ANALYSE – Het is sinds de oorlog om de Falklandeilanden (1982) niet meer gebeurd: een zitting van het Britse Lagerhuis op zaterdag. Het komt dan ook alleen voor bij zeer belangrijke zaken die geen uitstel dulden. Zaterdag 19 oktober is dat de kersverse Brexit-deal van premier Boris Johnson.

Gaat het Johnson lukken om een meerderheid in het Lagerhuis achter zich te krijgen? Dat is cruciaal voor zijn belofte om het Verenigd Koninkrijk op 31 oktober uit de EU te laten treden.

Als we de Britse gokkantoren mogen geloven, ziet het er niet al te best uit voor Johnson. De bookmakers schatten de kans op verwerping van de Brexit-deal van Johnson en daarna een uitstel van de Brexit op ongeveer 70 procent. Dat stelt valutahandelaar Ebury vast op basis van gegevens van gokkantoren.

Tegelijk blijkt uit analyses van Britse media dat het op enkele stemmen kan hangen of de deal van Johnson een meerderheid haalt in het Lagerhuis, of niet. Voorspellen wat er zaterdag gebeurt, blijft hierdoor een hachelijke zaak, gelet op complexe verhoudingen in de Britse politiek. We nemen 9 belangrijke punten door:


De Conservatieven: in meerderheid vóór

Aan de ene kant staat premier Johnson met zijn 318 Conservatieven. Die zijn samen niet groot genoeg om de deal door te drukken, want Johnson leidt een minderheidsregering. Bovendien is het Conservatieve kamp geen eenheid.

Er is een groep van 28 eurosceptische ‘Spartanen’ die tot drie maal toe de deal van Johnson’s voorganger May hebben weggestemd. En er zijn 21 ‘onafhankelijke’ Tories die vorige maand uit de partij zijn gezet.

Van de Spartanen wordt verwacht dat ze deze keer wel voor de deal zullen stemmen. Dat probleem is dus opgelost. Maar van de onafhankelijke Conservatieven, onder wie veel pro-EU-politici van grote naam, is dat niet zeker. Drie hebben gezegd tegen te zullen stemmen.

Lees ook op Business Insider


Labour: in meerderheid tegen

Aan de andere kant staat Labour. Fractieleider Corbyn heeft al gezegd tegen de deal van Johnson te stemmen en de meeste fractieleden zullen hem daarin volgen.

Maar ook Labour is geen blok. De afgelopen jaren is de partij verscheurd over de harde, linkse koers onder Corbyn. Sindsdien zitten er een aantal ‘rebellen’ in de fractie.

Bovendien wordt er zowel bij de Conservatieven als in Labour verschillend gedacht over ‘Europa’. Premier Johnson zal dus proberen rebelse Labour-leden over te halen vóór zijn deal te stemmen – en daarmee tegen hun leider Corbyn in te gaan.

Of en in hoeverre dat gaat lukken, is nog onduidelijk. Johnson heeft veel krediet verspeeld onder deze rebellen toen hij in september het parlement buiten werking wilde stellen, hoewel hij de laatste tijd een verzoenende toon heeft aangeslagen, ook over de EU. Het overhalen van parlementsleden van Labour is een van de belangrijkste strijdperken voor Johnson.


Liberal Democrats: tegen

De LibDems zijn  altijd al zeer pro-Europese samenwerking geweest en zien geen enkele Brexit zitten. Zij willen maar één ding: een tweede referendum. Als dat gehouden zou worden, zouden de kansen voor de blijvers (Remainers) er goed uitzien. Hierover later meer.


Scottish National Party en kleine fracties: tegen

Hier heeft Johnson geen vrienden. Ze zullen zijn akkoord niet steunen.


De DUP: zij hebben de sleutel in handen

De Democratic Ulster Party is de fractie uit Noord-Ierland (Ulster). Dit is een van de zeldzame keren dat de hele wereld naar deze tien parlementsleden kijkt. En de DUP is vooralsnog tégen. Als zij niet van mening veranderen, wacht Boris Johnson zaterdag een bijna onmogelijke taak en zal hij alles uit de kast moeten halen om rebelse Labour-politici in zijn kamp te krijgen.

