Het kabinet en de gezondheidszorg willen samen snoeien in het oerwoud van regels in de zorg.

Ze hebben een actieplan opgesteld dat ervoor moet zorgen dat de administratieve rompslomp voor zorgverleners ieder jaar moet verminderen.

Zo moeten zij meer tijd krijgen voor patiënten en meer plezier in hun werk, wat weer meer mensen kan overtuigen om voor een baan in de zorg te kiezen.

Artsen en verpleegkundigen besteden tot hun grote ergernis gemiddeld 40 procent van hun tijd aan administratie. Van ruim de helft daarvan zien ze het nut niet in.

In het nieuwe actieplan staat niet per se het schrappen van zoveel mogelijk regels voorop, maar het verlichten van de druk die artsen en verpleegkundigen daardoor voelen.

Regels stroomlijnen

Er is onder andere afgesproken dat ziekenhuizen stoppen zaken dubbel te registreren. Ook hoeven huisartsen niet meer elk jaar hulpmiddelen voor chronische aandoeningen aan te vragen.

Verzekeraars gaan verder dezelfde regels gebruiken voor declaraties in hun contracten met zorgverleners. Dat scheelt verzekeraar en zorgverlener veel werk.

Ook verdwijnt de gehate vijfminutenregistratie in de wijkverpleging, waardoor verpleegkundigen van iedere vijf minuten moesten opgeven waaraan ze die hebben besteed. Die maatregel laat meteen zien hoe taai het probleem is: het einde van de vijfminutenregel is al meermalen aangekondigd, maar bijvoorbeeld zorgverzekeraars blijken er toch aan gehecht.

Schrapsessies

De verstikkende regels komen niet alleen uit Den Haag, maar ook van de inspectie, van zorgverzekeraars en van zorginstellingen zelf.

Verantwoordelijk ministers Hugo de Jonge en Bruno Bruins en staatssecretaris Paul Blokhuis beloven in ieder geval dat zij zich zullen beheersen en alleen als het echt nodig is nog nieuwe regels opleggen.

De afgelopen maanden zette de zorg tijdens zogeheten schrapsessies op een rij welke regels wel gemist kunnen worden. Dat leverde tientallen voorbeelden op, waarvan er heel wat in het actieplan zijn terechtgekomen.