Schulden kunnen een mooie aftrekpost vormen voor de vermogensbelasting. Daar valt misschien meer onder dan je denkt. Ook groene beleggingen kunnen fiscaal interessant zijn. Naast een aparte belastingvrijstelling in box 3 krijg je ook een extra korting op de inkomstenbelasting.

Het is allemaal relevant in de aanloop naar de jaarlijkse aangifte voor de inkomstenbelasting.

Ons belastingstelsel is ingedeeld in drie boxen. De aftrekposten die we in eerdere delen van deze serie bespraken hadden grotendeels betrekking op box 1, ofwel inkomen uit werk en woning.

In box 3 zit echter ook een interessante aftrekpost: eventuele schulden. Ben je bijvoorbeeld erfbelasting verschuldigd, maar heb je dit bedrag nog niet overgemaakt, dan mag je dat in mindering brengen op je vermogen. Houd wel rekening met een minimale drempel van 3.000 euro. Is een roodstand van 100 euro je enige schuld, dan mag je dat dus niet in mindering brengen op je vermogen.

Wat is wel en niet aftrekbaar in box 3? Lees het in deel 5 van de jaarlijkse serie van Business Insider over fiscale aftrekposten.

Box 1: inkomen uit werk en huis

De tarieven voor de verschillende belastingschijven in box 1 (belastbaar inkomen uit werk en woning) bedroegen vorig jaar respectievelijk 36,55 procent (laagste schijf), 40,4 procent (middelste twee schijven) en 52 procent (hoogste schijf).

Box 2: inkomen uit aanmerkelijk belang

In box 2 valt het belastbaar inkomen uit aanmerkelijk belang, voor ondernemers die minimaal 5 procent van de aandelen van hun bv bezitten. Het tarief voor deze box bedroeg afgelopen jaar 25 procent.

Lees ook op Business Insider

Box 3: sparen, beleggen

De waarde van je spaargeld en aandelen in Nederland en het buitenland moet je aangeven in box 3: inkomen uit sparen en beleggen. Dit jaar zijn de belastingtarieven grondig op de schop gegaan, maar over 2016 betaalt iedereen nog het oude tarief. Dit betekent dat je over je vermogen per saldo 1,2 procent moet afdragen aan de fiscus (30 procent belasting over een fictief rendement van 4 procent op je totale vermogen). Het gaat hierbij om de waarde van je bezittingen en schulden op 1 januari 2016.

Heb je minderjarige kinderen, dan moet jij belasting betalen over hun vermogen. Dit geldt alleen voor kinderen die op 1 januari 2016 nog geen 18 jaar waren. Meerderjarige kinderen moeten zelf belasting betalen over hun vermogen, als dat tenminste uitkomt boven het heffingvrije vermogen.

Was je in heel 2016 gescheiden en staan jij en je ex-partner niet op hetzelfde adres ingeschreven, dan moet elke ouder de helft van de bezittingen en schulden van de kinderen aangeven.

Ook vakantiehuisje valt hieronder

Behalve het saldo op spaar- en beleggingsrekeningen moet je ook geld opgeven dat je hebt uitgeleend, zoals een schenking op papier.

Ook een vakantiehuisje valt onder het vermogen in box 3. Dit geldt ook voor een huis dat je verhuurt in afwachting van een koper, maar dit valt niet onder de categorie ‘tweede woning’, maar onder de categorie ‘overige roerende zaken’. Voor beide type woningen moet je de woz-waarde vermelden, met als waardepeildatum 1 januari 2015. Heb je een vakantiehuisje over de grens, dan geldt de waarde in het economisch verkeer, wederom van 1 januari 2015.

Heb je een koopappartement en ben je lid van een Vereniging van Eigenaren (VvE), dan moet je ook jouw aandeel in het vermogen van de VvE (dat wordt gebruikt om bijvoorbeeld het gebouw en een eventuele lift te onderhouden en schoon te maken) per 1 januari 2016 opgeven.

… en zelfs cadeaubonnen

Het is de vraag of veel Nederlanders dit doen, maar wist je dat je zelfs contant geld en cadeaubonnen moet opgeven? Hiervoor geldt wel een vrijstelling van 520 euro (of het dubbele als je een fiscaal partner hebt). Ook eventuele bitcoins moet je opgeven. Hier vul je de waarde in het economisch verkeer op 1 januari 2016 weer.