Analisten van ING denken per saldo dat Johnson, zoals het er nu naar uitziet, twee stemmen tekort komt om zijn deal door het Lagerhuis te loodsen.


Waarom is de DUP tegen?

Omdat Noord-Ierland volgens de deal in bepaalde opzichten losgekoppeld wordt van de rest van het VK. Van meet af aan was het grote probleem van Brexit de grens tussen Ierland en Noord-Ierland. Ierland is immers overtuigd lid van de EU.

Op het moment dat de grens tussen EU en niet-EU gebied door Ierland komt te lopen als gevolg van de Brexit, zorgt dat voor hindernissen van het economisch verkeer en uiteindelijk misschien wel het opflakkeren van het politieke geweld dat op dit eiland zo veel levens heeft gekost.

Om dat te voorkomen blijft in de deal van Johnson alles op het Ierse eiland bij het oude; geen harde grens dus.

Maar nu is die grens verschoven, namelijk naar de Ierse Zee, die het hoofdeiland van het VK scheidt van het Ierse eiland. Noord-Ierland zou onder een ander douane regime komen dan de rest van de Unie. Daarmee wordt de eenheid van het VK in zekere zin aangetast. DUP-fractieleider Arlene Foster vindt dat ‘niet in het belang van Ulster’ en lijkt niet van zins haar mening te veranderen.


Wat vindt de EU? Liefst een deal en in elk geval geen harde Brexit

De EU is tegenpartij in de deal en dus uiteraard vóór. Mocht Johnson geen meerderheid halen, dan zijn de EU-lidstaten zeer waarschijnlijk niet voor een harde Brexit op 31 oktober, maar bereid tot verder uitstel voor verder overleg. Dat heeft Donald Tusk, voorzitter van de Raad van Ministers, al gezegd.

Europese Commissie-voorzitter Jean-Claude Juncker is voor een harde Brexit als het Lagerhuis de overeenkomst verwerpt, maar hij is op weg naar de uitgang en dus minder relevant. Zijn opmerkingen lijken vooral bedoeld om de druk op te voeren op het Britse parlement om vóór te stemmen.


Dan maar weer verder onderhandelen dus?

De kans dat de Brexit-soap na zaterdag nog niet afgelopen is, is levensgroot. Maar het uitstel dat de EU-lidstaten de Britten willen geven is niet bedoeld om nog eens jaren door te modderen, maar om ze de gelegenheid te geven het probleem intern op te lossen. Dat kan langs twee manieren: verkiezingen of een tweede referendum over het EU-lidmaatschap.

Van die twee geeft alleen een referendum directe duidelijkheid. Verwacht wordt dat Johnson snel nieuwe verkiezingen zal willen uitschrijven.


Hoe liggen de kansen bij een tweede Brexit-referendum?

De opiniepeilingen geven een duidelijk beeld: bij een tweede referendum over Brexit liggen de Remainers overtuigend voor: met 53 tegen 47 procent. Dat was tijdens het eerste Brexit-referendum nog niet het geval. Dat beeld is consistent geweest de afgelopen jaren. De laatste keer dat Brexiteers als grootste partij kwamen in een opiniepeiling – en er zijn er nogal wat geweest – was in januari 2018.

Het is niet zo dat mensen die voor Brexit stemden dat nu in groten getale niet zouden doen: 86 procent zou dezelfde keuze maken. Wat wel een verschil maakt, is dat we bij een tweede referendum inmiddels weer vier jaar verder zijn, waardoor veel nieuwe kiezers bij komen: jongeren. En die zijn in overweldigende mate voor EU-lidmaatschap.

Bovendien kwamen relatief veel Britten die pro-EU zijn niet naar de stembus, omdat ze het gevaar van een Brexit onderschatten. Dat zal nu anders zijn. Het Remain-kamp zal alles doen om voorstanders van het EU-lidmaatschap te mobiliseren. Maar zo ver is het nog lang niet.


Lees ook meer over de Brexit: