COLUMN – In 1975 schreef de Amerikaanse beleggingsexpert Charles D. Ellis dat beleggen van een “spel van winnaars” was veranderd in een “spel van verliezers”.

Het verschil tussen een loser’s game en een winner’s game legt Ellis uit aan de hand van tennis. Dat spel bestaat volgens Ellis eigenlijk uit twee verschillende spellen, te weten het spel dat gespeeld wordt door professionals (en een paar hele goede amateurs) en het spel dat gespeeld wordt door de meeste amateurs.

Het grote verschil: de professional wint het spel door punten te winnen met fantastische slagen, aces en mooie backhands. De winst is dus bijna volledig toe te schrijven aan de acties van de winnaar.

Amateurs daarentegen verliezen het spel door dubbele fouten, slagen in het net of complete missers. De winst (van de tegenstanders) hier is dus grotendeels toe te schrijven aan de acties van de verliezer.

In cijfers: de professional wint 80 procent van zijn punten, de amateur verliest 80 procent van zijn punten.

Een tip en goede strategie voor de amateurtennisser is volgens Ellis: door conservatief te spelen, de bal in het spel te houden en door fouten te voorkomen, geef je de tegenstander de ruimte om te blunderen. Natuurlijk krijg je af en toe een ongelofelijke bal om de oren. Maar de tegenstander zal vaker dubbele fouten maken en de partijwinst is voor jou.

Geloof dat slimme beleggers de markt kunnen verslaan, leeft nog steeds

Terug naar beleggen. Beleggingsexpert Ellis constateerde 44 jaar geleden al dat er in de dertig voorgaande jaren zoveel begaafde, vastberaden en ambitieuze beleggingsprofessionals actief geworden waren met beleggen, dat het niet meer mogelijk was om te profiteren van de fouten van anderen en een bovengemiddeld rendement te behalen.

Lees ook op Business Insider

De professional concurreert niet langer met de amateur, maar met andere professionals. Ook de toegenomen kosten van actief beleggen zorgden ervoor dat het verslaan van de markt steeds onwaarschijnlijker werd. Actieve beleggers proberen door het selecteren van individuele aandelen of door het in- en uitstappen in de markt een beter rendement te halen.

Toch belegt anno 2019 het merendeel van de mensen nog steeds actief en blijft de beleggingsindustrie gebouwd op de fundamentele overtuiging dat (professionele) beleggers de markt kunnen verslaan. Wellicht heeft dit te maken een psychologische denkfout genaamd confirmation bias.

Dit komt erop neer dat wij als mensen graag vasthouden aan onze overtuigingen en bestaande theorieën en hiervoor dan ondersteunend bewijs ‘verzamelen’. Dit ondersteunende bewijs wordt ook zo nu en dan nog geleverd door een beleggingsfonds of superbelegger die wel waanzinnige rendementen haalt en beter presteert dan het marktgemiddelde.

Wees de markt

Maar tegen wie neem je het eigenlijk op, als je probeert de markt te verslaan? Wie is de markt tegenwoordig?

Als Ellis er in de jaren zeventig al van overtuigd was dat het voornamelijk professionals waren die het tegen elkaar opnamen, dan zal beleggen er vandaag de dag niet makkelijker op geworden zijn met partijen zoals pensioenfondsen, beleggingsfondsen, daghandelaren, hedgefondsen en geautomatiseerde flitshandel (high-frequency trading).

Als het verslaan van de markt dan toch zo ingewikkeld is geworden, kun je maar beter de markt ‘zijn’. De beste oplossing voor de meeste beleggers is in mijn ogen dan ook zoals de oplossing voor de amateurtennisser.

Speel conservatief en simpel, houd de bal in het spel en laat anderen de fouten maken. Vertaald naar beleggen klinkt dit erg als beleggen in Exchange Traded Funds (ETFs), maar ik ben als vermogensbeheerder die honderd procent in ETFs belegt uiteraard enigszins bevooroordeeld.

Ralf op de Weegh is oprichter en managing partner van BeSmart Vermogensbeheer. Deze column is niet bedoeld als individueel advies tot het doen van beleggingen. De auteur bezit voor eigen rekening posities in ETFs.