Een Nederlandse fiscale regeling voor aftrekbare rente van leningen tussen moeder- en dochterbedrijven is in strijd met de EU-regels. Dat heeft het Europees Hof van Justitie bepaald. De uitspraak kan grote gevolgen hebben voor bedrijven in Nederland.

De voordelige regeling geldt alleen voor bedrijven in Nederland en hun dochters in Nederland, niet hun buitenlandse dochter- en zusterbedrijven. Dat is discriminatie, vinden de hoogste Europese rechters. Het is in strijd met de regels voor vrije vestiging in de EU.

Volgens het Nederlands recht geldt de renteaftrek alleen wanneer moeder- en dochterbedrijven die voor de belastingdienst een fiscale eenheid vormen alle in Nederland zijn gevestigd. Als het moederconcern een lening aan een dochter verstrekt die daarover rente aan de moeder betaalt, mag het moederbedrijf de rente van de belastbare winst bij de Nederlandse fiscus aftrekken. Bedrijven in Nederland die lenen aan dochters in het buitenland kunnen dat niet.

Vorig jaar oordeelde een hoge adviseur van het hof, de advocaat-generaal, al dat de regeling in strijd is met het EU-recht. Het hof volgt diens opinie vaak.

Strop

Het kabinet heeft daarom al een reparatiewet achter de hand. Met de uitspraak van het Hof mogen internationaal opererende bedrijven, de “gediscrimineerde bedrijven”, met terugwerkende kracht aanspraak maken op de renteaftrek. Dat zou de schatkist 400 miljoen euro kosten stelde Eric Wiebes, destijds staatssecretaris van Financiën. Een strop. Daarom wordt met een spoedwet de hele regeling geschrapt. En dat is dan weer een fiscale tegenvaller waar duizenden Nederlandse bedrijven onder lijden.

Lees ook op Business Insider