• Het virtualreality-kantoor van Facebook is het troosteloos ogende begin van de ‘metaverse’, het nieuwe modewoord van Silicon Valley.
  • Facebook-topman Mark Zuckerberg en anderen hebben echte wereldproblemen, zoals klimaatverandering en ongelijkheid, ingeruild voor hun smakeloze virtuele wereld.
  • Kelly Pendergrast is schrijfster, onderzoekster en mediakunstenaar in San Francisco. Voor Insider schrijft ze een opiniecolumn over ontwikkelingen in de techwereld.

OPINIE – Toen Facebook onlangs de eerste glimp van Horizon Workrooms toonde, zag het er niet uit als de toekomst die ik wil.

Workrooms, momenteel in open bèta, is Facebooks eerste poging tot een virtualreality-product voor vergaderingen. Facebook omschrijft Workrooms als een “samenwerkingservaring die mensen samen laat komen om in dezelfde virtuele ruimte te werken, ongeacht de fysieke afstand.”

Met andere woorden, het is een virtuele vergaderruimte met digitale avatars en grafische versies van de technologie die je zou verwachten van een online vergadering, zoals het delen van schermen, smartboards en samenwerking aan documenten.

Screenshots uit het recente persbericht tonen een virtuele Workroom die maar al te veel lijkt op de bakstenen kantoren die velen van ons kennen. Iedereen rond een tafel van houtfineer, TL-verlichtig boven het hoofd (of misschien energiezuinige leds) en somber grijs tapijt.

De avatars van de nonchalant geklede vergaderaars zaten achter een laptop. Sommigen zagen er betrokken uit, anderen typten afgeleid een eind weg. Geen van hen had benen, maar wie heeft benen nodig in een virtuele realiteit?

Ik kan me voorstellen dat toekomstige versies meer gevarieerde opties voor de werkruimte zullen hebben. Laten we in ieder geval hopen op avatars die niet abrupt ophouden bij de taille. Toch was ik onder de indruk van deze eerste glimp van wat Facebook-topman Mark Zuckerberg zich misschien voorstelt van de ‘metaverse’ die hij bij Facebook wil bouwen.

De focus van het bedrijf op de metaverse is één van de manieren waarop leiders in Silicon Valley afleiden van de dagelijkse, materiële omstandigheden van onze echte wereld. Ze richten zich liever op abstracte toekomsten en piepkleine oplossingen – van ruimtereizen tot kunstmatige intelligentie.

Voor de meeste mensen is de realiteit waardeloos

De ‘metaverse’ is momenteel een populair modewoord bij digitale ontwerpers, durfkapitalisten en investeerders die op zoek zijn naar het volgende grote project. Afhankelijk van naar wie je luistert, is de metaverse de virtuele wereld beschreven in Neal Stephenson’s dystopische roman ‘Snow Crash’, of “de toegangspoort tot de meeste digitale ervaringen, een belangrijk onderdeel van alle fysieke ervaringen en het volgende grote arbeidsplatform”.

Zuckerberg is nu de meest prominente aanhanger van de metaverse en omschrijft het als een “belichaming van het internet, waar je in plaats van naar content kijken, zelf in zit.”

Laten we even reëel zijn: het idee van de metaverse is niet nieuw. Het is een pakkende scifi-naam voor een interactieve digitale omgeving waar mensen en bedrijven kunnen rondhangen, apps bouwen, geld verdienen en gegevens uitwisselen. Het is Second Life met een fysieke component, of Roblox met meer vergaderingen.

De recente investeringen en interesse in zogenaamde metaverse-bedrijven en -technologie zijn echter wel opvallend. Deze geldinjecties zijn een symptoom van iets dat veel verontrustender is dan een digitale conferentieruimte: sommige van de slimste en rijkste mensen in Silicon Valley zijn klaar met onze realiteit.

Nou, niet met hun eigen realiteit, die is meestal prima. Deze bestaat vaak uit veel geld, flexibele roosters en ruime mogelijkheden voor culturele verrijking.

Maar voor de rest van ons plebs denken tech-CEO’s en durfinvesteerders dat het leven behoorlijk zwaar is. Marc Andreessen van durfkapitaalbedrijf Andreessen Horowitz noemt dit verschil “realiteitsprivilege”, een andere verwoording van het idee van technoloog Beau Cronin. Andreessen zei eerder dit jaar: “De realiteit heeft 5.000 jaar de tijd gehad om goed te worden, maar schiet duidelijk nog steeds ernstig tekort voor de meeste mensen.”

