Vluchtelingen moeten ergens slapen. Opvangclub COA sluit daarom overeenkomsten met vakantieparken om asielzoekers onder te brengen. Zo ook met de Brabantse ondernemer Peter Gillis, de keizer van de vakantiewoningen. Tijdschrift Quote volgde hem een dag. 

Geen woorden, maar daden. Dat motto staat centraal bij ondernemer Peter Gillis, schrijft hij op zijn site. “Door een flinke dosis energie en hard werken heeft hij zich ontwikkeld tot een toonaangevende ondernemer in de recreatie.”

Dat is niet gelogen. Gillis staat in de Quote 500 en is de keizer van de vakantieparken met 30.000 slaapplekken. Niemand in Nederland exploiteert zoveel vakantiehuisjes als de directeur van de Oostappen Groep Vakantieparken.

Deal met COA

En nu vangt hij er vluchtelingen in op. In december tekende Gillis een overeenkomst met het COA over de opvang van 1.200 asielzoekers in vakantiepark Droomgaard in Kaatsheuvel, minder dan een kilometer van attractiepark De Efteling.

De deal, die tot 1 april van dit jaar loopt, kan lucratief uitpakken voor Gillis. Met een dagvergoeding van het COA van 40 euro per vluchteling en volledige bezetting tot de einddatum kan hij 5,7 miljoen euro binnentikken, becijferde Quote.

“Het zal misschien om miljoenen gaan, maar het kost ook heel veel”, zegt Gillis in gesprek met het tijdschrift, dat hem een dag lang volgde voor een videoreportage. “Je kan wel zeggen: Peter, zeg maar dat je er een miljoen aan verdient. Maar dat weet je pas aan het einde van de rit.”

Waterpijpen in de supermarkt

Gillis rijdt in de reportage in zijn ‘dikke’ Mercedes, met ‘GILLIS P’ als kenteken, naar Valkenszwaard, Kaatsheuvel en het Belgische Lommel, waar vluchtelingen zijn gehuisvest in vakantieparken die hij bezit. In Lommel waren de omwonenden in eerste instantie sceptisch, vertelt Gillis. Nu zamelen ze kleding en speelgoed in voor de asielzoekers.

Lees ook op Business Insider

De opvang van vluchtelingen kan ook goed uitpakken voor de lokale economie, meent de ondernemer. De supermarkt op het vakantiepark in Kaatsheuvel boekt drie keer zoveel omzet als verwacht door de komst van de asielzoekers op het park, vertelt de filiaalleider. Het assortiment is aangepast: Arabische en Syrische producten staan bij elkaar in het schap. De supermarkt verkoopt ook waterpijpen.

Kinderen krijgen minimumsalaris

Gillis heeft naar eigen zeggen een familiebedrijf opgebouwd met hardwerkende mensen. “Niet lullen, maar gewoon doen”, zo stelt hij. Zijn twee zoons en dochter helpen mee met het runnen van de parken en nu met de opvang van vluchtelingen. Maar ze worden niet in de watten gelegd. “Mijn kinderen verdienen misschien heel veel, maar ze krijgen het minimum. Die staan voor het minimumsalaris op de loonlijst.”

Profiteert Gillis van de vluchtelingencrisis? Zo stelt de uitbater van recreatieparken het liever niet. “Ik ben natuurlijk ondernemer en iedere ondernemer probeert een paar euro’s te verdienen.” Maar Gillis moet nog zien of de opvang van vluchtelingen kostendekkend is.

Dat is volgens hem ook niet het belangrijkste. “Het belangrijkste is dat je een maatschappelijk probleem oplost”, aldus Gillis. “Als in zo’n land oorlog is en die mensen vluchten hiernaartoe, dan vind ik dat je ze een bed moet bieden.”

Bekijk hieronder de volledige reportage van vijftien minuten die Quote maakte.

1

 

Dit artikel is oorspronkelijk verschenen op z24.nl