“We leven in een mooi land. Daar mogen we best wat meer ons best voor doen.”

Via via hoorde ik over een ondernemer met Afghaanse achtergrond die bezig is een Nederlandse smartphone op de markt te brengen. Een Nederlandse smartphone, daar wilde ik als redacteur van Business Insider meer van weten. Het werd een bijzonder interview. En met de verkiezingen voor de deur, nog eens extra bijzonder.

Vier minuten nadat ik ben aangeschoven bij het tafeltje met David Mahmudi, komt de ober van het Amsterdamse luxe etablissement Ron Gastrobar aangewandeld. De bediende begroet Mahmudi als een vriend en begrijpt na oogcontact welke wijn hij uit de keuken moet halen. Mahmudi komt hier vaker. “Zo één keer per week.”

Mahmudi is ondernemer en distribueert grote partijen telefoons van “partners” als Samsung en Motorola, zo legt hij uit. Ook heeft hij vastgoed in Den Haag waar hij huurinkomsten uithaalt.

Drieëntwintig jaar geleden kwam Mahmudi naar Amsterdam. De 45-jarige Mahmudi studeerde vlak daarvoor nog even in Rusland maar komt oorspronkelijk uit Afghanistan. Hoewel hij goed Nederlands spreekt, verraadt het nog sterk aanwezige accent zijn Perzische achtergrond.

Waarde toevoegen voor Nederland

In principe verdient de ondernemer genoeg geld met zijn huidige business maar hij wil een Nederlandse smartphone op de markt brengen. Met name belangrijk in die missie vindt hij het ‘Nederlandse’. Hij vindt zelfs dat het móet.

“Ik wil hier waarde toevoegen. In dit land. Ik heb nooit het geld dat ik hier verdiend heb teruggestuurd naar Afghanistan. Nu wil ik nog een stapje verder gaan: een Nederlandse smartphone. En dan niets outsourcen, maar hier een mooi merk opbouwen en Nederlanders met allerlei achtergronden bij mijn bedrijf laten werken.”

Mahmudi is niet alleen gekomen, “Ali” zit naast hem. Een welbespraakte twintiger die voor hem werkt. Ali Naji is in Alkmaar geboren en woont nu in Amsterdam. Een van zijn ouders komt uit West-Afrika. Bij Ali is tot in de verste verte geen buitenlands accent te horen. Een groot contrast met de spreekstijl van Ali die soms ondeugende maar onschuldige scheldwoorden gebruikt om zijn punt te verduidelijken.

Het tweetal was een paar weken terug in China om een prototype van hun smartphone te laten maken. Dat blijkt geen grootspraak als Ali en Mahmudi de eerste versie van het ding op tafel leggen. Nu dus nog van Chinese makelij. Ali heeft er deze week Android op laten zetten.

“Het is een uniek dingetje,” vertelt Mahmudi terwijl hij alle mogelijkheden van zijn creatie aanprijst. Uniek is volgens hem bijvoorbeeld hoe de telefoon wordt ontgrendeld. Ali vraagt of ik mijn ogen voor de camera van het apparaat wil houden. “Kijk, nu herkent ‘ie jouw ogen en kun je hem zo laten ontgrendelen, puur door de herkenning van je gezicht.”

Inderdaad, het werkt. Ik hoef alleen maar naar het apparaat te kijken en het slot gaat er af . Je kan er ook voor kiezen om de telefoon met de duim naast de zijkant van het slot te halen, veel handiger dan die middenknop van iPhone en Samsung, vinden zij. Ali demonstreert dat hun apparaat dit sneller doet dan de iPhone, waarvan ook hij er nu nog een heeft.

Mahmudi gaat verder met de uitleg van zijn idee dat twee jaar geleden is ontstaan. “Samsung, Nokia, zelfs de Amerikaanse iPhone. Het wordt allemaal in Azië gemaakt. Ver weg. En nog betalen we er te veel voor. De kostprijs van zo’n ding is misschien 150 euro,” zegt Mahmudi zwaaiend met zijn iPhone. “Die andere 500 euro gaat naar de Amerikanen. Ik kan het weten, ik werk met mijn huidige business voor deze partijen.”

De Nederlandse smartphone moet goedkoper worden dan die van Apple en Samsung. Maar het belangrijkste, zo zegt hij met een glimlach: “Made in Holland”.

