Die verschillen zijn al snel een factor 100”, zegt Kessler.

Tesla

De technische uitdagingen om fossiele brandstoffen grootschalig te vervangen door duurzame en hernieuwbare alternatieven zijn niet gering.

“Dat is al zo als je kijkt naar het huidige energieverbruik in westerse samenlevingen. Maar de komende decennia stijgt de energievraag in opkomende landen als China en India ook nog eens gigantisch. We moeten dus zeker inzetten op zon, wind, waterkracht en aardwarmte. Maar zelfs als je dat vertienvoudigt, kun je de fossiele economie niet in korte tijd uitfaseren.”

Wat Kessler betreft gaat het er vooral om goed te kijken waar je de grote slagen kunt maken met CO2-reductie en de energietransitie. “Je ziet helaas tal van schijnoplossingen voorbij komen. Neem bijvoorbeeld CO2-compensatie voor vliegreizen: dan betaal je een paar euro om een boom te planten. Maar eigenlijk ben je aan het sjoemelen met de tijd. Tijdens je vlucht wordt CO2 direct in de atmosfeer geblazen; de compensatie gebeurt gedurende levensduur van die boom. Maar dat duurt jaren. Bovendien weet je niet of de boom lang genoeg leeft om jouw uitstoot volledig op te nemen en of de CO2 ook werkelijk duurzaam wordt vastgelegd in humuslaag en biomassa.”

We knallen tegen de muur – de vraag is alleen ‘hoe hard?’

Inmiddels is de kans dat de huidige klimaatdoelen worden gehaald, behoorlijk klein geworden, denkt Kessler: “Het gevaar wordt nog steeds niet als acuut ervaren, waardoor er telkens het risico is dat de aandacht verslapt.”

Een maximale stijging van de gemiddelde temperatuur op aarde met 2 graden in het jaar 2050: dat klinkt voor de meeste mensen niet dramatisch. Zo van kachel 2 graadjes bijstellen. “Maar je hebt het wel over massale vernietiging van flora en fauna en hele regio’s die onbewoonbaar worden. De mensen die daar wonen, gaan niet zomaar een beetje afwachten. Je kunt dus rekenen op forse sociale en politieke conflicten en flinke migratiestromen. Die impact gaat komen”, aldus Kessler.

Ook andere effecten , zoals bijvoorbeeld het oprukken van tropische ziektes of het dramatisch veranderen van neerslagpatronen zullen zeer grote economische en humane schade aanrichten.

Neerslag, klimaatverandering, Bangladesh

In de optiek van Kessler zijn we eigenlijk al deels te laat. Hij maakt de vergelijking met een auto die op een muur afrijdt. ”Je hebt een bepaalde tijd om op de rem te trappen, zodat je net op tijd stopt. De botsing met een muur is al onvermijdelijk, en we moeten dus ook gaan nadenken over de sociale, economische en ecologische gevolgen van klimaatverandering.”

Maar daarnaast blijft Kessler ook positief. Optimisme is wat hem betreft het allerbelangrijkste op dit moment. “De mens is altijd in staat geweest tot bijna onmogelijk opgaven, zolang we de urgentie en prioriteit van de uitdaging maar gezamenlijk omarmen.”

Om de energietransitie te laten slagen, hebben wel volgens Kessler alle technologieën en spelers nodig. De aankondiging van Shell eerder deze week dat het bedrijf 200 miljoen dollar gaat pompen in een campus in Den Haag voor alternatieve energie is in dit opzicht positief te noemen.

Kesssler: “We moeten onze kenniseconomie in Nederland maximaal inzetten, juist voor het ontwikkelen van innovatieve oplossingen, die technisch en commercieel haalbaar zijn. Shell speelt daar in natuurlijk een belangrijke rol.”

CO2 afvangen

Een van de grotere en meest kansrijke technologieën op de kortere termijn is het afvangen van CO2 bij fabrieken en ondergrondse opslag, zegt Kessler: “Daar ontkom je niet aan, als je kilometers wilt maken met CO2-reductie. CO2-afvang en -opslag levert een belangrijke bijdrage in het overgangstraject. Het kan ook helpen met negatieve emissies, als we de technologie later combineren met CO2-uitstoot op basis van biomassa.”

Met negatieve CO2-emissies kan de sneeuwbal beter en sneller worden geremd, zegt Kessler. “Er kan een nieuw CO2-neutraal energiesysteem ontstaan met daarin eventueel nog steeds een bescheiden rol voor fossiel. Het duurt namelijk nog wel even voordat technologische doorbraken ertoe leiden dat bijvoorbeeld waterstof duurzaam en grootschalig ingezet kan worden als alternatieve brandstof.”

Het feit dat de klimaatverandering een mondiaal probleem is biedt ook kansen. Zo maakt het eigenlijk niet uit waar de CO2 wordt afgevangen en opgeslagen. Kessler ziet op de langere termijn dan ook een kans voor ‘direct air capture’, een manier om CO2 direct uit de lucht af te vangen. “Dit zou bijvoorbeeld midden in de woestijn met zeer goedkope zonne-energie kunnen gebeuren.”

Afgelopen juni publiceerde het Canadese bedrijf Carbon Engineering de resultaten van een test met het afvangen van CO2 uit de lucht. Daarbij bleek dat de kosten mogelijk kunnen worden teruggebracht tot ongeveer 100 dollar per ton CO2. “Dat gaat in ieder geval de goede kant op. Bovendien biedt dit mogelijkheden om verdienmodellen op te bouwen”, zegt Kessler.

Fossiele brandstof nog veel te goedkoop

Om technologische ontwikkelingen te versnellen, is het meest effectieve dat overheden kunnen doen het invoeren van een serieuze belasting op CO2, meent Kessler. Dan loont het namelijk veel eerder om te investeren in alternatieve, CO2-arme oplossingen.

“Op dit moment zie je juist het tegenovergestelde. Fossiele brandstoffen worden bijna overal ter wereld nog gesubsidieerd. Zoals in Nederland, waar je op kerosine geen accijns hoeft te betalen.”

olie, kerosine, belasting

Olieproducten zijn eigenlijk veel te goedkoop, zeker als je bedenkt hoe bijzonder dat stofje eigenlijk is, schetst Kessler. Een paar jaar geleden had hij een etentje in Australië. Hoofdgerecht, dessert, flesje wijn. Dat kwam neer op omgerekend 120 Amerikaanse dollar. De olieprijs stond toen op 42 dollar.

“Wat we hier hebben gegeten staat economisch bijna gelijk aan drie volle vaten ruwe olie van elk 159 liter, dacht ik toen. 477 liter olie voor twee bordjes pasta en wat wijn. Waanzin, als je er even bij stil staat. Als overheden fossiele brandstoffen duurder maken door CO2 direct te belasten, verander je ook het speelveld voor grote spelers zoals Shell. Dan komen die veel meer in beweging.”

LEES OOK: Zo werkt de gigantische buis waarmee de 24-jarige Boyan Slat de plasticsoep wil opruimen – bekijk de foto’s vanuit San Francisco