Bij het woord insectenboerderij denk je misschien aan akkers, schuren en modderige laarzen, niet aan een volledig geautomatiseerde high tech-fabriek in een loods op een industrieterrein. Maar dat is toch precies waar Protix, ’s werelds grootste insectenkweker, gevestigd is.

Alleen de naam ‘Protix’ op de gevel, verraadt de aard van het bedrijf in de stad Bergen op Zoom in het zuiden van Nederland, waar het insectenbedrijf sinds 2019 actief is.

Deze loods van 15.000 vierkante meter is ’s werelds grootste kwekerij van de zwarte soldaatvlieg. De vraag naar eetbare insecten – en voorzieningen als deze – neemt toe.

Op dit moment wordt vrijwel alle productie van Protix gebruikt voor diervoeding. Slechts een klein deel wordt als kunstmatige meststof gebruikt.

Dit zal veranderen naarmate vis-, pluimvee- en varkenshouders op zoek gaan naar alternatieve eiwitbronnen voor vismeel en soja. Insecteneiwit in pluimvee- en varkensvoer werd vorig jaar goedgekeurd door de EU. Die gaf ook groen licht voor de menselijke consumptie van huiskrekel, gele meelworm en treksprinkhanen.

Protix bereidt zich voor op de opening van tien nieuwe locaties voor uitbreiding in Europa en Noord-Amerika.

De fabriek in Bergen op Zoom produceerde de afgelopen twee jaar 15.000 ton levende larven per jaar. Dat is 10.000 ton eiwit per hectare per jaar. Ter vergelijking: soja produceert slechts één ton eiwit per hectare per jaar.

Dit is deels natuur, deels opvoeding. De natuur leverde de zwarte soldaatvlieg, een kampioen bio-omzetter. Protix werkte tien jaar aan de ontwikkeling van de de technologie om ze te kweken, met de overtuiging dat insecteneiwitten de milieuvoetafdruk van ons voedsel kunnen verbeteren.

Het eerste wat je opvalt als je binnenkomt - en de enige aanwijzing dat het om een kwekerij gaat - is de geur die afkomstig is van het voer van de insecten. Het deed me denken aan de geur van een hamsterkooi.

De fabriek bestaat uit secties ingedeeld naar verschillende stadia van het proces, met het als kloppend hart de verticale kwekerij. Hier leven de larven in kratten, die bijna vier meter hoog en 16 meter diep worden opgestapeld in speciale opslagruimten. De temperatuur wordt op een aangename 30 graden Celsius gehouden. 

De larven worden gestapeld in verticale opslagplaatsen van vier meter hoog en 16 meter diep. Foto: Emilie Filou
De larven worden gestapeld in verticale opslagplaatsen van vier meter hoog en 16 meter diep. Foto: Emilie Filou

Er zijn drie van dit soort opslagruimtes, gerangschikt rond een centraal transportsysteem waar het voederen en oogsten gebeurt. Technici controleren elke stap van het proces via een centrale console. Alles is hier maatwerk, van de vorm van de krat tot de bedrijfseigen software.

"Je kunt niets kant-en-klaar kopen", zegt Kees Aarts, oprichter en CEO van Protix, terwijl hij ons rondleidt door zijn fabriek.

De centrale console. Foto: Emilie Filou
De centrale console. Foto: Emilie Filou

De larven worden gevoed met bijproducten uit de levensmiddelen- en drankenindustrie, zoals aardappelafval van een fritesfabriek of graanafval.

De ingrediënten voor de larvenvoeding worden dagelijks geleverd en opgeslagen in silo's aan de achterkant van de fabriek. Vervolgens worden ze gemengd en in reusachtige mixers tot een speciale puree verwerkt.

Het voer van de larven wordt in gigantische mengers tot een speciale puree verwerkt. Foto: Emilie Filou
Het voer van de larven wordt in gigantische mengers tot een speciale puree verwerkt. Foto: Emilie Filou

De larven worden om de paar dagen gevoerd: Een stapelkraan trekt hele stapels kratten uit de opslagruimte en brengt ze naar het transportsysteem. Daar worden ze met voer gevuld en gaan vervolgens weer terug naar de verticale opslagplaats. 

Het voedsel wordt in kratten aangeleverd via een transportband. Foto: Emilie Filou
Het voedsel wordt in kratten aangeleverd via een transportband. Foto: Emilie Filou

De larven worden na slechts zes tot acht dagen geoogst. Eén procent van de larven verpopt zich tot volwassen vlieg en wordt gebruikt voor de voortplanting. Dit vindt plaats in een speciale ruimte die niet toegankelijk is voor bezoekers.

Larven. Foto: Emilie Filou
Larven. Foto: Emilie Filou

Voor het oogsten worden de kratten teruggebracht naar het centrale transportsysteem en in een reusachtige zeef gekieperd. Die scheidt de larven van het overgebleven voer voordat ze worden gewassen.

De larven worden vervolgens in een aangrenzende ruimte verwerkt. De belangrijkste producten van Protix zijn een eiwitmeel en een olie, die door middel van een centrifuge worden gescheiden. Het eiwit wordt vervolgens verpakt in bulkzakken en de olie gaat in containertanks. 

Een werknemer toont het eiwitmeel in de opslagruimte. Foto: Emilie Filou
Een werknemer toont het eiwitmeel in de opslagruimte. Foto: Emilie Filou

"Het is alsof het zaadbedrijf, de boer, de molenaar en het verpakkingsbedrijf allemaal onder één dak zitten om een eiwitmeel te produceren," zegt Aarts.

Lees meer over de voedingsindustrie: