Vier dertigers verlieten anderhalf jaar geleden het internationale topkantoor Freshfields om hun eigen advocatenpraktijk op te zetten: Vriman M&A Lawyers.

Business Insider bezoekt hen in Amsterdam. Waarom verlieten zij het Chelsea FC van de juridische wereld?

“Onze pakken liggen gewoon in de kast hoor”, zegt Jan Vriesendorp, casual gekleed, wijzend naar de kast. “Als we een afspraak hebben, doen we die zeker aan.”

Op het eerste gezicht is Vriman geen typisch advocatenkantoor. Naast een informele kledingstijl, die kennelijk transformeert naar formeel zodra de klant in het zicht is, ligt het kantoor midden in Oud-Zuid. Een groot contrast met de Amsterdamse Zuidas, waar concullega’s op de duurste vierkante meters van het land gegroepeerd zitten in hoge glazen torens.

Ver verwijderd van hun vakgenoten zijn ze overigens niet, het hoekpand ligt op twee minuten loopafstand van het zakendistrict.

Vriman is een nieuwe boutique, zoals kleine nichekantoren in de advocatuur worden genoemd, en werd in februari 2016 opgericht door Jan Vriesendorp, Bas Mees en Marius Ankum (vandaar de afkorting Vriman). Later sloot ook Menno Verboom aan. In totaal dus vier partners. “En een uitstekende secretaresse”, aldus Mees.

Het werkveld van Vriman is juridisch advies bij bedrijfsovernames en investeringen – in het wereldje zelf ook wel M&A (mergers & acquisitions) genoemd. Zo was de mini-maatschap betrokken bij vele transacties: van investeringen in zonnepanelenstartup BBOXX tot de overname van timmermachinefabrikant Bos Machines door een investeringshuis.

In de M&A-wereld zijn er inmiddels veel kleine boutiques, maar meestal worden deze opgericht door vijftigers die al partnerervaring hebben bij een gerenommeerd kantoor. Het Vriman-kwartet werkte bij zo’n groot gerenommeerd kantoor, Freshfields, maar wilde niet wachten met het partnerschap tot de haren grijs zijn.

Death of a Law Firm

“Het besluit om voor onszelf te beginnen was er niet van de ene op de andere dag,” zegt Bas Mees in de spreekkamer terwijl ook zijn drie kompanen aanschuiven. “Een van de triggers voor mij was het boek Death of a Law Firm van Jaap Bosman. Dat was een feest van herkenning.”

Volgens dit boek uit 2015 staat de juridische sector – nadat deze decennialang zorgeloos kon groeien – voor het eerst in zijn bestaan op een kruispunt.

De grote kantoren die nu nog de dienst uitmaken zijn volgens Bosman te inwisselbaar geworden voor de klant. Het maakt niet zoveel uit je of Loyens & Loeff, De Brauw of Freshfields inhuurt. En dat drukt de tarieven. Opdrachtgevers kunnen immers shoppen.

In deze homogene sector wordt het belangrijker om je als kantoor duidelijk te onderscheiden, zeker als de economie straks weer een keer door laagconjunctuur gaat en er minder werk te verdelen is. Doet een maatschap dat niet, dan zal dat volgens de auteur het einde betekenen.

Vriman, en met hen vele boutiques, willen zich ten opzichte van de grotere kantoren onderscheiden met meer persoonlijke contact, een duidelijke niche (“wij doen alleen M&A-advies, niets anders”, aldus Vriesendorp) en een voordeligere prijs.

Vooral dat persoonlijke contact is erg belangrijk. “Veelgehoorde kritiek van klanten op de grote advocatenkantoren is dat zij het merendeel van de tijd door juniors worden geholpen”, legt Vriesendorp uit. “Er is niets mis met juniors, maar klanten worden vaak binnengehaald door een partner omdat zij deze man of vrouw vertrouwen. Bij Vriman weet je zeker dat je Marius, Bas, Menno of mij inhuurt. En niets meer of minder.”