Dit idee is niet nieuw. Boeken zoals Jane McGonigal’s ‘Reality is Broken’ zetten in 2011 een teleurstellende “realiteit” tegenover spannende onlinewerelden. Terwijl de bevoorrechte enkeling “in een echte wereld leeft die rijk is van glorieuze materie”, zoals Andreessen het stelt, “heeft iedereen te maken met waardeloze banen, waardeloos loon en verschillende overlappende milieucrises.”

Op dit punt heeft hij geen ongelijk. De dreigende klimaatverandering treft ons allemaal. Daarnaast dragen de verworvenheden van de moderne wereld weinig bij aan de verbetering van het leven van iedereen die zich in het zweet werkt in een Amazonmagazijn, of diegene die door stapels e-waste graaft op zoek naar restjes edelmetaal.

De aanname dat het leven van gewone mensen universeel hopeloos en ellendig is, is een voorrecht op zich. Het onderscheid tussen “realiteit” en een online wereld is vals. Het is uiteindelijk allemaal dezelfde wereld en we moeten er allemaal in leven.

Velen in de techsector (inclusief Andreessen, Elon Musk en Jeff Bezos) geven lastige overheidsregulering en een muffe federale overheid de schuld voor het verhinderen van innovatie. Maar een volledige erkenning van de huidige ongelijkheid zou moeten leiden tot een massale heroverweging van hoe we de economie structureren en bedrijven reguleren. Dit betekent onder meer het afstoten van fossiele brandstoffen, investeren in een rechtvaardige infrastructuur en een massale herverdeling van rijkdom. We moeten weg van miljardairs en meer opkomen voor gewone mensen.

Natuurlijk is dit niet de toekomst waar Zuckerberg of Andreessen naartoe werken. Waarom zouden ze? Ze profiteren juist van de huidige ongelijkheid. In plaats daarvan steken ze geld en tijd in allesomvattende digitale ruimten. Andreessen pleit voor het bouwen van online werelden die het leven plezierig maken voor iedereen, “ongeacht het gebrek aan realiteit waarin ze zich bevinden.”

De virtuele ‘oplossing’

Tijdens de bosbranden van vorig jaar tweette ondernemer Balaji Srinivasan dat “als de fysieke wereld faalt, de digitale wereld een mogelijke oplossing biedt”. Zuckerberg beschrijft hoe de metaverse ongelijkheid helpt oplossen door “afstand af te vlakken”. Volgens hem krijgen programmeurs uit Bogotá dezelfde kansen als iemand in Palo Alto als afstand geen rol speelt: gewoon naar binnen teleporteren!

Het doel van de metaverse kan inderdaad zijn om een rijke, gevarieerde, digitale omgeving te ontwikkelen. Daarin kunnen mensen zonder “realiteitsprivilege” wat plezier vinden en vroege investeerders een gigantische hoeveelheid geld verdienen.

Maar Facebooks nieuwe uitstapje naar vr voor samenwerking laat zien dat zelfs metaverse-werkruimtes waarschijnlijk grimmige, banale replica’s zullen zijn van toch al deprimerende fysieke werkruimtes, met extra mogelijkheden om werknemers in de gaten te houden.

Zelfs met de ontberingen van COVID en de eindeloze Zoom-vergaderingen laat de gedachte mij koud om ’s ochtends met een vr-bril op een standup-vergadering bij te wonen. Het had ook Wolfenstein 3D kunnen zijn…

Als virtuele vergaderingen de toekomst zijn, zijn er andere voorbeelden van digitale samenwerkingsomgevingen die veel interessanter, verrassender en rechtvaardiger zijn dan Facebooks Workrooms. Sinds het begin van de jaren 2000 hebben docenten colleges gegeven en creatieve werkruimtes gebouwd zoals UC Davis’ Virtual Hallucination Site in Second Life, ‘Linden Lab’s 3D metaverse’.

Op het hoogtepunt van de pandemie vorig jaar ontwikkelde een groep kunstenaars en onderzoekers van de New York University gezamenlijk een opensource, live, 3D virtuele ruimte voor online bijeenkomsten, geïnspireerd op een excentrieke jaren jaren 90 tv-show.

Er zijn talloze manieren waarop mensen online werkruimten – of speelruimten – kunnen bouwen voor zichzelf. Ze kunnen deze naar eigen inzicht inrichten, als een manier om relaties en solidariteit te smeden met hun collega’s, vrienden en vreemden over de hele wereld. Virtuele realiteit en digitale ruimten maken net zo goed deel uit van de “werkelijkheid” als al het andere.

We moeten er alleen voor zorgen dat ze niet volledig worden veroverd en geëxploiteerd door dezelfde bedrijven die al zoveel van ons dagelijks leven bepalen.

LEES OOK: Facebook en Ray-Ban komen met een slimme bril, maar hij doet niet wat je zou denken