• Als Pieter Omtzigt met een eigen lijst aan de verkiezingen mee zou doen kan hij volgens opiniepeiler Maurice de Hond rekenen op 27 zetels.
  • Het CDA haalde onder lijsttrekker Wopke Hoekstra slechts 15 zetels bij de afgelopen Tweede Kamerverkiezingen.
  • Omtzigt functioneert veelal als outsider binnen zijn eigen partij, terwijl Hoekstra een typische representant is van het CDA als bestuurderspartij.

Het populaire CDA-Kamerlid Pieter Omtzigt haalde in zijn eentje al ruim 342.000 voorkeurstemmen bij de verkiezingen van maart, goed voor bijna vijf zetels.

Maar volgens een peiling van Maurice de Hond kan Omtzigt met een eigen lijst nog veel beter scoren. Hij haalt dan 27 zetels als er nieuwe Tweede Kamerverkiezingen zouden komen, blijkt uit een peiling van De Hond.

Daarmee zou hij vele malen groter zijn dan het CDA (8 zetels) en meedoen met de VVD en D66 om de podiumplekken. Het is het CDA er dan ook veel aan gelegen Omtzigt binnenboord te houden.

Lees meer: Waarom Pieter Omtzigt bij zijn collega’s in Den Haag als ‘lastpak’ geldt

Pieter Omtzigt verloor afgelopen zomer nipt de rommelig verlopen lijsttrekkersverkiezing binnen het CDA van Hugo de Jonge. Toen De Jonge zich later terugtrok als lijsttrekker schaarde Omtzigt zich achter Wopke Hoekstra. Toch maakt de enorme populariteit van Omtzigt de positie van Hoekstra niet sterker. Hun stijl en achtergrond verschillen enorm en verdelen het CDA.

De opmerking ‘Positie Omtzigt: functie elders?’ die per ongeluk te zien was in een document van ex-verkenner Kajsa Ollongren heeft tot een enorme politieke crisis geleid. VVD-premier Mark Rutte moest toegeven dat hij over de rol van Omtzigt heeft gesproken tijdens de verkenning, terwijl hij dat eerder glashard ontkende. Door de motie van afkeuring die alle partijen in de Kamer – minus de VVD – tegen Rutte aannam is het vormen van een nieuw kabinet uiterst complex geworden.

Lees meer: Rutte is ‘politiek onthoofd’ na motie van afkeuring door D66 en CDA – wil iemand nog in een kabinet met de VVD?

Maurice de Hond peilde na die politieke crisis met zijn peil.nl hoe de partijen scoren en hoe Omtzigt het zou doen als lijsttrekker van het CDA en als hij een eigen lijst begint. Als CDA-lijsttrekker zou hij 20 zetels halen, terwijl Hoekstra er vorige maand 15 haalde. Maar omdat veel mensen niet op het CDA willen stemmen, maar wel op Omtzigt zou hij met een eigen lijst met 27 zetels de grootste partij worden.

Bron: peil.nl/Maurice de Hond
Bron: peil.nl/Maurice de Hond

Ondanks dat Omtzigt zich al langer als soort van buitenstaander presenteert, stemt hij als puntje bij paaltje komt altijd trouw mee met de CDA-fractie mee. Ook hij koos er vorige week voor om niet de motie van wantrouwen tegen Rutte te steunen, maar mee te gaan met de minder zware motie van afkeuring.

Dit zijn 3 belangrijke verschillen tussen de bijkans heilig verklaarde Omtzigt en de huidige CDA-leider Wopke Hoekstra.

Lees ook op Business Insider

1. Provincie versus internationale elite

Pieter Omtzigt representeert de gewone man. Hij hamert steevast op het belang van de provincie ondanks dat hij zelf studeerde in Exeter en Rome en promotieonderzoek deed in Florence.

“Volksvertegenwoordigers moeten een schakel zijn tussen Den Haag en hun regio. Ik ben dat al vele jaren voor Oost-Nederland”, zo schrijft hij op zijn profielpagina op de website van het CDA.

Omtzigt is dan ook uiterst kritisch over hoe politiek Den Haag de werkelijkheid probeert te vangen in modellen die maar weinig te maken hebben met het echte leven. “De Nederlandse overheid is zich gaan fixeren op de modelwerkelijkheid, en de echte werkelijkheid is steeds verder uit beeld geraakt.”

Toen Omtzigt in 2012 door het CDA niet op de kieslijst werd gezet organiseerden Twentse CDA-leden een succesvolle actie om hem alsnog op de lijst te krijgen. Hij kwam toen alsnog op plaats 39 terecht. Eigenlijk een onverkiesbare plek, maar hij wist via voorkeurstemmen opnieuw in de Kamer te geraken.

Nadat in de formatiedocumenten de passage ‘functie elders’ opdook, kreeg Omtzigt vanuit alle hoeken van de samenleving steun en bijval. Er werden volgens RTV Oost massaal kaarten en e-mails naar de CDA-fractie in Enschede gestuurd en ook kregen lokale bloemisten volop telefoontjes van mensen die een boeket bij hem wilden laten bezorgen.

Wopke Hoekstra is met zijn verleden als praeses van de Leidse studentenvereniging Minerva, zijn internationale carrière bij Shell en partner bij het prestigieuze organisatieadviesbureau McKinsey juist bij uitstek een vertegenwoordiger van de (internationale) elite.

Tekenend dat hij wat ver van het gewone volk staat was volgens NRC-journaliste Lamyae Arahouay dat hij niet wist wat een kapsalon was tijdens een bezoek aan een vmbo-klas in Arnhem. Zelfs niet toen de leerlingen hem uitlegden dat het om eten gaat: “Maar wat eet je dan bij de kapper?”

