Luister hieronder naar de audioversie van dit artikel


0:00
2:53

Nederland kent een zogenoemd progressief belastingstelsel, waarbij het tarief van de belastingheffing voor hogere inkomens hoger is dan voor lagere inkomens: inkomens onder de 69.399 euro betalen 37,07 procent belasting en voor het inkomensdeel boven deze grens is het tarief 49,5 procent.

Tegelijk kent het Nederlandse belastingstelsel tal van aftrekposten, zoals de hypotheekrenteaftrek, en zijn er zogenoemde heffingskortingen: bedragen die je in mindering mag brengen op de te betalen belasting.

De vraag is dan hoe de feitelijke belastingdruk uitpakt voor verschillende inkomensgroepen, als je dergelijke zaken meeneemt.

Uit een nieuwe studie van het Centraal Planbureau blijkt dat de belastingheffing in de praktijk niet zo ‘progressief’ werkt, als je op grond van de tariefschijven van 37 procent en 49,5 procent zou denken.

De uitkomsten hiervan zijn te zien in de onderstaande infographic.

Bron: CPB
Bron: CPB

Het CPB heeft hierbij drie inkomensgroepen gemaakt: lage inkomens met een gemiddeld jaarinkomen van 17.524 euro, middeninkomens met gemiddeld 54.865 euro aan bruto jaarinkomen en hoge inkomens met gemiddeld 142.584 euro aan bruto jaar inkomen.

De eerste groep is goed voor de helft van het totaal verdiende inkomen, de tweede groep voor 40 procent en de derde groep voor 10 procent van het totale inkomen.

Kijk je vervolgens naar de betaalde belasting (rode balkjes), dan is het wel zo dat de hogere inkomens in absolute termen meer belasting afdragen. Bij de 10 procent hoogste inkomens gaat van een gemiddeld inkomen van 142.584 euro in totaal 51.845 euro aan belasting af. Bij de laagste inkomens gaat er 9.695 euro aan belasting af op een gemiddeld inkomen van 17.524 euro.

Maar bekijk je dit procentueel, dan gaat er bij de lagere inkomens 55 procent af aan belasting en bij de hogere inkomens slechts 36 procent.

Verdere herverdeling vindt vervolgens plaats via uitkeringen van de sociale zekerheid, bijstandsregelingen en andere uitgavenregelingen van de overheid, zoals de langdurige zorg.

Hier zie je dat dergelijke uitgaveregelingen (blauwe balkjes in de infographic) goed zijn voor 129 procent van het gemiddelde inkomen van de lage inkomensgroepen en slechts 8 procent uitmaken van het inkomen van de hoge inkomensgroepen.

LEES OOK: Deel van je pensioen ineens opnemen als je stopt met werken? Let op AOW-leeftijd, waarschuwt Nibud