• Het herstel van de Chinese economie lijkt wat aan kracht lijkt in te boeten, maar de exportcijfers zijn nog steeds sterk.
  • Absurd hoge transportkosten en lagere Chinese aandelenkoersen hebben weinig invloed op de waarde van de Chinese munt, de renminbi.
  • Valuta-expert Joey van Hanegem van Ebury ziet de stijgende koerstrend van de renminbi voortzetten.

ANALYSE – De renminbi is vanaf het dieptepunt halverwege 2020 gemeten met 8 procent in waarde gestegen tegen de euro. Ten opzichte van de dollar, waartegen de Chinese munt vorig jaar eind mei al een laagste niveau bereikte, is zelfs sprake van een stijging met 9,5 procent.  

Dat de renminbi zo wist aan te sterken, heeft natuurlijk veel te maken met het indrukwekkende herstel dat de Aziatische reus doormaakte gedurende de wereldwijde coronacrisis.

Momentum voor herstel Chinese economie hapert

Toch is het momentum van China’s economische herstel recent wat afgezwakt als gevolg van door de Delta-variant veroorzaakte lokale COVID-19-uitbraken, hoge grondstofprijzen, vertragende fabrieksactiviteit en strengere maatregelen om de fors gestegen vastgoedprijzen in China te beteugelen.

Daarnaast heeft het sneller dan verwachte herstel van de wereldhandel gezorgd voor een enorm capaciteitstekort in het zeetransport. Door de ontstane containerkrapte zijn de prijzen daar de pan uitgerezen; terwijl het boeken van een container een jaar geleden gemiddeld nog zo’n 2.000 dollar kostte, werden afgelopen maand bedragen van tot wel 18.000 dollar betaald.

China houdt sterke positie als exporteur

Je zou je kunnen afvragen of het moment niet is bereikt dat dergelijk hoge transportkosten de vraag naar goederen uit China gaan dempen. Mede als gevolg daarvan zou de koers van de renminbi onder druk kunnen komen te staan.

Maar niets is minder waar, want de Chinese im- en exportcijfers waren in augustus weer zo sterk gestegen, dat alle verwachtingen werden overtroffen. Al neemt dat niet weg dat ik denk dat de huidige absurd hoge transportkosten op termijn niet houdbaar zijn voor veel sectoren.

Neem het verschil tussen een container vol met microchips en eentje vol met tuinmeubelen. Bij de eerste lading kunnen de hogere transportkosten nog in zekere mate in de verkoopprijs per product worden doorberekend, maar bij een container met slechts enkele tuinsets wordt dat een stuk moeilijker.

Niettemin lijken de zeecontainerprijzen zich inmiddels wat te stabiliseren. Contracten voor leveringen later in het jaar worden nu in ieder geval op iets lagere niveaus afgesloten. En bovendien: de wereld heeft buiten China niet zo heel veel andere opties. Noch dichtbij, noch ver weg, want qua kwaliteit, volumes en snelheid zijn er eigenlijk geen landen die kunnen tippen aan China.

Anders gezegd zie ik de vraag naar Chinese producten niet dalen en verwacht ik vanuit díe hoek dan ook zeker geen zwakkere renminbi.

Lagere koersen Chinese aandelen

Ook de achterblijvende Chinese aandelenkoersen dit jaar hebben geen negatieve invloed gehad op de wisselkoers van de renminbi.

Voor langetermijnbeleggers zijn de vooruitzichten in China nog steeds onveranderd goed. Hogere langetermijnrendementen worden onder meer ondersteund door het groeiverschil van China ten opzichte van de meeste andere ontwikkelde landen en regio’s.

Veel analisten verwachten daarbij ook nog eens dat de Chinese centrale bank later dit jaar verdere verlagingen zal doorvoeren van de hoeveelheid contanten die banken als reserves moeten aanhouden bij de centrale bank. Hiermee kan economische groei extra gestimuleerd worden.

Bovenstaande factoren wijzen er wat mij betreft op dat de opmars van de renminbi voorlopig niet zal worden verstoord. Tegelijkertijd is het zo dat niet alleen vraag en aanbod de koers van de Chinese munt bepalen.

De centrale bank van China hanteert aan de hand van een handelsgewogen mandje immers elke dag een bandbreedte waarbinnen de renminbi mag bewegen. In dat mandje zitten 24 valuta, waarbij de dollar de zwaarste weging heeft (ongeveer 20 procent), gevolgd door de euro (ruim 17 procent). De weging van die munten hangt vooral af van het handelsvolume van China met het betreffende land of regio.

Chinese centrale bank wil af van imago van koersmanipulator

De Chinese centrale bank wil ook af van het imago een koersmanipulator te zijn, waardoor je geen harde ingrepen meer ziet die een vijftal jaren geleden nog wel voorkwamen. Het doel van de People’s Bank of China is nu veel meer om de renminbi te internationaliseren en deze te promoten als reservevaluta, waarbij de relatieve stabiliteit zal helpen om bedrijven en institutionele beleggers aan te trekken.

Niet voor niets opperde zakenbank Goldman Sachs onlangs dat de renminbi tegen 2030 de derde reservemunt van de wereld zal zijn (na de dollar en de euro). Ook zullen steeds meer buitenlandse beleggers hun toevlucht tot Chinese (staats)obligaties zoeken.

Niet alleen worden Chinese staatsobligaties in toenemende mate in de lokale valuta uitgegeven, ook liggen de obligatierentes (van bijvoorbeeld bijna 3 procent voor de 10-jarige Chinese staatslening) op relatief aantrekkelijke niveaus ten opzichte van die in andere grote economieën.

Al met al verwacht ik dat de renminbi ten opzichte van de dollar tegen het einde van dit jaar de highs van afgelopen mei (rond 6,35 renminbi per dollar) weer gaat opzoeken en dat de Chinese munt op wat langere termijn zelfs het laagste niveau van 2018 (rond 6,35 renminbi per dollar) zal gaan testen.

Ten opzichte van de euro voorzie ik een eindejaarskoers onder de 7,50 renminbi per euro. Op de meer middellange termijn kan een koersniveau van 7,30 renminbi per euro in het verschiet kan liggen.

Joey van Hanegem is een Foreign Exchange Dealer bij Ebury Nederland. Hij helpt organisaties op het gebied van Valutarisicomanagement en strategie.