Toen hij net begonnen was als minister van Financiën grapte hij in de Tweede Kamer volgens Intermediair zelf over zijn elitaire uitstraling en formele taalgebruik: “Ik heb sowieso wat bijgeleerd over het vocabulaire dat hier gangbaar is. Dat ga ik proberen tot het mijne te maken.”

2. Klassieke volksvertegenwoordiger versus klassieke bestuurder

Pieter Omtzigt is een echte volksvertegenwoordiger. Hij zit met een korte onderbreking al sinds 2003 in de Tweede Kamer en haalt keer op keer vele voorkeurstemmen binnen. Hij heeft zich in zijn loopbaan als Kamerlid niet alleen ingezet voor de slachtoffers van de Toeslagenaffaire, maar ook volop voor pensioenen en tegen seksueel misbruik en belastingfraude.

Hij pleit in zijn onlangs verschenen boek ‘Een nieuw sociaal contract’ voor meer macht voor de Tweede Kamer en voor een regionaal kiesstelsel. “Lastig doen betekent niet op een volgende lijst komen, zo hard is het in Den Haag”, zegt hij op basis van zijn eigen ervaringen binnen het CDA. “Daarom is het van belang om een regionaal kiesstelsel in te voeren, waardoor er een betere binding ontstaat tussen kiezer en gekozene en de burger en de volksvertegenwoordiger met het gezicht naar elkaar toe staan.”

Wopke Hoekstra is juist een typische representant van het CDA als bestuurderspartij. Hij was voordat hij in 2017 minister van Financiën werd nog nooit Kamerlid geweest en stond toen ook niet op de lijst voor verkiezingen.

Toen hij zich vorig jaar afmeldde voor de lijsttrekkersverkiezingen, zei hij zelf ook vooral een bestuurder te zijn. “Ik vind dat ik uiteindelijk meer een bestuurder ben dan een beroepspoliticus. Ik wil dicht bij mezelf blijven”

In zijn rol als bestuurder wordt Hoekstra erg gewaardeerd. Hij werd vorig jaar in een peiling van EenVandaag bestempeld als meest betrouwbare minister in het kabinet-Rutte III. Van alle ondervraagden zei 69 procent vertrouwen in Hoekstra te hebben. Hij werd omschrijven als ‘kundig’ en werd geprezen om de duidelijke manier waarop hij taaie kost over kan brengen.

3. Hard tegen eigen regering versus hard namens de regering

Pieter Omtzigt is gedurende zijn politieke loopbaan hard geweest op netelige dossiers, ook als dat de regering waar zijn eigen CDA inzat raakt. Het duidelijkst kwam dat naar boven in de Toeslagenaffaire. Omtzigt maakte er volgens Het Parool geen geheim van dat hij het gevoel had tegengewerkt te worden door bewindslieden van zijn eigen partij.

In zijn voorstellen voor een nieuw sociaal contract voor Nederland is Omtzigt bikkelhard over de bestuurscultuur binnen de overheid. “Wat met wortel en tak moet worden uitgeroeid, is de cultuur van het koste wat kost fouten verbergen, er tien jaar lang mee kunnen doorgaan, aan de cultuur van onvolledig voorlichten, van het blokkeren van transparantie.”

Al snel na zijn aantreden als Kamerlid in 2003 schroomde hij tot onvrede van de CDA-top niet om felle kritiek te uiten op de wel heel gulle pensioenregeling van partijgenoot Nout Wellink van De Nederlandsche Bank. Ook in zijn verdere politieke loopbaan trok hij zich weinig aan van partijbelangen als hij misstanden aan de kaak wilde stellen.

Wopke Hoekstra heeft zich tijdens zijn ministerschap ontpopt tot een harde onderhandelaar namens de regering. Zo joeg hij aan het begin van de coronacrisis Zuid-Europese landen tegen zich in het harnas door te stellen dat Nederland best solidair wil zijn, maar dat daar wel grenzen aan zitten. Hij wekte vooral woede met de suggestie dat het goed zou zijn uit te zoeken waarom sommige EU-lidstaten wel buffers hebben opgebouwd om de crisis te bestrijden en andere niet.

Ook in discussies over de meerjarenbegroting en het kopen van aandelen Air France-KLM stelde Hoekstra zich hard op namens de Nederlandse regering.

Aan de regeringsploeg is hij naar buiten toe echter uiterst loyaal. Ook toen in de coronacrisis duidelijk werd dat er in het kabinet een scheiding was tussen de bewindslieden die meer hamerden op volksgezondheid en bewindslieden zoals hijzelf die meer oog hadden voor het economisch belang. Achter de schermen knetterde het naar verluidt regelmatig, naar buiten toe verdedigde Hoekstra steeds met verve het coronabeleid. Zo noemde hij de nieuwe coronamaatregelen die afgelopen najaar moesten worden ingevoerd “heel verdrietig, maar wel onvermijdelijk”.

In de verkiezingscampagne en de politieke crisis die nu is ontstaan keerde hij zich wel tegen premier Rutte. “Het is mijn overtuiging dat de meeste mensen verwachten van ons dat we het goed regelen in Den Haag”, zei hij in het Kamerdebat over het noemen van de naam Omtzigt tijdens de verkenning. “Nu zijn we twee weken verder. En we staan voor aap, totaal maar dan ook totaal voor aap! Hoe kan het dat niemand zich herinnert wat er besproken is?”

Hoekstra diende samen met D66-leider Sigrid Kaag een breed aangenomen motie van afkeuring in tegen Rutte.

Lees meer over de Nederlandse politiek: