Arjan van Dixhoorn en Pepijn van Houwelingen van het Burgercomité EU geven het nu gewoon toe: ze zijn vooral tegen Europa. “Oekraïne kan ons natuurlijk niets schelen, dat moet u begrijpen”, aldus voorzitter Van Dixhoorn.

Dat zegt hij donderdag in NRC Handelsblad.

Het comité wil zich eigenlijk kunnen uitspreken over een Nexit, het uittreden van Nederland uit de Europese Unie, zoals de Britten dat wel kunnen gaan doen over een Brexit. “Een Nexit-referendum is tot nu toe niet mogelijk. Daarom grijpen wij alle mogelijkheden aan om de relatie tussen Nederland en de EU onder spanning te zetten”, stelt Van Dixhoorn.

Tweede Kamerlid Kees Verhoeven van D66 noemt de uitspraken “bizar en schokkend”. “De ontmaskering is compleet”, stelt Verhoeven. “De meeste Oekraïners willen vooruit. Willen meer democratie, minder corruptie, willen niet blijven hangen in het oude Sovjetsysteem. Dat de bedenkers van het referendum zeggen dat het ze helemaal niet om Oekraïne gaat, is treurigstemmend en onrechtvaardig. Iets waar ook veel tegenstanders zich ook uiterst ongemakkelijk bij zullen voelen.”

D66 is voorstander van het verdrag. “Los van het feit dat ik het volledig oneens ben met de heren, moet ik vooral denken aan de gebeurtenissen op het Maidan-plein waar Oekraïners de vrieskou en scherpschutterskogels moesten trotseren om te demonstreren voor Europese waarden als vrijheid, democratie en minder corruptie. Het is gewoonweg schandalig dat deze twee heren over de rug van Oekraïners proberen Nederland uit de EU te krijgen”, aldus Verhoeven.

Stemmen op 6 april

Nederland mag op 6 april naar de stembus om te stemmen over het associatieverdrag met Oekraïne. Het associatieverdrag is bedoeld om de economische en politieke banden met Oekraïne aan te halen en kan leiden tot een vrijhandelsakkoord. Zo hebben de EU en Oekraïne afspraken gemaakt op een groot aantal terreinen om economisch beleid en regelgeving op elkaar af te stemmen.

De handel met Oekraïne moet een opsteker krijgen doordat export- en importtarieven worden afgebouwd. Met het verdrag gaat Oekraïne verplichtingen aan om de rechtsstaat te ontwikkelen. Ook moet de overeenkomst meer bescherming bieden aan buitenlandse investeringen en samenwerking op tal van gebieden stimuleren.

De overeenkomst wordt door tegenstanders, zoals de initiatiefnemers van het niet-bindende referendum, gezien als de opmaat naar een lidmaatschap van de EU. Zij vinden dat ondemocratisch en eisen dat de burgers worden gehoord. Daarnaast zien zij Oekraïne als een instabiel land met politieke en economische problemen. Volgens tegenstanders gaat de uitbreidingsdrift in Europa ten koste van de Nederlandse democratie.

Nek-aan-nekrace

Het kabinet verwacht dat het Oekraïne-referendum een nek-aan-nekrace wordt. “De focus ligt op deze laatste week”, aldus een woordvoerder van het campagneteam van het ministerie van Buitenlandse Zaken.

Een week voor de volksraadpleging staat volgens de meeste peilingen het ja-kamp op verlies. De komende dagen moeten meer bewindslieden hun stem laten horen in kranten en op televisie. Ook via Twitter moeten zij tot de stemdag van 6 april vaker hun standpunt naar voor brengen.

“Er zijn nog een paar bewindslieden die weinig tot niets doen”, meldt een uitgelekte e-mail van het campagneteam in handen van RTL Nieuws. Volgens de woordvoerder wordt de campagne echter niet opgeschaald met het oog op de peilingen. “We voeren uit wat we van plan waren.”

In een interview met Nieuwsuur toonde premier Mark Rutte zich woensdagavond optimistisch dat “in het belang van Nederland” een meerderheid voor het verdrag met Oekraïne zal stemmen. Ook verwacht hij dat de opkomstdrempel van 30 procent voor de geldigheid van het referendum gehaald wordt.

Dit artikel is oorspronkelijk verschenen op z24.nl