Geen kunstcurator bij Vriman

Ook heeft Vriman naar eigen zeggen door zijn kleine omvang minder organisatorische kosten. Er gaan geen euro’s verloren aan “randzaken” zoals een parkeergaragedienst, marketingafdeling of dure kunst aan de muur.

“Dat schilderij heb ik voor 150 euro van mijn eigen geld gekocht op Marktplaats.nl”, vertelt Vriesendorp als hem wordt gevraagd naar een van de drie geverfde doeken die in het pand hangen.

Het interview moet niet te veel gaan over wat grote kantoren niet goed doen, vindt Menno Verboom. “Ik wil wel graag zeggen dat we niet weg zijn gegaan omdat we het op onze oude plek slecht hadden. We hebben daar hartstikke veel geleerd en een leuke tijd.”

De basis die bij Freshfields werd gelegd, is zelfs essentieel. “Bij Freshfields hebben wij het vak geleerd”, blikt Verboom terug. “En ook elkaar leren kennen. We zijn eigenlijk al meer dan tien jaar collega’s van elkaar, dus we weten wat we aan elkaar hebben.”

Toch is de unanieme glimlach die verschijnt na de vraag of zij nu trotser zijn op hun werk, veelzeggend. Verboom: “Nu we een eigen kantoor hebben, praat ik inderdaad nog liever over mijn werk op verjaardagen.”

Bas Mees licht verder toe. “Vriman is ons eigen ding. Een pitch komt nu echt van onszelf. Daardoor kan ik met volle overtuiging uitleggen waarom een klant het beste af is bij ons.”

Het blijft zwaar werk

Ondernemen betekent voor Vriman niet dat je in de praktijk ook alle vrijheid heb. De wereld van M&A-advies staat bekend om zijn lange werkweken en dienstbare opstelling naar cliënten toe. Als de opdrachtgever iets vraagt, dan draai je. Ook als dat op zondag is.

“Het blijft M&A, dat hoort erbij”, relativeert Mees.

Marius Ankum, die maar kort bij het interview kan zijn vanwege klantverplichtingen, merkt op dat hij tijdens vakanties nog nooit een out-of-office heeft aangezet. “Niet dat dat een regel is. Maar je moet er gewoon altijd staan voor de klant.”

Druk doen hoort een beetje bij de cultuur van de M&A-wereld. Maar dat het bij Vriman niet enkel gaat om interessantdoenerij, blijkt uit het trackrecord.

In zijn prille 1,5 jarig bestaan heeft Vriman meer dan 20 M&A-deals begeleid, waarbij het in de meeste gevallen ging om transacties van miljoenen euro’s. En vorig jaar won Vriman een award voor de Best Dutch M&A Law boutique, een prijs die wordt toegekend door mensen die in de overnamewereld werken.

Groter worden is niet het doel

Is er een bepaald einddoel voor ogen? Groter worden dan hun oude werkgever – los van dat dat nog ver weg is – wil Vriman niet. Dan raakt het de essentie van een nichekantoor, en het persoonlijke contact dat daarbij hoort, kwijt.

“We willen ons team wel uitbreiden met een paar advocaat-medewerkers, we zoeken nu een ondernemende advocaat met 3 tot 6 jaar ervaring. Maar dus niet te veel extra werknemers”, laat Vriesendorp weten. “We willen een boutique blijven. Dat is nu juist onze kracht.”

Het behouden van dat karakter is nodig, vinden ze bij Vriman. In de toekomst zal het in de advocatuur namelijk steeds minder draaien om de kwantiteit van de diensten en steeds meer om de kwaliteit. Automatisering staat immers ook om de hoek.

“We denken dat de advocatuur steeds meer naar een model gaat waarbij verschillende nichekantoren – dus in bijvoorbeeld fiscaliteit, notarieel en arbeidsrecht – samen aan één opdracht werken, in plaats van dat een groot full service-kantoor alles doet”, aldus Mees. “Wat betreft M&A-advies moet Vriman daarin één van de household names worden. Als we dat niet al zijn.”