Wat hoef je niet op te geven?

Rente die je op je spaarrekening wel hebt opgebouwd, maar nog niet is bijgeschreven hoef je niet op te geven. Alleen je werkelijke banktegoed telt.

Ook gewone spullen, zoals een auto of de inventaris, hoef je niet bij je vermogen in box 3 op te tellen. Dit geldt eveneens voor kunstvoorwerpen, tenzij deze als belegging zijn bedoeld. Verder is de vrijstelling voor de spaarloonregeling per 1 januari 2016 vervallen.

Als een van je ouders is overleden en jij een vordering op de overgebleven ouder hebt die niet opeisbaar is, moet deze langstlevende ouder inkomstenbelasting betalen over de hele nalatenschap. Jijzelf hoeft deze bezittingen dus niet aan te geven in box 3. De overgebleven ouder mag de schuld aan jou helaas niet aangeven in box 3.

Hoe zit het met je en/of rekening?

Heb je een en/of rekening, dan hangt het van relatie met de andere rekeninghouder welke waarde je opgeeft. Deel je de rekening met je fiscale partner, dan moet je allebei het volledige saldo opgeven. Deel je de rekening met iemand anders, bijvoorbeeld je moeder, dan moet je alleen het deel van de rekening aangeven dat van jou is: het bedrag dat je zelf hebt gestort of dat een ander namens jou heeft gestort.

Schulden

Van je vermogen in box 3 mag je eventuele schulden aftrekken, voor zover deze uitkomen boven een drempel. Die drempel bedraagt 3.000 euro of het dubbele als je een fiscaal partner hebt.

Het kan om verschillende soorten schulden gaan: een lening voor een auto, roodstand bij de bank, toeslagen die je moet terugbetalen, erfbelasting die je nog verschuldigd bent, een schuld door een schenking op papier, kinderalimentatie, een studieschuld waarvoor je geen aftrek had of een studieschuld die na 1 september 2015 is ontstaan. Ook kinderalimentatie is aftrekbaar van je vermogen, maar wel voor het laatste jaar.

Niet alle schulden mag je opgeven. Belastingschulden vallen er over het algemeen buiten, met uitzondering van erfbelasting die je nog verschuldigd bent. Een belastingschuld van een voorlopige aanslag is onder voorwaarden aftrekbaar. Een hypotheekschuld voor het huis waar je woont geef je niet op in box 3, maar in box 1.

Alleen belasting over vermogen boven drempel

Je mag gebruik maken van een heffingvrij vermogen: een bedrag waarover je geen belasting hoeft te betalen. Dit bedraagt 24.437 euro (of het dubbele voor fiscaal partners). Kwam het verschil tussen bezittingen en schulden op 1 januari 2015 boven deze drempel uit, dan moet je over het restant per saldo 1,2 procent vermogensbelasting betalen.

De ouderentoeslag is per 1 januari 2016 vervallen. Je mag zelf weten hoe je de waarde van het gezamenlijke vermogen van jou en je fiscaal partner op je aangifte verdeelt, zolang alles maar is opgegeven.

Groene beleggingen: extra fiscaal voordeel

De Belastingdienst komt beleggers die hun geld steken in door de fiscus erkende fondsen die investeren in projecten voor milieubescherming tegemoet met een aparte vrijstelling op de vermogensbelasting en een aanvullende heffingskorting.

De vrijstelling bedraagt 57.213 euro. Je hoeft alleen belasting te betalen als de waarde van deze beleggingen boven dit bedrag uitkomt. Daarnaast krijg je een korting op de te betalen inkomstenbelasting van 0,7 procent over het saldo op deze groenrekening tot een maximum van 57.213 euro (of het dubbele als je een fiscaal partner hebt).

Ben je benieuwd welke beleggingen hieronder vallen? Kijk dan naar dit overzicht van de Belastingdienst.

LEES OOK: Slimme aftrekposten 2016: je ziektekosten

MIS OOK NIET: Slimme aftrekposten 2016: giften, erfenis en kinderopvang