Nederlands patriottisme

Mahmudi vindt dat we in Nederland – zowel autochtonen als allochtonen – wat meer patriottisch moeten zijn. “Ik zie dat mensen met dure opleidingen hier werkloos thuis zitten, terwijl we voor honderden euro’s te veel Amerikaanse toestellen kopen. Dat klopt toch niet?”, zegt hij met een oprecht verbaasde blik.

De Nederlander met een migrantenachtergrond, zoals hij tegenwoordig door het CBS wordt genoemd, bestelt nog een fles wijn, en grapt nog eens met de ober, zoals hij bij elke nieuwe bestelling doet.

Dan keert hij zich weer tot mij. “Ik kan terug naar Afghanistan gaan, waar mijn familie woont. Daar zal ik niet arm zijn met wat ik nu heb. Ook mijn familie heeft daar goede banen. Maar ik moet daar wel met beveiliging van plek naar plek. Hier pak ik mijn auto, of ik loop zelfs gewoon, overal waar ik wil.”

Ook over het Nederlandse rechtssysteem is Mahmudi zeer tevreden. “Dat is in Turkije, Afghanistan of waar dan ook echt wel anders. Mensen in dit land beseffen dat niet altijd hier. We leven in een mooi land. Daar mogen we best wat meer ons best voor doen.”

Geen wrok bij Mahmudi, ondanks zijn ervaringen met banken in Nederland. “Er gaat veel geld soms in en uit mijn zakelijke rekeningen, en met mijn achternaam werd dat verdacht. Ze vermoedden terrorisme,” legt hij uit zonder er zuur bij te kijken. De zakelijke rekening van de ondernemer werd uiteindelijk geblokkeerd.

Maar dat kwam goed. “De rechters zijn eerlijk hier, we hebben het uiteindelijk opgelost.”

Turkse jongens aanspreken

Mahmudi weet ook wel dat er soms wordt gediscrimineerd, dat gebeurt volgens hem overal op de wereld. “Mensen hebben nou eenmaal vooroordelen,” zegt hij. Maar voor hem is dat nooit een reden geweest om boos te worden.

Twee dagen geleden stond hij wel tussen boze Turkse Nederlanders die aan het protesteren waren naar aanleiding van de diplomatieke rel tussen Erdogan en premier Rutte. Niet om mee te demonstreren. Hij ging het gesprek aan.

“Ik heb een paar Turkse jongens aangesproken die ik kende. Ik probeerde uit te leggen: “Je geniet hier van de goede voorzieningen en veiligheid en gaat nu achter een dictator staat die deze dingen in jouw vaderland juist niet goed regelt, waar ben je mee bezig. Toen heb ik hun bij mij op de zaak uitgenodigd en hebben we erover gepraat.”

Soms lopen we tussen de gerechten naar buiten om een sigaret te roken. Buiten voor de stoep van Ron Gastrobar staat de Porsche van Mahmudi. Hij wijst er naar als ik vraag hoe hij hier naar toe is gekomen. “Als het mooi weer is mag je die lenen hoor,” stelt hij voor. En dan lachend: “Maar de boetes betaal ik niet hè.”

Er wordt veel gelachen deze avond. Bijvoorbeeld ook wanneer er per ongeluk een muntje uit Ali’s zak valt en Mahmudi het opraapt. “Zie je hoe Nederlands ik ben”, waarna een schaterlach uitbreekt.

Binnenkort gaan Mahmudi en Ali terug naar China. Zij willen beginnen met de productie van zo’n 2000 smartphones in China. Als de verkoop van dit bescheiden aantal goed loopt in Nederland, worden het er meer. Het uiteindelijk doel is alles in Nederland laten doen. De productie, het design, de klantenservice. Alles.

Het is elf uur in de avond. Ali trekt zijn jas aan, hij moet ‘s morgens alweer vroeg op. Hij is morgen voorzitter van het stemlokaal in West. “Vergeet je paspoort en stemkaart niet he,” drukt hij mij op het hart. “Stemmen is belangrijk.”

Disclaimer: de rekening was al door Mahmudi betaald voordat uw verslaggever er erg in had. Het verzoek om mijn deel alsnog te betalen werd door hem resoluut en herhaaldelijk geweigerd.